Reportage

Snuiven en slikken in Buenos Aires

Seks, Drugs & Reggaeton: redactrice Arkasha reist door Brazilië

Snuiven en slikken in Buenos Aires

Redactrice Arkasha reist een paar maanden door Zuid-Amerika. Tijdens haar zoektocht naar de mooiste plekjes van het continent vraagt ze latino’s en latina’s langs de neus weg of ze de drugscultuur in hun land ook zelf opsnuiven. Voor dit stuk doorkruiste ze Buenos Aires op de motor, van het centrum naar de sloppenwijken en terug. Onderweg praatte ze met verschillende types drugsgebruikers en hulpverleners. Wat denken deze mensen over de illegale witte en groene goedjes die in de stad circuleren?

Ik reis van Colombia door Peru en Bolivia richting Argentinië. Zo passeer ik niet alleen het Andesgebergte, maar ook heel wat reizigers die de omgekeerde weg aflegden. Ik trek naar Buenos Aires, zij startten er hun reis. En ze namen wilde verhalen mee. Over de feestjes, waar vrijheid blijheid heerst. Over samenhorigheid en gevierde teugels. Over alles kan en alles mag. Over drugs; de beste coke die ze ooit gesnoven hebben. Over de geur van weed op straat.

“Tussen 2001 en 2011 steeg het gebruik van  extasy (XTC) onder jongeren met 1200%.”

Bij ons doet elektronische muziek het al een paar decennia goed, in Argentinië won elektronische muziek pas de laatste jaren aan populariteit. En het opkomende gebruik van synthetische drugs lijkt daar mee in verband te staan. Een overheidsstudie wijst uit dat zo’n 2,5% van de jongeren in Buenos Aires tussen de 12 en de 18 jaar in het jaar 2014 een pilletje extasy had gebruikt. Andere officiële cijfers liegen er ook niet om. Tussen 2001 en 2011 is het gebruik van marihuana onder jongeren met 100% gestegen, het gebruik van cocaïne met 300% en het gebruik van extasy (XTC) met 1200%.

Die snelle stijging heeft gevolgen. De bittere pil kwam een jaar geleden.

Op 15 april van vorig jaar gingen vijf Argentijnse twintigers naar ‘Time Warp’, een van oorsprong Duits muziekfestival dat werd georganiseerd in Buenos Aires. Eenmaal binnen namen ze een pilletje extasy. En ze stierven daaraan. Nog vijf anderen werden in kritische toestand naar het ziekenhuis afgevoerd. En de stad nam daarop een radicale beslissing: tot er een nieuw plan op tafel lag omtrent uitgaanscultuur, werden heel wat elektronische feestjes afgelast.

Negen maanden later, afgelopen februari, lag er een nieuwe wet klaar. Hij legt strengere regels op aan feestjes die meer dan 1000 mensen verwachten. Zo moeten er nu meer hulpdiensten aanwezig zijn dan voordien en moet er gratis drinkwater beschikbaar zijn voor de feestgangers.

Er mag dus weer opnieuw worden gefuifd in Buenos Aires, maar als ik afga op de verhalen van de reizigers die ik kruiste, wordt er wél nog volop geblowd en gesnoven.

In de hoop meer te weten te komen over Buenos Aires’ situatie, praat ik met verschillende porteños – de roepnaam voor Argentijnen uit Buenos Aires. Allemaal hebben ze een andere houding ten aanzien van drugs. Andy (23) blowt en gebruikt af en toe synthetische drugs wanneer hij uitgaat. Araceli (45) is hulpverlener bij ‘lijn 108’, een hulplijn voor verslaafden binnen de stad. Ik leer hen beiden kennen via Oscar (42), een ambtenaar bij de stad Buenos Aires. Hij rijdt me op zijn motor rond door Buenos Aires. Samen gaan we naar een afkickkliniek, waar hij handig gesprekken aanknoopt met verslaafden die zich er vrijwillig lieten opnemen. De zon schijnt, de motor ronkt, de wind waait door onze haren, we vliegen door de stad. Maar de vragen in mijn hoofd blijven stevig zitten, tot ik er in de loop van verschillende gesprekken antwoorden op vind.

Oscar rijdt me op de motor rond in Buenos Aires

Vraag 1: Waar komen de drugs vandaan?

