Boekenclub

“Ik schrijf de verhalen die ik zelf wil lezen. En die zijn intens”

Charlie leest: Je weet dat je dit wil van Kristen Roupenian

“Ik schrijf de verhalen die ik zelf wil lezen. En die zijn intens”

In Charlie’s boekenclub gaat redactrice en litlover Selma op zoek naar auteurs en boeken die je moet kennen. Dit keer praat ze met Kristen Roupenian (37), die het virale verhaal Cat Person schreef – over pijnlijk ongemakkelijke dates en dito seks. Nu is er de kortverhalenbundel Je weet dat je dit wil, waarin ze de grenzen van haar lezers opzoekt. Foto’s: Sarah Van Looy

Kristen Roupenian vond lezen altijd leuker dan schrijven. Dat ze op een dag het meest gelezen kortverhaal ooit zou schrijven, was lange tijd ondenkbaar. “Als kind vond ik het al heerlijk om te lezen en mezelf even helemaal te vergeten. Tijdens het schrijven staat het ego juist voorop en kun je niet lekker wegdromen. Schrijven is ploeteren. Als tiener probeerde ik wel te schrijven, maar ik stopte er altijd weer mee.”

In haar twintigerjaren probeerde Roupenian verschillende studies en carrièrepaden uit. Ze deed dienst in de Peace Corps, een Amerikaans regeringsprogramma dat vrijwilligers uitzendt naar het buitenland. Daar leerde ze Swahili spreken, wat haar inspireerde om Afrikaanse literatuur te studeren. Omdat ze van talen en reizen hield, begon ze aan een intensief traject om diplomaat te worden. Die droom ging in rook op toen de VS een vacaturestop afkondigde voor diplomaten.

“Een roman schrijven, was te zenuwslopend. Ik moest regelmatig herlezen wat ik al geschreven had. Dat maakte me onzeker.”

Teleurgesteld schreef Roupenian, die inmiddels begin dertig was, zich in voor een opleiding creatief schrijven. Misschien moest het zo zijn. “Het was mijn zoveelste poging om te schrijven en dit keer viel er iets op zijn plek. Schrijven begon net zo fijn te voelen als lezen. Ik had eerder een roman geschreven, maar vond dat zenuwslopend: ik moest tijdens het schrijven regelmatig herlezen wat ik al geschreven had. Dat maakt me onzeker. Als ik onderweg te vaak over de rand van de klif kijk, val ik naar beneden. Een kortverhaal is klein genoeg om in mijn hoofd te houden en in één ruk op te schrijven.”

Literair miljonair

Eén van de kortverhalen die Roupenian schreef, was Cat Person, over de 20-jarige Margot en de oudere Robert, die met elkaar flirten via sms en op een aantal dates gaan. Als lezer word je meegenomen in de gedachtewereld van Margot, die Robert, ondanks haar twijfels, toch blijft zien. Uiteindelijk hebben ze ongemakkelijke, teleurstellende seks.

Met behulp van een agent stuurde Kristen Roupenian het verhaal op naar het prestigieuze New Yorker Magazine. Maandenlang bleef het stil. “Er wordt zoveel geschreven en er zijn relatief weinig lezers voor kortverhalen. Ik verwachtte dat ik zou worden afgewezen. Totdat de New Yorker me ineens contacteerde. Dat is nog steeds het gelukkigste moment van mijn leven. Toen wist ik dat ik schrijver zou kunnen zijn.”

“Als een vrouw over seks schrijft, lopen de reacties al snel uit de hand.”

The New Yorker drukte het verhaal af en enkele dagen later verscheen het ook online. Roupenian deelde het op Facebook en was trots, maar publiceren in The New Yorker leek niet life changing te zijn. Totdat haar vriendin, die in tegenstelling tot Roupenian wel op Twitter zit, de ene na de andere tweet zag passeren over Cat Person. Het verhaal ging viraal. “Ik vond dat beangstigend, want als een vrouw over seks schrijft, lopen de reacties al snel uit de hand. Dat ik mezelf kon googelen en honderden mensen zag die het verhaal geweldig vonden of juist haatten, was overweldigend. De feedback was vooral positief, maar toen het gaande was, wist ik natuurlijk nog niet hoe het zou uitpakken.”

Hoe het uitpakte: Cat Person (in het Nederlands vertaald als Kattenmens) werd het meest gelezen en meest gedeelde kortverhaal ooit. Het leverde Roupenian een boekdeal op voor haar kortverhalenbundel, waarvan de filmrechten als snel werden verkocht aan de zender HBO. Roupenian werd in een klap miljonair.

Oncomfortabel en herkenbaar

De schrijfster geeft toe nog steeds niet gewend te zijn aan alle aandacht en de vele e-mails die ze krijgt, waarin mensen hun eigen datingverhalen delen. Roupenian vermoedt dat Cat Person zo’n gevoelige snaar raakte omdat jonge vrouwen zich identificeerden met Margot. “Cat Person verhaalt in detail hoe Margot de beslissing maakt om toch seks te hebben met iemand met wie ze eigenlijk geen seks wil. Voor veel lezers bleek die ervaring tegelijkertijd oncomfortabel en herkenbaar te zijn. Daarin schuilt de kracht van fictie: terwijl we in het echte leven weinig tijd hebben om beslissingen te nemen, kun je in fictie de gedachtegang vertragen en vangen in verhaalvorm.”

“De energie die de #MeToo-beweging destijds aanwakkerde, inspireerde mij om Cat Person te schrijven.”

Dat lezers Roupenian nog niet kenden, droeg ook bij aan het schokeffect dat Cat Person teweeg bracht. Lezers konden alles wat ze wilden op het verhaal en de auteur projecteren. “Als lezers hadden geweten dat ik graag duistere verhalen schrijf, dan hadden ze Cat Person met andere verwachtingen gelezen.” Dat Cat Person zo veel online gedeeld werd en lezers bereikte die niet bekend zijn met het kortverhalengenre, maakte ook dat niet iedereen begreep dat Cat Person fictie is. “Mensen noemden het vaak een ‘artikel’. Of ze dachten dat ik de 20-jarige Margot was die op date ging met Robert, maar ik ben 37 en heb al jaren een relatie met een vrouw.” (lacht)

Eén van de vragen die het verhaal opwerpt, is wanneer ‘ja’ ook echt ‘ja’ betekent. Cat Person past daarmee goed binnen de conversaties die de #MeToo-beweging op hetzelfde moment op gang bracht. Roupenian schreef het verhaal echter al in april 2017, voordat ze ooit van #MeToo had gehoord. “Toen ik Cat Person schreef, was Donald Trump net verkozen, een gespannen sfeer en veel woede hingen in de lucht. Het was toeval dat Cat Person ongeveer tegelijk met #MeToo viraal ging, maar ergens ook niet: ik denk dat de energie die op dat moment de #MeToo-beweging aanwakkerde, mij ook inspireerde om het verhaal te schrijven.”

Je weet dat je dit wil

Na het online succes van Cat Person, publiceerde ze de kortverhalenbundel Je weet dat je dit wil. Op papier. Dat voelt voor Kristen Roupenian, die nauwelijks op social media zit, comfortabeler dan online gelezen worden. “Ik vind het leuk om lezers persoonlijk te ontmoeten. Toch wil ik online niet telkens de conversatie aangaan. Als schrijver creëer je een fictieve wereld, maar je bent ook maar gewoon een mens. Als je buiten die fictieve wereld met lezers communiceert over je verhalen, kan dat contact voor hen toch alleen maar teleurstellend zijn? Wat ik juist zo mooi vind aan literatuur, is dat schrijver en lezer via een boek iets delen zonder elkaar ooit te ontmoeten.”

De titel Je weet dat je dit wil is een zin uit het eerste verhaal in de bundel, maar eigenlijk past die zin ook in de andere verhalen. De titel drukt een soort tegenstrijdig verlangen uit, dat een rode draad vormt doorheen de kortverhalen. De personages laveren tussen wat zij zelf willen en wat anderen van hen willen. Ze tasten grenzen af, net als de lezer. Wie Je weet dat je wil leest, zal zich ongetwijfeld af en toe afvragen: wil ik eigenlijk wel weten hoe dit afloopt? “Ik schrijf het soort verhalen dat ik wil lezen. Die verhalen zijn intens. Ik houd van horror- en pulpfilms, waar je met je handen voor je ogen naar kijkt. Die spanningsboog probeer ik te creëren in mijn verhalen. Verschillende lezers hebben verschillende drempels en ik ga dan ook onvermijdelijk soms over de grenzen van lezers heen”, aldus Kristen Roupenian.

“Sommige schrijvers vinden dat je iets goed doet als je mensen schokt. Daar ben ik het niet mee eens.”

Dat gebeurde bijvoorbeeld toen een cursusgroep een eerdere versie van het verhaal Look at Your Game, Girl las. De cursisten reageerden zo heftig dat Roupenian het verhaal voor publicatie aanpaste, iets wat ze eigenlijk nooit doet. “In Look at Your Game, Girl verwijs ik naar de Manson-moorden. Lezers raakten daar enorm door overstuur, ze werden zelfs boos op me. “Hoe kun je zoiets schrijven?”, riepen ze me toe. Ik had dat totaal niet zien aankomen en heb de passage die zij zo aanstootgevend vonden, gewijzigd. Sommige schrijvers vinden dat je iets goed doet als je mensen schokt. Daar ben ik het niet mee eens. Natuurlijk wil ik lezers raken, maar een verhaal dat te veel tegenstaat, maakt dat lezers zich afsluiten voor wat je wil vertellen. Ik zoek naar een balans.”

Roupenian wil je als lezer het gevoel geven dat je niet weet wat voor soort verhaal je aan het lezen bent. Zo gebruikt ze vaak sprookjeselementen, die je denkt te herkennen, maar die vervolgens een heel andere wending nemen. “Dat is ook wat Cat Person oncomfortabel maakt. Margot weet niet in wat voor soort verhaal ze is terechtgekomen. Als ze met Robert in de auto zit, vraagt ze zich af of ze in een romcom of een horrorfilm zit. Is dit een date met happy ending, of gaat Robert haar vermoorden?”

Eng, enger, engst

In meerdere verhalen uit de bundel spelen pubermeisjes de hoofdrol. Dat is niet toevallig. Volgens Roupenian is de overgang tussen kind en volwassene een beangstigende tijd. “Je lichaam begint te veranderen, je voelt je gedesoriënteerd. Bovendien lijkt alles grootser en dramatischer wanneer je puber bent, wat goede omstandigheden zijn voor een verhaal. Als meisje begin je op die leeftijd ook voor het eerst te ervaren wat het is om vrouw te zijn. Er wordt anders naar je gekeken, je beseft dat vrouw zijn enger en verwarrender is dan je dacht. Ik was tiener in de nineties, het tijdperk van girl power en Buffy The Vampire Slayer. Toen ik begon te puberen, ontdekte ik langzaam dat er naast die krachtige, hoopvolle verhaallijnen ook een hoop minder fijne narratieven verbonden zijn met vrouw-zijn. Volwassen worden betekent leren navigeren tussen al die verhalen. Dat is ook iets waar mijn personages mee worstelen.”

In het verhaal Good boy slaagt Roupenian erin spanning op te roepen zonder ook maar iets te vertellen over wie de naamloze personages zijn, aan wie ze refereert als ‘wij’ en ‘de vriend’. “Good boy, wat echt een fucked up verhaal is, is volledig in wij-vorm geschreven. Het gaat over een koppel dat seksuele spelletjes wil spelen met een vriend. Door nooit onderscheid te maken tussen de twee helften van het koppel, probeerde ik hen iets monsterlijks te geven. Wanneer lezers de zin “het kroop onder onze huid” lezen, hoop ik dat zij in plaats van twee mensen een eng wezen met meerdere hoofden voor zich zien.” (lacht)

Is er iets waar de schrijfster zelf bang van wordt? “Twee scriptschrijvers die eerder voor de serie The Leftovers werkten, zijn de verhalen uit mijn bundel tot scripts aan het verwerken voor HBO. Ik vind hun versies dóódeng, terwijl het mijn eigen verhalen zijn!”

‘Je weet dat je dit wil’ is uitgegeven door Nieuw Amsterdam en ligt nu in de winkels.
Foto’s: Sarah Van Looy

Schrijf je reactie

Selma Franssen is freelance journalist en auteur van 'Vriendschap in tijden van eenzaamheid' (uitgeverij Houtekiet, 2019). Haar werk verscheen onder meer bij Charlie Magazine, OneWorld, De Morgen, De Standaard, The New Statesman, VPRO en Vice. Ze volgde het postgraduaat Internationale Onderzoeksjournalistiek, ontving een beurs van het Fonds Pascal Decroos voor haar werk en presenteert journalistieke lezingenreeks 'Moeilijke Dingen Makkelijk Uitgelegd'.

Lees verder in Zin in

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen