Doorgelicht

Waarom het debat over vrouwenrechten in onze multiculturele samenleving muurvast zit

En hoe we er toch uit kunnen geraken.

Waarom het debat over vrouwenrechten in onze multiculturele samenleving muurvast zit

Sinds #MeToo hebben we al aantal mediastormen rond seksisme overleefd. Televisiepresentator Bart de Pauw werd beschuldigd van stalking, rapper Boef noemde een paar kortgerokte vrouwen ‘Kech’, de teksten van rapper Damso’s bleken te vrouwonvriendelijk om hem het WK-lied te laten schrijven, Partij Islam kwam met haar dwaze idee voor gescheiden plaatsen voor mannen en vrouwen in de bus op de proppen en CD&V zette de ultraorthodoxe Aron berger op hun lijst, die vrouwen een hand weigerde te geven.

“De gemoederen raken extra verhit en voor je het weet zit je in een wij-zij discussie die nergens toe leidt.”

Het scenario is quasi elke keer hetzelfde: eerst ontploft het hele internet. Twitter staat dagen roodgloeiend, krantenpagina’s worden volgeschreven met boze opinies en politici verdringen zich om zo verontwaardigd mogelijk te reageren. Praatprogramma’s regelen een verhit debat tussen twee tegenpolen en de commentsectie van nieuwssites is zo toxisch dat je alle hoop in de mensheid ter plekke verliest. Na een week luwt de storm, maar is er niks veranderd en zijn we als samenleving geen stap verder gekomen. Ik gok dat er tussen nu en de verkiezingen minstens een keer per maand een vergelijkbare storm zal komen en weer gaan liggen. Zin in.

Maar ik merk vooral dat het debat gekaapt wordt wanneer de dader een migratie-achtergrond heeft. De gemoederen raken extra verhit en voor je het weet zit je in een wij-zij discussie die nergens toe leidt.

Waarom is het zo moeilijk om een constructief gesprek te voeren rond vrouwenrechten in onze multiculturele samenleving? In dit stuk probeer ik te begrijpen waarom en zoek ik mensen die wél zinvolle bijdragen leverden.

Selectieve verontwaardiging

Wanneer een moslim de fout ingaat, hoor je de rechterkant meestal het hardst. Rechtse politici zien hun vooroordelen bevestigd. En dat klikt lekker weg op sociale media. In mijn tijdlijn, die vooral bestaat uit linkse, progressieve, feministen is het doorgaans iets stiller. Er wordt gerelativeerd en genuanceerd. Vergoelijkt of weggekeken, noemt rechts het (met veel uitroeptekens). Links verwijt rechts dan weer dat zij enkel beginnen briesen wanneer het mensen met een migratie-achtergrond betreft, maar seksisme en racisme gepleegd door witte mensen onder de mat vegen. Eigenlijk verwijten ze elkaar dezelfde selectieve verontwaardiging.

En de vrouwen over wie het eigenlijk gaat? Die blijven op de achtergrond. En daar hebben ze elk hun redenen voor.

Een dubbel gevecht

Kijk maar eens naar de vorige drie heisas. Hoeveel mannen heb je hierover horen praten? En hoe weinig vrouwen met een migratieachtergrond? Nochtans zijn dat de mensen die de gevolgen dragen van het seksisme waarvan sprake is. Moslima’s en vrouwen van kleur voelen zich vaak gesandwicht tussen twee belangen wanneer het gaat over seksisme en vrouwenrechten. Maar weinigen voelen zich geroepen om hun zegje te komen doen.

“In niet-westerse gemeenschappen wordt zelden gesproken over vrouwenonderdrukking,” legt Amerikaans-Nederlandse journalist Clarice Gargard uit in NRC. “Enerzijds omdat er een taboe op rust, anderzijds uit angst dat rechts-Nederland ermee aan de haal gaat als munitie voor xenofobie. Een dubbele strijd waarin je zowel binnen- als buitenshuis moet vechten om bestaansrecht.”

“Moslima’s en vrouwen van kleur voelen zich vaak gesandwicht tussen twee belangen wanneer het gaat over seksisme.”

Redactrice Dalilla Hermans herkent de reflex om te zwijgen over de problemen binnen de eigen Afrikaanse gemeenschap. Door de toenemende polarisatie in het politieke discours is het steeds moeilijker om zelfkritisch te zijn, vindt zij. “Ik heb een heleboel #metoo verhalen waarin mannen met een migratieachtergrond de daderrol opnamen. Maar ook heel veel waarin dat zogeheten autochtone Vlamingen waren. Door het belachelijk racialiseren van seksisme door sujetten als Mia Doornaert, voel ik me niet langer geneigd om over de eerste groep iets te zeggen.” Het gevolg zou zijn dat ze in een loopgraaf getrokken wordt waar ze helemaal niet wil inzitten. En dat haar ‘broeders van kleur’ zich daarop nog dieper zullen ingraven in de hunne.

Voor Nederlandse journaliste Nadia Ezzorelli is net dit zwijgen een deel van het probleem. Na het incident met Boef legde ze in een vlammend opiniestuk de hypocrisie bloot die heerst in discussies over slutshaming in de moslimgemeenschap: “Van de voorspelbare moslim- en vreemdelingenhaters hebben we nooit iets hoeven te verwachten. […] Tragischer en veelzeggend is de rol van zelfverklaarde medestanders binnen de eigen gemeenschap die liever zien dat we onze strijd eerst in de wacht zetten totdat er definitief is afgerekend met racisme en moslimhaat. En anders heb je wel te maken met stille voorwaarden: niet de vuile was buiten hangen op witte podia. Of dek die minstens in met de disclaimer dat slutshaming ook diepgeworteld is in de Nederlandse cultuur – dan blijft de boodschap tenminste verteerbaar voor zelfverklaarde medestanders uit intersectionele feministenkringen. […] Mensen die ons ondubbelzinnig zouden moeten steunen, zoals onze omgeving ons had moeten beschermen, hebben het tot nu toe ook laten afweten.”

Ezzorelli klinkt scherp, maar legt een pijnlijke waarheid bloot. Want wie neemt het vandaag op voor vrouwen die slachtoffer werden van bijvoorbeeld eerwraak? Niet de mensen binnen de eigen gemeenschap die het taboe niet kunnen of durven doorbreken. Maar ook niet de rechtse mannen die enkel ‘de zaken benoemen’ om hun eigen xenofobe gedachtengoed te verspreiden. De mensen die het grootste slachtoffer zijn van de problemen die zo vurig besproken worden, blijven ongeholpen achter.

Een stammenoorlog van vlaggenzwaaiers

Dat brengt ons bij de vaststelling dat vrouwenrechten niet altijd de belangrijkste bezorgdheid zijn in deze discussies, maar dat het vaak gaat om symboolkwesties.

Zo ook bij Aaron Berger. Wekenlang werd er geëmmerd over manieren van begroeten en het belang van ‘vrouwvriendelijkheid’. Maar er werd amper gepraat over waar die gewoonte van de ultraorthodoxe Joodse gemeenschap vandaan komt en hoever de segregatie tussen mannen en vrouwen er gaat. Hebben Chassidische vrouwen voldoende toegang tot jobs en voorbehoedsmiddelen? Als voortplanting een plicht is en gereguleerd wordt door strenge, religieuze regels, hebben meisjes in deze gemeenschap dan wel recht op zelfbeschikking? En zou een ultraorthodoxe vrouw ooit op een politieke lijst mogen staan? Voor deze vragen was amper aandacht. Het debat beperkte zich tot: is een hand geven met een handschoen een oplossing?

“De symbolen waarover we ruzie maken zijn de vlaggen waarmee we zwaaien.”

Keer op keer lijken we te verzanden in symbooldiscussies wanneer het gaat over onze multiculturele samenleving. Volgens filosoof Ruben Mersch komt dat omdat we ergens nog steeds een beetje oermensen zijn die een stammenoorlog willen voeren. De symbolen waarover we ruzie maken zijn de vlaggen waarmee we zwaaien. En al dat vlaggenzwaaien staat de échte, broodnodige gesprekken in de weg. “Waarover hebben we de afgelopen jaren gediscussieerd? De hoofddoek, een stuk stof dat sommige mensen om welke reden dan ook over hun hoofd dragen. […] Een kerststal in een gemeentehuis ergens te velde. We hebben nauwelijks écht diepe discussies gevoerd over de positie van man en vrouw in het Westen en in de islam,” zegt hij in dit interview in Charlie Magazine.

Zulke gesprekken vergen geduld en tijd. En die hebben we vaak niet wanneer alles meteen klikbaar moet zijn.

De witte feministe: van wegkijker tot white savior

De vraag is ook of je je als buitenstaander moet bemoeien met gewoontes en tradities van minderheidsgroepen. Wanneer vrouwenrechten in het gedrang komen, zou je denken van wel. Als feministe hoor je in opstand te komen tegenover elke vorm van onderdrukking van vrouwen, of dit nu gebeurt door een populaire Hollywood-producer, een zelfingenomen rapper of een extreem-religieuze mannetjesputter.

Toch hoor ik in progressieve kringen ook opmerkingen als deze passeren wanneer het bijvoorbeeld gaat over het stijgend aantal vrouwenbesnijdenissen in België: “Die tradities moeten er nu eenmaal uitgroeien.” Of ook: “de Afrikaanse gemeenschap moet dat zelf oplossen, ze hebben geen hulp nodig van white saviors die hen komen uitleggen hoe het moet.” Volgens medisch journalist Marc Van Impe zijn er zelfs Belgische artsen die vandaag genitale verminkingen uitvoeren op vrouwen.

“Geen van beide reacties helpt de vrouwen in kwestie echter vooruit. En het taboe in de gemeenschap zelf blijft bestaan.”

Omdat het thema zo gevoelig ligt en de feiten zo extreem pijnlijk zijn, loopt een deel er met een grote boog omheen, en een ander deel roept woedend ‘Soumission!’. Geen van beiden reacties helpt de vrouwen in kwestie echter vooruit. En het taboe in de gemeenschap zelf blijft bestaan. En dus ook de gruwelijke praktijk.

Het loont dan ook om mensen uit de gemeenschap aan het woord te laten met kennis van zaken, die zich wél willen uitspreken. In de documentaire die Sofie Peeters en Ann-Sofie Dekeyser maakten over vrouwenbesnijdenis in Guinée, vertelt Assita Kanko, zelf als kind besneden, dat je als Afrikaanse vrouw niet mag praten over genitale verminking. Het is “ons geheim, ons verhaal, onze traditie”, vertelt ze. Ze werd zelfs door een Afrikaanse man aangemaand om te zwijgen en te denken aan de reputatie van Afrikanen. “Who gives a damn,” zegt Kanko vastberaden. “Ik denk aan het welzijn van die meisjes.”

Hoe doorbreken we het taboe?

Hoe kunnen we uit deze patstelling geraken waarin elk woord dat gezegd wordt tegen je gebruikt kan worden? Ten eerste door het publieke debat te ontmijnen. Het klimaat tegenover mensen met een migratieachtergrond is vandaag zo toxisch en bemoeilijkt elk constructief gesprek. Een deel van Vlaanderen schiet nog steeds in hysterische kramp wanneer er een moslim aan het woord of in beeld komt, in welke situatie dan ook. Lees er de Facebookcomments maar op na.

Sherin Kankan, een van de weinige vrouwelijke imams, heeft aan den lijve ondervonden wat islambashing als gevolg had voor haar eigen activisme. Zo vertelt ze in dit interview dat ze in 2001 al streed voor meer vrouwenrechten in de islam. Ze startte een beweging genaamd ‘Association of Critical Muslims’ met als doel vrouwelijk leiderschap te implementeren in de islam. Maar toen kwam 9/11 en dat veranderde hun hele agenda. “Door de toenemende islamofobie moesten we continu ons recht als moslims verdedigen en konden we onze energie niet spenderen aan introspectie en zelfkritiek.”

Wanneer een groep mensen voortdurend wordt aangevallen door buitenstaanders, gaan ze zich nog meer terugplooien op zichzelf en zich afkeren van de rest.

“Wanneer iemand die je niet kent of geen familie van je is jouw kinderen ‘rotjong’ of ‘ettertjes’ noemt, schiet je automatisch in de verdediging.”

“Het is de beste manier om de fundamentalisten nog meer te verenigen en tegen de samenleving op te zetten.” stelt ook professor Sociolgie Mark Elchardus in De Tijd. “We zouden de liberale islam veel beter moeten ondersteunen, zodat die sterker komt te staan in de strijd tegen radicalen.” Een platform geven aan mensen zoals imam Seyran Ateş, oprichtster en leidster van de Ibn Rushd-Goethemoskee in Berlijn, bijvoorbeeld, waar mannen en vrouwen naast elkaar bidden en lgbt’ers welkom zijn. “De angst om extreem-rechts in de kaart te spelen mag ons niet beletten ons uit te spreken en geen verandering af te dwingen, of daar tenminste toe op te roepen. […] Je moet altijd je motivatie onderzoeken. Mijn reden om de ongelijkheid tussen man en vrouw aan te kaarten is om meer gelijkheid af te dwingen en zo terug te keren naar de kern van de islam.”

Voor wie dit allemaal een beetje vergezocht vindt, bedenk even dit. Als moeder of vader kan je op je eigen kinderen foeteren wanneer ze strontvervelend zijn. Maar wanneer iemand die je niet kent of geen familie van je is jouw kinderen ‘rotjong’ of ‘ettertjes’ noemt, schiet je automatisch in de verdediging.

Looking at the (wo)man in the mirror

“De meest efficiënte manier om dingen te veranderen is van binnenuit,” zegt Sherin Khankan nog. Maar dat geldt niet alleen voor moslims of mensen met migratieachtergrond. Seksisme is een universeel probleem dat zich op verschillende manieren manifesteert. Elke vrouw maakt in haar leven in verschillende situaties structureel seksisme mee. Dit afdoen als een probleem van de multiculturele samenleving is hopeloos naïef en helpt vrouwen geen millimeter vooruit.