Andy is de eerste die ik interview. Hij is 23, heeft roze geverfde haren en piercings. En hij houdt van elektronische muziek. Wanneer ik hem vraag waar de drugs die hij neemt vandaan komen, kan hij geen antwoord geven. Hij zegt over zichzelf dat hij daar vrij naïef in is. Het zijn z’n vrienden die de drugs aankopen. Hij weet niet waar ze worden geproduceerd, hoe ze worden getransporteerd en hoe ze bij hem terechtkomen. Hulpverlener Araceli vertelt me dat de drugs vooral in armere, maar vruchtbare buurlanden als Bolivië en Paraguay worden gekweekt of geproduceerd, en dan illegaal over de grens worden getransporteerd. Oscar staat haar bij. “Af en toe vindt de politie werkruimtes in Argentinië waar drugs worden geproduceerd, maar er wordt vooral veel ingevoerd aan de grenzen. Argentinië is eigenlijk een transitland. De drugs komen uit Bolivië, Colombia, Mexico en Paraguay en ze worden naar hier verscheept. Dat zijn de ladingen die de politie het vaakst confisqueert. Dat is tenminste wat er door de media wordt verspreid.”

“Volgens mij is niet het gebruik van drugs, maar het misbruik ervan het grootste probleem in onze stad.”

Het verdelen van de drugs gebeurt volgens Oscar in de sloppenwijken van de stad. “De dealers zijn verslaafden die met het dealen hun eigen drugs bekostigen.” Andy moet denken aan de moeder van een vriend van hem. “Ze dealt, en heeft zelf ook verslavings- en psychische problemen. Maar ik weet niet of dat voor alle dealers geldt.” Araceli denkt van niet. “Wat ik hoor is dat degenen die verkopen verstandig genoeg zijn om niet voluit te gebruiken. Ze weten wat die drugs doen met je hoofd en zijn slimmer dan dat.”

Vraag 2: Wie zijn de gebruikers?

Andy

Tijdens de gesprekken ontwaar ik verschillende types gebruikers. Andy is het schoolvoorbeeld van de jonge twintiger die houdt van uitgaan, zich omringt met vrienden en af en toe drugs gebruikt om zijn danspassen en gevoel voor muziek intenser te maken. “Ik doe aan drugs, maar ik ken echt m’n grenzen. Ik gebruik vooral marihuana, maar soms ook extasy of LSD. Geen cocaïne, omdat het zo verslavend is. En ik doe het enkel bij mensen bij wie ik me op mijn gemak voel. Volgens mij is ook niet het gebruik van drugs, maar het misbruik ervan het grootste probleem in onze stad.”

“Het is vaak zo dat mensen naar middelen grijpen op het moment dat er iets ernstigs gebeurt in hun leven.”

En dat brengt me bij een ander type gebruiker, de verslaafden waar Araceli dagelijks mee belt. Ik vraag haar wat de redenen zijn dat mensen verslaafd raken. “Dat is heel uiteenlopend. Soms ligt het aan de opvoeding, aan ouders die niet omkijken naar hun kinderen. En die kinderen trekken de straat op en komen daar in contact met drugs. Maar het is ook vaak zo dat mensen naar middelen grijpen op het moment dat er iets ernstigs gebeurt in hun leven. Dat ze hun job of hun partner verliezen. Ze leiden vaak een strikt leven waarin alles loopt zoals het moet zijn. En dan gebeurt er iets wat hen helemaal van de kaart brengt, en dan grijpen ze naar middelen, vaak is dat alcohol, soms ook andere drugs. En vaak wachten mensen ook te lang voor ze hulp zoeken. Ze bellen pas als hun probleem echt al vergevorderd is.” Araceli verwijst hen door naar specialisten of hulpgroepen, en ook naar de voorgenoemde instelling waarin mensen zich vrijwillig laten opnemen. Oscar en ik rijden er heen.

Araceli

De verslaafden met wie we spreken komen allemaal uit een hachelijke situatie. Ze wonen in sloppenwijken, en worden omringd door alcohol- en drugsmisbruik. In de instelling krijgen ze een team van therapeuten, dokters en psychiaters toegewezen die zich om hen bekommeren. “Het is net een hotel,” zegt de eerste man met wie Oscar en ik een praatje slaan, “iedereen heeft hier een individuele kamer.” Een dame bevestigt. “De kamers zijn wit, het bed is wit. Het is hier rustig, er is niks, er zijn geen andere stimulansen. Het marginale glijdt hier van je af.”

Vraag 3: Wat doet drugsgebruik met een samenleving?

Na de afkickkliniek rijd ik met Oscar langs de sloppenwijken die erom bekendstaan grote drugsproblemen te hebben. Op straat worden hoopjes rondzwervend afval afgewisseld door samengesjorde kraampjes waarin mensen fastfood of fruit verkopen. De huizen zijn onafgewerkte koterijen uit baksteen en cement. Mensen zitten op straat in plastieken stoelen. We rijden er stilletjes voorbij, naar een meer afgelegen weg, waar een paar uitgemergelde prostituees aan de kant hangen. Ze zijn broodmager en hun gezicht is ingevallen door de drugs. Wellicht hebben ze niet meer lang te leven.

Volgens Araceli is de straat het allergevaarlijkst. “Mensen die zonder werk en daardoor zonder huis vallen, komen er in contact met verslaafden. Op straat dealen de mensen alles wat ze te pakken krijgen. En als je zelf onder invloed bent, ben je ook vatbaarder om iets anders te proberen. Zo raken anderen verslaafd, of krijgen ze er een nieuwe verslaving bij.”

“Het ziet er allemaal mooi uit langs de buitenkant, maar in de stad lopen kindjes van acht jaar rond die verslaafd zijn.”

Na de sloppenwijken rijden Oscar en ik de veiligere en mooiere buurten van Buenos Aires weer in. Er duiken kleurrijke affiches en slogans op over de stad. Ik vertel hem dat het voor mij als buitenstaander heel duidelijk is dat de stad inzet op citymarketing. “Ja, dat is zo,” zegt hij, “maar ik denk dat al het geld dat daar wordt ingestopt nuttiger zou kunnen worden besteed. Aan drugspreventie en gezondheid bijvoorbeeld. Het ziet er allemaal mooi uit langs de buitenkant, maar in de stad lopen kindjes van acht jaar rond die verslaafd zijn. Er zijn plekken zoals de instelling waar we heengingen, waar ze mensen helpen, maar er zijn er niet genoeg.”

Spelende kinderen in Villa 31, een van de bekendere sloppenwijken. Foto Luis Henriquez.

En Oscar is niet de enige die er zo over denkt. Ook in de media gaan er stemmen op die hem bijstaan. In dit opiniestuk van digitaal media-agentschap Enorsai krijgt het bestuur van Buenos Aires rake klappen. Ik vertaal een passage:

“Er is een gebrek aan projecten die gericht zijn op het oplossen van echte maatschappelijke problemen: de behoefte aan fatsoenlijk werk, het verbeteren van de levenskwaliteit, huisvestingsbeleid, buurtveiligheid, de toegang tot vacatures in openbare scholen, structurele gezondheidsprogramma’s en integratieprogramma’s voor de meest kwetsbare sectoren. In Buenos Aires wordt nu alles vereenvoudigd tot de politiek van slogan, grafisch ontwerp en sociale media.”

Verder in het artikel wordt geponeerd dat plannen om het leven van de meest kwetsbare groepen te verbeteren, vaak geen stemmen opleveren in de stadspolitiek, en dat dit dus de groepen zijn waarin minder wordt geïnvesteerd. Het stuk beweert dat de stad op dit moment te weinig investeert in essentiële dingen, en te veel in hoe ze wordt gepercipieerd.

Vraag 4: Is het een goed idee om drugs te legaliseren?

