Portret

“Ik wil ook rokjes en leggings kunnen dragen zonder dat iedereen me aanstaart”

Michèle werd geboren met anderhalf been

“Ik wil ook rokjes en leggings kunnen dragen zonder dat iedereen me aanstaart”

Karamelkleurige huid, volle bos donker haar, warme lach en een prachtige bek met stralend witte tanden. Ik kom Michèle (24) regelmatig tegen in de stad. Onlangs viel me op dat ze niet helemaal recht loopt. Ze lijkt lichtjes met haar rechterbeen te slepen. Gefascineerd door haar verschijning, besluit ik haar te vragen hoe dat komt. “Ik heb maar één been,” antwoordt ze. De week erna zit ik bij Michèle (24) op de bank met een kop thee…

Michèle, je hebt maar één been. Hoe komt dat?
“Nou eigenlijk heb ik anderhalf been. Ik mis mijn rechterbovenbeen waardoor mijn knie in mijn dij begint. Dat korte been wordt verlengd met een prothese. Vandaar dat ik zo loop. Ik ben zo geboren. Er is iets misgegaan tijdens de derde maand van mijn moeders zwangerschap. Wat precies, weet ik niet. Heb nog niet echt de moed gehad om mezelf daarin te verdiepen. Ik heb het er best moeilijk mee, weet je…”

Wat vind je er precies zo moeilijk aan?
“Het zit vooral in mijn hoofd. Fysiek heb ik er niet echt last van. Met mijn prothese kan ik zo goed als alles. Fietsen, wandelen, zwemmen. Alleen rennen is een beetje onhandig. Buiten rugklachten heb ik niet veel pijn. Maar ik heb gewoon altijd al het gevoel gehad dat er iets mis met me is. Het gevoel dat ik anders ben dan de anderen, legt een groot beslag op mijn leven. Ik ben al tien jaar in therapie en vorig jaar is er borderline bij me geconstateerd. Dat heeft allemaal te maken met mijn been. Of ja, met hoe ik er mee omga. Mijn focus is niet goed. Ik wijt al mijn problemen aan dat deeltje van mezelf, terwijl ik, rationeel gezien, ook wel weet dat dat niet altijd terecht is.”

Over wat voor problemen heb je het dan?
“Ik heb soms moeite met vriendschappen onderhouden. Omdat ik me anders voel, trek ik vaak een muur op uit zelfbescherming. Ik duw mensen die te dichtbij komen weg, dan kunnen ze mij al niet meer verlaten, zeg maar. Als je mij ziet lopen, lijkt het alsof ik altijd vrolijk ben. Maar dat is een masker waarmee ik probeer te voorkomen dat mensen mij kwetsen.”

Tijdens mijn tienerjaren kwam ik vaak huilend thuis van school omdat ik mijn been zo erg haatte.

Op welke leeftijd besefte je dat je anders was?
“Vanaf het moment dat ik begon te lopen, droeg ik een prothese. Als kind ging ik naar een uniformschool waar ik een rokje moest dragen. Ik wist dus altijd al wel dat ik afweek van de norm. Toen ik een jaar of vijf was kwam ik in een boze fase waarbij ik mijn kunstbeen constant van me af gooide. Maar de echte klap kwam tijdens mijn puberteit. Vriendinnen kregen vriendjes, uiterlijk werd steeds belangrijker. Ook ik hou ervan om me mooi te maken en ben veel bezig met kleding. Ik wilde ook mooie benen hebben en een rokje of legging kunnen dragen zonder dat ik het gevoel had dat iedereen me aanstaarde. Tijdens mijn tienerjaren kwam ik vaak huilend thuis van school omdat ik mijn been zo erg haatte.”

Jeetje. Vind je het moeilijk om er met me over te praten?
“Nee, ik heb door de jaren heen wel geleerd om ermee om te gaan. Ik zeg het ook eerlijk als mensen ernaar vragen. Vroeger moest ik op de eerste schooldag altijd vooraan in de klas gaan vertellen wat er met me aan de hand was. Dat was pittig maar ik ben blij dat mijn moeder me ertoe bleef aansporen het te doen. Zo wist iedereen het meteen en vertelden ze dat ook aan de rest door. Dat vond ik fijn, zo moest ik dat niet meer doen. Niet dat ik dat heel erg vind, maar het is soms wel vermoeiend of zo.”

Doen mensen er wel eens lullig over?
“Nee, niet echt. Ik ben er nooit echt mee gepest en mijn vrienden hebben er nooit raar over gedaan. Natuurlijk is het wel eens gebeurd dat als ik als kind ruzie had, mensen mij probeerden te pakken op mijn zwakke plek door mij na te doen. Gelukkig waren er op die momenten altijd mensen die het voor me opnamen. En ja, op straat kijken mensen natuurlijk. Festivals zijn voor mij confronterend omdat dronken mensen mij vaak op de man af vragen “Waarom loopt gij mank?”. Als ik een goeie dag heb, kan ik daar heel bijdehand op reageren en doet het me weinig. Maar op slechte dagen, hakt het er wel in. Dan sluit ik mezelf soms dagen op om de confrontaties en starende blikken uit de weg te gaan.”

Soms sluit ik mezelf dagen op om de confrontaties en starende blikken uit de weg te gaan.

Wow, heftig. Hoe leer je hiermee dealen? Je zei dat je in therapie bent?
“Ja, klopt. Vorig jaar kwam ik in een crisis terecht en ben ik opgenomen. Het is echt werken aan mezelf. Tijdens de therapie gaat het eigenlijk vaker over hoe ik me voel als persoon dan dat het over mijn been gaat. Het zit diep. Ik blijf me, ondanks die hulp, zo anders voelen. Wat mij wel helpt, is als leeftijdsgenoten me zeggen dat ze het niet aan me zien. Van mijn familie vind ik het moeilijker om aan te nemen. Omdat ik denk dat zij dat zeggen omdat het zo hoort.

Wat ik trouwens nooit echt helemaal heb begrepen, zijn die body positivity dingen. Ik denk dan vaak: kijk eens naar mij, waar doen jullie moeilijk over? Ik kan er, zeg maar, niet echt mee relaten. Bovendien lijken die mensen alleen maar te roepen van ‘Kijk, wij zijn wél mooi’ in plaats van echt naar het onderliggende probleem te kijken. Waarom ze zich voelen zoals ze zich voelen. Nu wordt het taboe, voor mijn gevoel, een beetje overschreeuwd waardoor je het juist in stand houdt… Hoewel iedereen er natuurlijk op zijn of haar eigen manier mee omgaat.”

Er zijn zo veel dingen in het leven belangrijker dan hoe je eruit ziet.

Denk je dat je je been ooit helemaal zal kunnen accepteren?
“Dat weet ik nog niet. Ik merk wel dat hoe ouder ik word, hoe beter het gaat. De therapie helpt mij enorm. Je leert ermee leven, lijkt wel. Bij de pakken neer blijven zitten helpt niet, dus ik zet mezelf ertoe aan buiten te blijven komen. Ondanks dat ik een uitkering krijg, studeer ik nu orthopedagogie om later een toffe job te kunnen doen. Zo blijf ik investeren in mezelf. Er zijn zo veel dingen in het leven belangrijker dan hoe je eruit ziet. Alleen zie je dat op de ene dag makkelijker in dan op de andere.”

Foto’s: Sophie Lodewijks

Schrijf je reactie

1 reactie

Sophie is ervan overtuigd dat iedereen zijn eigen realiteit creëert en laat zich graag onderdompelen in al die verschillende werelden. Niet alleen omdat ze daar plezier in heeft maar ook omdat ze gelooft dat we enorm veel van elkaar kunnen leren. Ze zoekt voor Charlie dan ook maar al te graag de grens op voor het schrijven van een openhartig stuk.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen