uitgetest

Kleerkastvasten: 6 weken lang slechts 6 kledingstukken dragen

Sarah Vandoorne gaat de fashion challenge aan

Kleerkastvasten: 6 weken lang slechts 6 kledingstukken dragen

Less is more. Maar wat als less wel heel weinig is? Kan jij zes kledingstukken uitkiezen om enkel die stukken zes weken lang te dragen? Redactrice Sarah Vandoorne gaat de uitdaging aan en zet haar kleerkast tot half april op dieet. Sokken en ondergoed niet meegerekend – oef. In deze eerste aflevering legt ze uit hoe ze haar kleerkast zal kortwieken, en vooral: waarom? Foto’s: Jarod Mauws

Heb jij ooit al het aantal kledingstukken in je kleerkast nageteld? Ik onlangs wel. Pijnlijk confronterend was dat. In totaal kwam ik aan 101 stuks. 23 kleedjes, 21 T-shirts met korte mouwen (plus elf met lange mouwen) en twintig truien. Doe daar nog eens dertien lange broeken, vijf korte broeken (waaronder twee sportshorts waar ik, bij gebrek aan sportieve hobby’s, vast niet eens meer in kan), zes rokken, twee jumpsuits en een bloes. Dat meen je niet? Even stilstaan bij dat getal. 101. En dan heb ik nog niet eens sokken, ondergoed, topjes en jassen meegerekend. Laat staan schoenen. Hoe komt het dat ik ooit het idee had meer dan honderd kledingstukken nodig te hebben?

Kleerkastkeuzestress

We kennen het gevoel allemaal maar al te goed. ’s Ochtends staan we voor de kleerkast. We hebben tientallen outfits om uit te kiezen, maar geen enkel idee wat we vandaag willen aandoen. Sommige slimmeriken leggen hun kleren de avond ervoor al klaar. Ik niet. Ik ben zo’n chaoot die liever op het moment zelf beslist waar ze zin in heeft. Maar ook een onverbeterlijke uitslaper, een echte snoozer, die wanneer het dringend tijd wordt om die outfit uit te kiezen, snel-snel maar iets bijeenzoekt. Waar zijn al die keuzes dan voor nodig? En waar komt die keuzestress vandaan?

“Mensen verlangen naar veel keuze in hun kleerkast”, legt Charlie’s modedoctor Aurélie Van de Peer me uit. “Door de eeuwen heen is kledij geëvolueerd naar de uiting van een diepe behoefte om erbij te horen. Mode is niet louter functioneel, maar een manier om jezelf uit te drukken. Dat is de belangrijkste drijfveer waarom we denken veel kledij nodig te hebben en veel willen wisselen tussen outfits.”

“Het plezier dat je ervaart door zelfexpressie wordt gevoed door het idee dat je moet consumeren om dat plezier te kunnen beleven.”

“Verlangen naar zelfexpressie is op zich positief, emanciperend zelfs. Je kunt jezelf zijn, creatief zijn in wat je aantrekt. Toch is het heel dubbel”, vervolgt Van de Peer. “Want het plezier dat je ervaart door zelfexpressie wordt gevoed door het idee dat je moet consumeren om dat plezier te kunnen beleven. We willen steeds meer, blijven steeds meer consumeren, omdat het kan. Zo vergeten we dat we consumeren op de kap van de mensen die die kleren maken.”

Daar houd ik vanaf nu mee op. Ik hoef niet mee te draaien in een systeem waarin textielarbeiders lange uren draaien opdat ik elke ochtend voor een onmogelijke keuze sta. Nooit meer grasduinen tussen kleedjes op goddeloze uren. Ik pak het anders aan. Zes weken lang ga ik amper zes kledingstukken dragen.

Ben je gek?

“Zes weken, ben je gek?!” Ik hoor het je zo denken. Zes weken is 42 dagen, net iets meer dan 1000 uur. Akkoord, dat lijkt erg lang. Het schrikte me op het eerste gezicht ook af. Toch is de periode net heel kort. Het is namelijk de gemiddelde termijn waarop fast fashion-merken zoals Zara een nieuwe collectie in de winkel brengen.

Aurélie Van de Peer legt in deze video uit hoe de modesector de consument dwingt steeds sneller beslissingen te maken om nieuwe kledij aan te kopen. Als collecties om de zes weken al wisselen, krijg je als consument geen bedenktijd meer om een aankoop uit te stellen. Als je het nu niet koopt, kan het morgen weg zijn. Dan ben jij niet meer mee met de trends. En voor de prijs hoef je het niet te laten. Toch?

“We vergeten soms dat achter elk kledingstuk mensen zitten die onze T-shirts maken tegen een erg povere loon.”

Met die redenering wil Labour Behind The Label komaf maken. De Britse organisatie kaart wereldwijd de gebrekkige arbeidsomstandigheden in textielfabrieken aan. In onze zoektocht naar de nieuwste trends, vergeten we soms dat er achter elk kledingstuk mensen zitten die onze T-shirts in elkaar gestikt hebben aan een slechts erg povere loon. Het zijn net de fast fashion-merken die de lonen laag houden. Hun drang naar steeds meer en steeds sneller opeenvolgende collecties leggen de fabrieken moordende leveringstermijnen op. En het zijn niet de fabrieksbazen die daar de dupe van zijn, maar de arbeiders.

Labour Behind The Label is daarom gestart met deze 6 items challenge. Die actie (en ik dus ook) ging vorige week van start: dit jaar loopt hun campagneperiode van 6 maart tot 18 april. Tijdens deze vasten wil de organisatie duidelijk maken dat we zoveel kleren echt niet nodig hebben. Zelfs met een gelimiteerde garderobe kan je er elke dag op je, jawel, paasbest uitzien. Zes weken dus. Zijn ze gek? Ja, sommige kledingmerken zijn echt gek. Tijd om hun greep op ons koopgedrag te doorprikken.

Kiezen is verliezen

Wat wel gek is, is die zes kledingstukken effectief uitkiezen. Zeker als ze aangepast moeten zijn aan hobby’s en andere activiteiten. Ik kan niet zomaar vier kleedjes uitkiezen, want ik ga binnenkort een weekend wandelen met mijn lief. En ook voor mijn toneelles kies ik beter wat losse kledij. Maar op het werk draag ik het liefst een mooie jurk. Hoe beslis ik dan welke ik neem?

Ook het weer maakt het er niet gemakkelijker op. Krijgen we dit voorjaar maartse buien en aprilse grillen, een vroegtijdige hittegolf of een late winterprik? De seizoenen zijn onvoorspelbaar en dat maakt de voorbereiding van deze challenge een, euh, echte uitdaging. Want ik moet nog beslissen wat ik zes weken lang wil aandoen, bij voorkeur zonder kou te lijden of oververhit te geraken.

Kiezen is verliezen. Tot op het laatste moment, vooraleer fotograaf Jarod Mauws aanbelt, blijf ik twijfelen. Kies ik voor twee T-shirts en maar één kleedje? Maar jurkjes zijn net mijn favoriete kledingstuk. En ga ik voor een opvallende print? Of moet het wat soberder, wil ik alles kunnen mixen en matchen?

Eén geluk heb ik alvast. Sokken en ondergoed tellen niet mee. Jassen ook niet, schoenen al zeker niet (stel je voor!), en ook topjes voor onder mijn kleedjes reken ik bij de uitzonderingen – tenzij ik het topje als bovenstuk zou dragen op een broek, dat mag dan weer niet.

Broek versus jurk

First things first. Laten we beginnen met beslissen wat voor soorten kledij ik wil dragen. Vier T-shirts en twee broeken om dan eindeloos te combineren, raadde iemand mij aan. Fijne suggestie, maar truien tellen ook mee en zo warm is het nog niet. Een oversized bloes die je zowel als kleedje als op een broek kunt dragen, was een andere suggestie. Leuk idee, maar ik heb slechts één bloes en oversized is die niet. Het laatste wat ik wil, is nieuwe items kopen om de uitdaging te kunnen volbrengen. Dat lijkt me net niet de bedoeling.

“Challenge of niet, elke week op hetzelfde moment in dezelfde outfit verschijnen, daar wil ik liever niet aan meedoen.”

Dat eindeloos combineren, dat is dan weer wel de bedoeling. Ik moet op zoek naar kledingstukken die allemaal op elkaar passen. Aangezien ik sowieso kleedjes wil toevoegen aan mijn tijdelijke minigarderobe, moeten vooral de truien er op passen. Daarom kies ik voor twee truien die op twee kleedjes passen.

Zo heb ik nog ruimte voor één broek en één T-shirt, ideaal voor een wandelweekend. De kleedjes, die houd ik casual genoeg zodat ik ze ook kan aandoen op mijn toneelles. Challenge of niet, elke week op hetzelfde moment in dezelfde outfit verschijnen, daar wil ik liever niet aan meedoen. Ook al besef ik dat ook dat me vakkundig werd ingefluisterd door de fast fashion-trendsetters.

Hoe opvallender, hoe liever

Combineren, daarvoor moet ik goed opletten wat voor kleuren en prints ik neem. En laat mijn stijl nu net heel kleurrijk zijn. Hoe opvallender de print, hoe liever. Even in mijn oververzadigde kast kijken. De twee laatste items die ik heb aangekocht, afgelopen soldenperiode, zijn een okergeel T-shirt en een broek met een print waar je niet naast kunt kijken. Het ene aan min dertig procent, het andere was – uiteraard! – onderdeel van de nieuwe collectie. En peperduur, dat ook.

Had ik die kledingstukken wel echt nodig? Was het geen beter idee om het gewoon te doen met wat ik al had? Ik kon ze niet laten liggen in de winkelrekken en heb sindsdien allebei de stukken al meermaals gedragen. Misschien was het toch een goede aankoop? Laten we het uittesten. Als ik ze na zes weken nog niet beu ben, was het geen miskoop. En eigenlijk passen de twee wel op elkaar. Het geel maakt de outfit nog opvallender. Doen? Doen! Een trui die erop past, in datzelfde opvallende mosterdkleur, kon ik snel uitkiezen. Nu nog kleedjes selecteren.

Kort versus lang

Mijn favoriete kledingstuk maakt het mij niet makkelijk. Ik had er 23 in mijn kast hangen, weet je nog? Begin maar eens te kiezen. Uiteindelijk ga ik voor een lentegroen tweedehandsjurkje dat ik deze zomer kocht en zo mooi vond dat ik het ook regelmatig in de winter bleef dragen. Want oef, ook kousenbroeken en nylonkousen tellen niet mee. Als het kouder is, kan ik er dus een bruine of zwarte panty op dragen. Zodra de zon er is, doe ik het wel zonder.

“Zit ik al aan zes? Lap! Dat zijn ze dan, de items waar ik het mee moet doen.”

Een nadeel aan mijn favoriete jurk: de rok is nogal lang en ik houd net van korte kleedjes. Het laatste exemplaar dat ik uitkies, is een kortere jurk, in een neutraler kleur deze keer: zwart met een zwart-witte print. Te combineren met mijn gele pull of een trui met kortere mouwen in gebroken wit – wit past op alles.

Zit ik al aan zes? Lap! Dat zijn ze dan, de items waar ik het mee moet doen. Zoals ik mij had voorgenomen: twee truien, twee kleedjes, een T-shirt en een broek. Ga ik het mij beklagen dat ik niet meer T-shirts in mijn garderobe opgenomen heb? Misschien. Al kan ik voldoende afwisselen met mijn kleedjes dat het wel allemaal goedkomt. Toch? Toch?

Doe je mee?

Ik heb gekozen. Nu is het aan jullie. Doe jij mee met deze challenge? Daag je jezelf (en je kleerkast) uit om andere keuzes te maken? Welke (soort) kleren kies jij uit om zes weken te overbruggen? Zonder welk kledingstuk zou jij niet kunnen? Laat het ons weten en doe mee tot de eindmeet op 18 april. Samen kunnen we die fast fashion-merken tonen dat we niet van hun trends afhankelijk zijn. Less is more, baby!

Lees ook: Charlie checkt: waarom kopen we zoveel kleren?
Foto’s: Jarod Mauws

Schrijf je reactie

    Sarah Vandoorne is freelance journalist. Duurzaamheid is haar stokpaardje. Sinds fabriekscomplex Rana Plaza in Bangladesh instortte, volgt ze de tendensen en de teneur van de textielsector op de voet. In 2018 keerde ze terug naar Bangladesh. Ze koopt kleding enkel tweedehands of in fair fashion-winkels. Meer op haar website, ontketening.be.

    Lees verder in Lijf

    Zonder jou geen Charlie!

    Kom bij de leukste club van het internet en krijg:

    • 2 bookzines per jaar, Charlie goodies en toegang tot alle online artikels.
    • En het allerbelangrijkste: de wetenschap dat je bijdraagt aan een stem die nodig is!

    Ik word lid!

    50
    Vrienden van Charlie

    Ook Charlie friend worden? Stuur een mail voor info naar sophie@charliemag.be

    Colofon

    • Hoofdredactie Jozefien Daelemans
    • Chef redactie Selma Franssen
    • Marketing & partnerships Sophie Docx
    • Art Direction & fotografie Sarah van Looy Carmen de Vos Sandra Mermans
    • Design & code Birdseye design
    Adres Redactie

    Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
    Statiestraat 139
    2600 Antwerpen