Volgens Andy zijn er voor- en nadelen aan verbonden aan het legaliseren van drugs. “Ik denk dat dit land er niet klaar voor is om drugs te legaliseren, omdat de mensen er te weinig over weten. Er ontbreekt een bewustzijn wat nodig is om gecontroleerd en veilig met drugs om te gaan. Als drugs hier zouden gelegaliseerd worden, zou het wel mogelijk zijn om mensen en kinderen beter te informeren, maar zouden de drugs misschien ook door meer mensen en jongere mensen worden gebruikt. Het is niet verstandig om drugs te legaliseren zonder een gigantische campagne te voeren rond bewustzijn en hulp. Maar het lijkt me ook belachelijk om iets te verbieden wat al wijdverspreid in de maatschappij aanwezig is. Je kan wel cursussen aanbieden of gesprekken houden, op school bijvoorbeeld, waarin je uitlegt wat de verschillende drugs inhouden. Op Youtube is er een kanaal dat ‘drugslab’ heet. De mensen daar nemen verschillende drugs en vertellen in klare taal welke effecten ze hebben. Ze vertellen welke dingen je kan doen en welke je zeker niet mag doen. Dat vind ik interessant. Zo informeer je mensen op een niet-formele manier. Misschien gaan mensen die goed geïnformeerd zijn er net voorzichtiger en bewuster mee om.”

“Maatschappelijke problemen verdoezelen onder een laagje glanzende citymarketing, dat werkt voor de inwoners van Buenos Aires niet.”

Araceli is ervan overtuigd dat de drugsconsumptie niet zal stoppen, ook niet bij strengere maatregels. “Wie drugs wil consumeren, zal dat doen. Maar als je het legaliseert, weet je tenminste wat je consumeert, want dan wordt het gecontroleerd. Persoonlijk moet ik er niks van weten. Legaal of illegaal, het is slecht voor je hoofd. Maar bij legalisatie weten de mensen die het kopen ten minste wat ze kopen.”

Volgens Buenos Aires’ inwoners is er dus nog werk aan de winkel. Maatschappelijke problemen verdoezelen onder een laagje glanzende citymarketing, dat werkt voor hen niet. Water uitdelen op elektronische feestjes is niet genoeg en de feestjes verbieden is te radicaal. Het drugsgebruik niet proberen verdoezelen, maar ermee aan de slag gaan en openlijk dialoog en preventiecampagnes voeren, dat willen Oscar, Andy en Araceli zien.

 

De officiële cijfers van de studie over het drugsgebruik onder jongeren in Buenos Aires vergelijken het jaar 2001 met het jaar 2011. Enkele feiten:

  • Extacy was is 2001 de minst gebruikte drug, maar had met 1200% de sterkste stijging over een periode van 10 jaar. Jongeren die extasy hadden gebruikt, vertelden dat zij gemiddeld 2,2 pilletjes per avond gebruikten. Zo’n 40% van de jongeren die extasy hadden gebruikt, gebruikten 3 pilletjes of meer op één avond.
  • Midden jaren ’90 gebeurden de meeste overdosissen bij mensen tussen de 31 en de 35 jaar. In 2011 was die leeftijd verschoven naar tussen de 16 en de 20 jaar. Mensen beginnen met drugs het vaakst wanneer ze adolescent zijn. 11,6% van de gebruikers gebruikte de eerste keer op 12-jarige leeftijd, 20,7% op 13-jarige leeftijd.
  • De helft van de jongeren in de provincie Buenos Aires gaf aan occasioneel drugs te gebruiken zoals marihuana, cocaïne, paco (vergelijkbaar met crack) of extasy. 25% van de studenten gaf aan dat wekelijks of dagelijks te doen.
  • De studie wees uit dat 43% van de patiënten die zichzelf lieten opnemen om van hun verslaving af te raken aangaf dat marihuana de drug was waar ze eerst mee in contact kwamen en die naar het gebruik van andere drugs leidde. 30% van de patiënten gaf aan dat cocaïne de drug was waaraan ze ernstig verslaafd raakten en daarom hulp zochten.

 

Lees de hele reeks Seks, Drugs & Reggaeton hier
Foto boven: Istock

Schrijf je reactie

    Arkasha Keysers is freelance journaliste, copywriter en vertaler. Ze houdt van film, reizen, dansen en mensen. Door haar hogere studies heeft ze veel geleerd, maar net zo veel door in een café te werken, naar Spanje te verhuizen en Zuid-Amerika te doorkruisen met de rugzak. Schrijven vindt ze een dankbaar beroep, want de slechtste ervaringen zijn vaak de beste verhalen.

    Lees verder in Wereld

    Colofon

    Adres Redactie

    Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
    Statiestraat 139
    2600 Antwerpen