Een voorbeeld: Men denkt vaak dat gedwongen huwelijken enkel voorkomen bij bepaalde religieuze groepen en migranten. Volgens Intact VZW, valt er echter geen ‘typisch profiel’ op te maken van de slachtoffers. Er zijn wel twee groepen met een verhoogd risico op een gedwongen huwelijk. De eerste groep zijn mensen met een specifieke culturele achtergrond waarbij de familie van het slachtoffer banden met de cultuur wil behouden. Een tweede groep zijn, en dit verwacht je niet, mensen van adel, burgerij en elite. Dit omdat ze een zeker aanzien, sociale stand en erfenis willen behouden.” In beide gevallen zijn vooral vrouwen en holebi’s het slachtoffer.

“Het is onze plicht om kritisch naar onszelf te kijken en bij te sturen waar we kunnen.”

Khankan: “Mentaal geweld [tegen vrouwen] is zeker een probleem binnen de moslimgemeenschap, maar het is ook deel van een veel groter probleem op universeel niveau. De patriarchale structuren zijn nog op erg veel plekken aanwezig in onze maatschappij.” Volgens haar moet er een oplossing geboden worden in plaats van enkel een probleem aangekaart. En deze oplossing moet universeel zijn. “Je moet een universele methode ontwikkelen om om te gaan met mentaal geweld en sociale controle. Het is daarin belangrijk dat je de feiten bekritiseert in plaats van de volledige cultuur.”

Het is onze plicht om kritisch naar onszelf te kijken en bij te sturen waar we kunnen. Ook het feminisme heeft zichzelf moeten heruitvinden en is van een elitaire witte beweging moeten evolueren naar een inclusieve beweging die ook de belangen verdedigt van vrouwen uit de lagere sociale klasse, lgbt’ers en vrouwen van kleur.

Het is makkelijk om als beleidsmaker verontwaardigd te reageren op sociale media, maar extra steun voor organisaties die zich al jaren inzetten voor vrouwenrechten en elke dag met hun voeten in de modder staan, is veel productiever. Zo zou elke sector of gemeenschap kritisch aan introspectie moeten doen en met oplossingen naar voren komen. Televisiemakers die seksisme binnen hun sector aanpakken, politici die misogynie in de senaat aankaarten, (culturele) christenen die de zich openlijk uitspreken over het recht op abortus dat onder druk staat in Europa.

ZO KAN HET WEL

Dat het niet onmogelijk is om een zinvol gesprek te hebben over de problemen binnen de multiculturele samenleving, bewijst het praatprogramma De Nieuwe Maan al geruime tijd in Nederland. Rond de tafel zitten elke week bekende en minder bekende Nederlanders met een migratieachtergrond die openhartig en voluit discussiëren over dingen als commentaar krijgen op het wel of niet dragen van een hoofddoek, maar ook over hoe dagelijks racisme eruitziet of wat er gebeurt als je van je geloof valt.

“Ik denk dat ik niet de enige ben die snakt naar een meer volwassen debat over onze multiculturele samenleving.”

Voor mensen van kleur is het een plek waar de issues waar zij mee worstelen op een herkenbare manier besproken worden. Voor witte mensen zoals ik zijn hun gesprekken vaak een eyeopener, waardoor ik moeilijke thema’s beter begrijp, omdat ik ze eens vanuit een andere hoek belicht zie.

De makers van De Nieuwe Maan krijgen zowel lof als kritiek over zich heen op sociale media, en dit zowel van witte Nederlanders die het allemaal maar raar vinden als van moslims die vinden dat hun cultuur geshamed wordt. Maar het is een verademing om te zien hoe gevoelige onderwerpen op een genuanceerde en intelligente manier worden besproken, met een divers en mondig panel. Daar kunnen onze Vlaamse televisiemakers heel wat van bijleren.

Ik denk dat ik niet de enige ben die snakt naar een meer volwassen debat over onze multiculturele samenleving. Een gesprek waarin we vrijuit kunnen spreken zonder moedwillig te beledigen, waarin we van mening kunnen verschillen, maar waar we wél iets van bijleren. En belangrijker nog: dat de vrouwen die de grootste gevolgen dragen van de problemen die besproken worden, er achteraf ook effectief beter van worden.

Foto’s: Istock

Schrijf je reactie

1 reactie
  • DE GEBELGDE BELG says:

    Pak nu dat mens Stormy Daniëls. Trump heeft aan die troela meer dan 200.000$ gedokt.
    Dan ging die gewoon zeggen dat hij op een dronken kaketoe leek tijdens de seks.

    Sommige vrouwen zijn te duchten als een STATIONAIR onweer.

Jozefien was in een vorig leven art-director bij de vrouwenbladen en is nu kapitein van het Charlie-schip. Haar stokpaardjes zijn gendergelijkheid, beeldvorming in de media en het opvoeden van twee luidruchtige jongens.

Lees verder in Wereld

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen