Interview

Floortje Dessing: “Ik zou liefst doorgaan tot mijn negentigste”

Floortje Dessing: “Ik zou liefst doorgaan tot mijn negentigste”

Presentatrice Floortje Dessing is in Nederland een household name. Al 20 jaar volgen miljoenen Nederlandse tv-kijkers hoe zij de aardbol rondreist. In haar nieuwste programma ‘Floortje naar het einde van de wereld’ bezoekt ze mensen in de meeste geïsoleerde uithoeken van de wereld. Op 24 oktober was ze in Brussel te gast op onze Charlie Talk.

Floortje, we hadden jou een hele tijd geleden uitgenodigd, maar wisten pas een paar uur van te voren dat je bij de Charlie Talk zou zijn. Gaat dat vaker zo?
“Ja, dat is typisch Floortje Dessing (lacht). Ik moet morgen in Malaga zijn. Toen ik vanochtend zag dat ik daar via Zaventem gemakkelijk kon komen, ben ik snel op de trein van Amsterdam naar Brussel gesprongen. Zo kon ik ook nog bij jullie evenement zijn. Als ik kan kiezen tussen thuis Netflix kijken of een avond in Brussel over mijn reizen praten, dan kies ik sowieso dat laatste!”

In ‘Floortje naar het einde van de wereld’ maak je portretten van mensen die in de middle of nowhere zijn gaan wonen. Waarom juist deze plekken?

“Er staat één telefooncel in spookstad Piramiden, dat is de enige plek waar je kunt bellen. Dat is toch magisch?”

“Ik heb een fascinatie voor eenzame, afgelegen plekken. Het is het desolate, beetje nostalgische dat me trekt. Zo bezocht ik de spookstad Piramiden, een Russische mijnbouwplaats op het eiland Spitsbergen, waar vijf mensen wonen. Er staat één telefooncel, dat is de enige plek in Piramiden waar je kunt bellen. Dat is toch magisch? Ik wil dan weten hoe die mensen leven en waarom ze juist daar zijn gaan wonen.”

De best bekeken aflevering van ‘Floortje naar het einde van de wereld’ tot nu toe was die waarin je het Australische Maatsuykereiland bezocht. Hoe was dat?
“De enige twee bewoners van Maatsuykereiland zijn vuurtorenwachters. Ik heb altijd een fascinatie gehad voor vuurtorens, ik moest daar gewoon heen. Mijn cameravrouw en ik konden hen alleen bereiken met een helikopter. Het waren hele lieve mensen die voor ons kookten en appeltaart bakten, we werden er echt als familie ontvangen. De kunst is om die sfeer ook op het scherm over te laten komen. We hebben meestal maar drie dagen om te filmen, dus je moet binnen korte tijd een band met je interviewees vormen. Bij hen was die klik er gelukkig meteen. De meeste mensen die we opzoeken zijn heel blij met gezelschap, ook al hebben ze ervoor gekozen ver van de bewoonde wereld te wonen.”

Begrijp ik nu goed dat jullie de opnames met een crew van twee personen maken?
“We gaan eigenlijk altijd met z’n tweetjes, tenzij het een productioneel zwaardere reis is met veel verplaatsingen, dan zijn we met drie. Hoe kleiner de crew, hoe sneller je een band krijgt met de personen die je in beeld brengt, want anders is het zo’n invasie van mensen die ineens in hun woonkamer staat. Ik doe op reis bijna alles zelf, behalve het camerawerk: van researchen tot een draaiboek bijhouden, materiaal dragen… De opnames zijn dan ook vermoeiend, ik moet voortdurend overzicht houden en weer vertrekken met het best mogelijke interview.”

“Ik pak regelmatig een wereldkaart erbij om plekken te zoeken die ik nog niet ken.”

Hoe kies je jouw bestemmingen?
“Soms vinden we interessante bestemmingen via blogs of tips van kijkers, maar ik pak ook regelmatig een wereldkaart erbij om plekken te zoeken die ik nog niet ken. Mijn oog valt dan bijvoorbeeld op Rainbow Island, dat tegen de Noordpool aanligt, en ik vraag me dan af hoe het daar is. Vervolgens ga ik intensief researchen hoe je er komt en wie er woont, en probeer ik contact te leggen met de paar mensen die er wonen. Dat is niet gemakkelijk, soms bellen we gewoon op de gok een plaatselijk telefoonnummer. Zo vonden we interviewees in Patagonië door op goed geluk het telefoonnummer van een jachthaventje te bellen en te vragen of zij bewoners kenden die van elders naar daar verhuisd waren.”

Wil je mensen aanmoedigen om ook te gaan reizen, of hen liefde voor die plekken bij te brengen zonder dat ze het vliegtuig moeten pakken?
“Negentig procent van de plekken die ik tegenwoordig bezoek, zijn zo moeilijk bereikbaar dat niemand er snel heen zal gaan. Ik zie het zo: als ik er niet heen zou reizen, zouden veel mensen niet eens weten dat deze plekken bestaan of hoe ze eruit zien. Neem het eiland South-Georgia, waar allerlei bijzondere pinguïnsoorten huizen. Bijna niemand heeft over dit eiland gehoord. Ik probeer die wereld voor mensen te openen en te laten zien wie daar leeft en hoe zo’n ecosysteem eruit ziet.”

Je reist nu al twintig jaar, hoe is de manier waarop reisprogramma’s gemaakt worden veranderd?
“Mijn eigen programma’s groeiden mee met mijn persoonlijke ontwikkeling. Ik snakte steeds meer naar inhoud, wilde niet alleen mooie plaatjes tonen, maar ook een verhaal vertellen dat mensen kan inspireren. Bovendien kun je nu echt niet meer om zaken als ongelijkheid en klimaatverandering heen. Twintig jaar geleden werd daar totaal niet over gesproken, je stapte gewoon op het vliegtuig. Maar de laatste jaren kan ik mijn vliegreizen alleen nog voor mezelf verantwoorden omdat ik ook regelmatig mijn nek uitsteek om een verschil te maken.

Ik wil mijn reizen niet greenwashen, want vliegen is gewoon fout. Maar het stelt me wel in staat om bijvoorbeeld een reportage te maken zoals ik twee jaar geleden in Syrië deed. Ik ben toen teruggegaan naar plekken die ik acht jaar eerder bezocht had met ‘3 Op Reis’, om te tonen welke ravage er is aangericht. Dat heeft heel veel losgemaakt, omdat het kijkers liet zijn dat de slachtoffers van de burgeroorlog ook gewoon proberen te leven, werken, naar school gaan… Het gaf een gezicht aan een problematiek die toen nog weinig bekend was. Die reis was niet makkelijk: iedereen raadde me af om te gaan, ik moest heel zwaar verzekerd worden en een cameraman vinden die het aandurfde. Toch wil ik graag meer van dit soort reportages maken, want het is alle moeite waard: er kijken een paar miljoen mensen, waarvan er altijd wel een paar geraakt worden en ook echt actie ondernemen. Dat is waar ik het voor doe.”

“Er zijn altijd wel een paar kijkers die geraakt worden en actie ondernemen. Dat is waar ik het voor doe.”

Je bent regelmatig flink ziek geweest op reis, je hebt in Jemen vastgezeten. Heb je ooit overwogen te stoppen?
“Nooit. Ik heb wel gedacht ik zou moeten stoppen, omdat mijn lichaam het niet meer aan zou kunnen. Ik heb mijn lijf heel zwaar belast. Maar ik heb nooit overwogen om te stoppen omdat het te moeilijk was of te veel werd. Ik zou liefst doorgaan tot mijn negentigste.”

Ga je eigenlijk wel eens op vakantie?
“Ik ben echt het hele jaar bezig, het is niet zo dat ik drie maanden vrij heb. Ik doe naast mijn televisieprogramma’s nog een hoop andere dingen, zoals boeken schrijven, duurzame kledingwinkels runnen, een camping uitbaten en ambassadeur zijn voor projecten die ik belangrijk vind. En ik wil er eigenlijk nog wel een project bij! Op een strand gaan zitten is niets voor mij. Als ik op vakantie ga, dan bezoek ik mensen die ik nog ken van reizen, of ik ga naar plekken waar ik kan kitesurfen, sporten of aan yoga doen.”

Er zijn weinig mensen die zo intensief leven zoals jij. Hoe is dat?
“Er is niemand met wie ik mezelf kan vergelijken en soms is dat wel eenzaam. Iedereen loopt een beetje hetzelfde pad en hoe ouder je wordt, hoe meer je the odd one out wordt als je niet gesetteld bent. Het voelt soms alsof ik op de basisschool zit en de bel is gegaan; iedereen zit alweer in het klaslokaal, terwijl ik nog ondersteboven aan het klimrek hang.”

Jouw uitzonderingspositie maakt je wel weer een rolmodel voor anderen die buiten de gebaande paden willen treden.
“Als dat zo is, vind ik dat echt fantastisch. Ik ben daar redelijk bescheiden in. Iemand als Angelina Jolie, die haar bekendheid inzet om een verschil te maken, dat vind ik een rolmodel. Ik heb niet zo’n leven dat ik denk ‘wow!’.”

Als ik kijk naar de keuzes die jij hebt durven maken, dan opent dat een hele wereld aan nieuwe dingen die je met je leven zou kunnen doen.
“Mijn generatie vrouwen is eigenlijk de eerste die de mogelijkheid heeft gehad om het juk van opvoeding en rolpatronen van zich af te gooien en te doen en laten wat ze wil. Er wordt niet per se van mij verwacht dat ik kinderen krijg, dat ik met een man trouw, dat ik binnen de lijntjes kleur.

“Ik haal alles eruit wat erin zit. Dat betekent ook dat ik dingen heb moeten laten, zoals kinderen krijgen.”

Ik haal alles eruit wat erin zit. Dat betekent ook dat ik dingen heb moeten laten, zoals kinderen krijgen. De stabiliteit die daarvoor nodig is heb ik gewoon niet en ik kan ook echt niet tegen regelmaat. Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik geen kinderen wilde, maar vooral dat het niet kon omdat ik voortdurend op reis ben. Ik denk dat ik de juiste keuze heb gemaakt, ik heb er hard over nagedacht en zelfs therapeuten bezocht om het zo zeker mogelijk te weten. Ik kan niet weten hoe mijn leven eruit had gezien als ik een andere weg was ingeslagen, maar kan ik wel oprecht zeggen dat ik nu een tevreden mens ben.”

Dat brengt ons ook weer terug bij de mensen die je volgt in ‘Floortje naar het einde van de wereld’. Door op zulke afgezonderde plekken te gaan wonen, vallen er heel veel opties af, er is simpelweg geen gigantisch aanbod aan banen, entertainment of winkels zoals in een stad.
“Als je in de winkel komt en er ligt alleen een bloemkool en een stuk kaas, dan ben je heel blij dat je bloemkool met kaas kunt eten. Wij komen in de meest bizarre winkels met 90 soorten kaas en ik weet niet hoeveel soorten groenten. Je moet telkens kiezen, en als je iets kiest, kies je 80 andere dingen niet. Zo werkt onze samenleving. Ik begrijp wel dat mensen daaruit willen ontsnappen en op een plek gaan wonen waar er veel minder is, maar waar dat weinige wel waardevol is. Meer keuzemogelijkheden maken je niet per se gelukkiger. We kiezen allemaal ook maar iets, het leven is vooral heel veel aanmodderen en hopen dat je het goed doet, of je nu hier of op een onbewoond eiland woont (lacht).”

Foto’s: deBuren

Schrijf je reactie

Selma Franssen is freelance journalist en auteur van 'Vriendschap in tijden van eenzaamheid' (uitgeverij Houtekiet, 2019). Haar werk verscheen onder meer bij Charlie Magazine, OneWorld, De Morgen, De Standaard, The New Statesman, VPRO en Vice. Ze volgde het postgraduaat Internationale Onderzoeksjournalistiek, ontving een beurs van het Fonds Pascal Decroos voor haar werk en presenteert journalistieke lezingenreeks 'Moeilijke Dingen Makkelijk Uitgelegd'.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen