Column

Thank u, next?

Thank u, next?

Ik zwem door de regen naar de pub. Ik stap op het droge, richting toog en kijk hem recht in zijn blauwe ogen. Ik ben ze gaan vertrouwen, de laatste maanden. Vanavond is onze achtste date en hij vraagt me om een grafrede voor de liefde te schrijven. Alsof we nu onze liefde al gaan begraven, denk ik. Beter wachten we tot het ophoudt met regenen, het is moeilijk graven in de modder.

Morgen verhuist hij naar Denemarken. Dat wist ik. Dat had hij me bij onze eerste ontmoeting al verteld. Ik kijk naar buiten en zie de hemel huilen. Vreemd, want wij hebben geen verdriet. Dit is het einde niet.

Toch was dit volgens vrienden na date drie al morsdood. Waarom moest ik mijn tijd verdoen met iemand die straks in een ander land zou wonen? En ik maar zeggen dat ik zo niet wilde analyseren, onze eerste dates. ‘We hebben gewoon een leuke tijd samen,’ hield ik vol. ‘En nee, ik weet niet of we iets exclusiefs hebben.’

“Misschien wordt het iets, misschien wordt het niets. In mijn ogen was het altijd al alles.”

Ik wilde daar niet over nadenken. Ik wilde alleen maar voelen. Misschien wordt het iets, misschien wordt het niets. In mijn ogen was het altijd al alles.

Op een andere dag, in het park, rolde ik over het vochtige gras van een heuvel naar de scherpe stadsrand. Ik klauterde naar hem toe, mijn kleren vol zand en mijn klamme handen die hij vastpakte.

Ik was als een kind, vrij om lief te hebben. Ik gaf me volledig. Iedere gedachte, droom en hallucinatie. Ieder gevoel. De zon scheen.

Hier, in deze groezelige pub, dacht ik aan de waarschuwingen die ik eerder negeerde. Hij had gezegd dat hij me ooit zou kwetsen, want in zijn levensfilosofie kwam aan alles een eind. En pas op, had hij gefluisterd in mijn oor, want wat was ik toch roekeloos, met al dat voelen. Ik kuste hem gewoon terug.

Een vriend had gezegd dat ik zo vroeg in een prille band – we waren drie dates ver – nooit zoveel mocht investeren. Dat ik alleen sterk moest staan. Alsof het ene het andere uitsluit. Ik hoorde de rest van die raad niet meer, ik was al op weg naar mijn volgende afspraak met hem.

“Thank you, next. Op naar ander en beter en bin that boy die niet alle vakjes aanvinkt.”

Nog een vriendin zei dat ik dringend een voorbeeld moest nemen aan Ariana Grande’s hitje ‘Thank U, Next’. Daarin bedankt ze de vorige en gaat ze naar de volgende. Thank you, next. Op naar ander en beter en bin that boy die niet alle vakjes aanvinkt. Het is van swipe left hier, en swipe right daar, legde die vriendin uit. Dat is wat ons te doen staat als we een match willen. Want de tijd dringt op onze leeftijd, volgens haar. Eens je dertig bent moet je denken aan kinderen en straks is het te laat dus moeten we voortmaken, met dat daten. ‘Vergeet die gast.’

De wegwerpmaatschappij is tot in ons diepste wezen doorgedrongen. Ons hart. Maar ik doe niet aan single use. Zeker niet in de liefde.

Ik schuifel op mijn barkruk en kijk hem nog een keer in de ogen. Ik lach.

Niks Thank you, next. Ik blijf nog even zwemmen, al verdrink ik straks. Wat een triest idee om jezelf van gevoel te ontzien om maar geen pijn te hoeven lijden. Ik haal mijn geluk uit mijn extremiteiten. Extreme liefde, extreem verdriet – vaak onverklaarbaar, onbenoembaar en daarom ongelooflijk mooi.

Voor we dag zeggen, plakt hij pleisters op mijn bebloede hielen. Ik ben klaar voor de pijn.

‘Doe dat goed, in Denemarken.’ En weg is hij.

Foto: Sarah Van Looy

Schrijf je reactie

Wided studeerde Journalistiek in Gent en belandde na de Jasmijnrevolutie bij Knack.be. Wispelturig en impulsief beweegt ze zich voort tussen internationale politiek, design en word vomit, tussen schrijven en creatieve productie, Londen en de wereld.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen