“Hocus, pocus, focus! Dat is mijn mantra.”

Evi (35) switcht van de sociale sector naar interieurvormgeving

Een levenslange carrière in hetzelfde werkveld? Deze mannen en vrouwen besloten om de sprong te wagen en kozen voor een totaal nieuw beroep. Deze keer maakt Evi een radicale carrièreswitch van de sociale sector naar interieurvormgeving.

Net voor de start van het interview ben ik getuige van een heuse primeur. Evi heeft haar eerste opdracht te pakken en mag binnenkort de kantoorruimte van een bedrijf inrichten. Ze heeft de stap naar interieurvormgever amper enkele weken geleden gezet, maar sindsdien is het snel gegaan. Met haar aanstekelijk enthousiasme vertelt ze over haar link met de sociale sector, over de schatten van het containerpark en over het collectief dat ze samen met drie creatieve dames oprichtte.

Hoe zag je leven eruit voor de carrièreswitch?

Evi: “De laatste acht jaar heb ik altijd twee banen gecombineerd. Ik gaf les aan de Karel de Grote Hogeschool in de sociale sector en was medewerker bij Jong en Van Zin, een vormingsdienst. Bij die laatste heb ik vorig jaar mijn opzeg gegeven omdat ik wist dat ik als zelfstandige in bijberoep zou willen starten. Dat contract liep af in augustus, maar het stukje docentschap loopt nog even door. Ik ga mezelf twee jaar de tijd geven om te bekijken of het werkt, en als dat blijkt, ga ik er vol voor in hoofdberoep.

Als je echt je passie wilt ontdekken, dan moet je je afvragen wat je vroeger als kind vaak deed.

Ik weet nog dat ik op mijn 18 heel erg getwijfeld heb of ik geen interieurarchitectuur zou gaan studeren. Mijn neef volgde dat toen, en hij kwam thuis met grote boeken vol stalen behangpapier. Maar iets in mij was ervan overtuigd dat je in die richting in een hokje gestoken zou worden en dat je zo je creativiteit zou kwijtspelen. Misschien liet ik me op die leeftijd wel te sterk beïnvloeden door mijn eerste indruk. Het is voor mij in elk geval de veiligere optie, communicatiewetenschappen, geworden.”

Uiteindelijk komt de creatieve kant nu toch weer naar boven. Wat heeft je de stap doen zetten?

“Eigenlijk is het altijd blijven borrelen. Als je echt je passie wilt ontdekken, dan moet je je afvragen wat je vroeger als kind vaak deed. Ik richtte vroeger mijn kamer om de haverklap opnieuw in: alles op een andere plaats zetten, opnieuw schilderen, opnieuw maken. Omdat ik het zo fijn vond, kon ik er niet mee stoppen, maar mijn mama werd er horendol van!

LAMPJES_donker-c

“Deze lampen kocht ik online. Als mensen binnenkomen, vragen ze vaak hoeveel dat wel niet gekost heeft. Maar dat valt eigenlijk goed mee!”

Een vriend van mijn broer kwam hier toevallig tijdens het verjaardagsfeestje van mijn zoontje. Hij zag mijn zelfgemaakte luchter hangen en vroeg me waar ik hem gekocht had. Ik begon mijn verhaal en legde uit hoe ik hem had gemaakt. Eigenlijk waren die lichtjes heel eenvoudig: aparte draden en aparte lampjes op maat van de ruimte. Hij vroeg me waarom ik verder niets deed met die creativiteit, en ik antwoordde dat ik nog niet ver genoeg stond om er echt mee uit te pakken. Hij raadde me aan om in huis gewoon wat foto’s te nemen en dat in een portfolio te zetten. Gaan! Doen! Dat is nu een paar maanden geleden, en sindsdien ben ik gegaan.

Hoe kan je je werk als interieurvormgever het best omschrijven?

“Ik werk het liefst met wat er al is, met wat er al staat. Ik heb een bepaalde stijl. Dat is wat ik kan en waar ik goed in ben. Voor een landelijk interieur moet je niet bij mij zijn. Ik zeg altijd dat ik op maat werk, maar dat is zo’n cliché dat ik het eigenlijk eens anders zou moeten omschrijven. Het is mijn job om het thuisgevoel dat bewoners in zich dragen om te toveren tot een plan. Om een thuis te maken heb je de mensen nodig die ergens wonen. Mensen verzamelen veel, en de dingen die ze bijhouden hebben vaak een speciale betekenis. Ik wil die dingen op de een of andere manier een nuttige functie geven in hun interieur. Eigenlijk moet je gewoon je ogen openhouden. Schoonheid zien in dingen die anderen niet per se mooi vinden en dat inpassen in een bepaald interieur, daar ben ik goed in. En die dingen vind je in je kelder, op zolder, in het containerpark, thuis tijdens het renoveren …

‘Wow, waar heb je dat gekocht’, vragen mensen weleens als ze hier binnenkomen. Geen kat kan zich inbeelden dat ik zoveel spullen maar gewoon heb opgeraapt. Je moet dingen anders durven bekijken.”

LUCHTER-c

“Deze luchter heeft 20 jaar bij een vriendin gehangen, maar zij was hem beu. De ruimte waar hij hangt is op zich heel somber, maar dankzij de kleurrijke luchter krijgt die toch iets speciaals.”

Je richtte onlangs een collectief op, onder de naam Collectif Local. Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?

“Ik heb een traject gevolgd bij Markant, een organisatie die (gespeeld serieus) vrouwelijke startende ondernemers samenbrengt. Ik dacht eerst dat het een theekransje ging worden, maar toen bleek dat er heel wat jonge vrouwen zaten die erg creatief bezig waren. Daar heb ik de mensen van het collectief leren kennen. Een persoon kende ik al van bij Jong en Van Zin. Ik wist dat ik met haar heel goed kon samenwerken: als wij brainstormen, gaat het dak eraf!

Ik had niet gedacht dat wij een collectief zouden vormen tot we samen inzagen dat ondernemen veel meer is dan enkel een goed idee hebben. Een boekhouding, een businessplan, een netwerk, een werkplek … Begin er maar aan! Na een workshop zijn we samen op café gegaan en hebben we besloten een collectief op te richten.”

POLITIE-c

“Dit najaar zouden we van dit oude politiekantoor onze uitvalsbasis maken. Daarna willen we, invasiegewijs, de stad innemen. We zijn grote fans van beweging. Als je creatief bent, moet je ook vooral zorgen dat je geïnspireerd blijft. In beweging blijven, is voor ons een manier om inspiratie op te doen.”

Wie zit er nu in het collectief?

“Vier vrouwen: naast mezelf nog een grafisch ontwerpster, een illustratrice en een copywriter. We hebben allemaal oog voor duurzaamheid, maar we vullen dat op onze eigen manier in. Dat is leuk, want daardoor inspireren we elkaar constant. Onze grafisch ontwerpster wil bijvoorbeeld vooral sensibiliseringscampagnes uitwerken. Ik wil dan weer een link vormen tussen bedrijven en de sociale sector, bijvoorbeeld door bedrijven een sociaal project te laten sponsoren zoals het inrichten van een sociale woning. Ik had vroeger een vriendinnetje dat in zo’n huis woonde, maar ik kwam daar eigenlijk heel weinig omdat haar moeder zich toch wat schaamde. Ik geloof echt dat als je een interieur zo kunt maken dat mensen zich er goed in voelen, dat zowel zij als hun omgeving er beter van worden.”

Hoe zou die link tussen bedrijven en de sociale sector dan concreet werken?

“In mijn offerte voor het bedrijf reken ik een hogere uurprijs aan dan gewoonlijk, zodat ik het ‘overschotje’ kan gebruiken voor mijn uren die ik spendeer aan het sociale project. Ik ga daarvoor samenwerken met kringwinkels en via het OCMW kan ik nuttige contacten leggen. De komende maanden ga ik die contacten uitbreiden en onderzoeken wat er nodig is.”

DEUR-c

“Voor de renovatie van ons huis zaten er overal glazen deuren. Heel mooi, maar ze waren niet meer allemaal in even goede staat en we hebben ze daarom weggenomen. We hebben ze opnieuw gebruikt als schuifdeuren voor de kamer van ons jongste kindje. Een tof effect, en het heeft ons niets gekost.”

Als ik dat allemaal hoor, lijkt het alsof jullie al jaren bezig zijn.

“Toch is dit slechts het resultaat van twee vergadermomenten. Drie als je die keer op café meetelt. Om maar te zeggen wat voor rijkdom dat is, zo’n collectief. Het zorgt echt voor een exponentiële groei van inspiratie. Het werkt heel goed en bezorgt me tonnen energie!”

Tot nu toe is het nog veel zoeken en ontdekken. Wat vind je het moeilijkst aan dit nieuwe avontuur?

“Het vinden, definiëren en vasthouden van focus vind ik het moeilijkst aan ondernemen. Toen ik mijn businessplan aan het opstellen was, merkte ik al snel dat er veel te veel ideeën in zaten en veel te weinig focus. Toen heb ik voor mezelf beslist dat mijn mantra ‘hocus pocus focus’ wordt. Ik merk dat ik dat echt nodig heb. Vroeger nam ik soms te snel een project aan, terwijl ik nu geleerd heb om af te wegen of ik ook werkelijk een meerwaarde kan betekenen voor dat project.

Ik heb ooit een TED-talk gezien over focus. Eigenlijk moet je dat niet te groot zien, het kunnen bijvoorbeeld al vijf dingen zijn waar je het komende jaar of halfjaar op wilt focussen. Bij mij is dat nu – op een hoge plaats – mijn bijberoep, mijn gezin en mijn rust. Dat zijn dingen die eigenlijk al moeilijk te combineren zijn. Toch moet je die begrippen er bij elke vraag of bij elke prikkel even naast leggen. Past het niet, dan wijs je het af!”

TRAP-c

“Humor is heel belangrijk in ons huis.”

Volg Evi op Instagram via @eVIEinterieur.

2 reacties
  • Mooi verhaal! In mijn branche (opleiding Gezinswetenschappen, met traject voor volwassenen) zie je vaak de tegenovergstelde beweging: mensen die ‘eindelijk’ hun droom waarmaken en van de commerciële naar de sociale sector switchen. Het mooie is dat jij je job als interieurvormgever toch weer op een heel sociale manier invult. En ik herken ook enkele van onze projecten: hoe woningen aanpassen aan de nood en vraag van het gezin, of steeds ook meer de gezinnen, die erin wonen, en niet omgekeerd (We schreven er een boek over: De sleutel pas niet meer op elk deur; en we werken nog aan nieuwe publicaties over dit thema). Veel succes nog met je collectief en je projecten!

    • Evi De Wachter says:

      Hey Lut, merci voor de reactie! Ik ben altijd al een tegendraadje geweest 😉 Maar inderdaad, eens een sociaal beest, voor altijd een sociaal beest!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Zonder jou, geen Charlie

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken. Kom dus bij de club en krijg:

  • 2 bookzines ((nr. 6 najaar 2017 + nr. 7 voorjaar 2018)
  • Charlie goodies
  • toegang tot alle online artikels

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!