“Omdat we alles beter dan goed willen doen, gaan we volstrekt aan onszelf voorbij”

Soms word ik ’s ochtends wakker en dan weet ik: den duvel zit in mij. Dan ben ik toch een potje chagrijnig en boos! Niets kan dan goed gaan. Ik moet de dingen net iets te hard neerzetten, er zit een bal boosheid die ik niet onder controle krijg – alle mindfulnesscursussen ten spijt – en die er via de weg van de grommende, stampvoetende methode uitgewerkt moet worden. Er is niks redelijks aan. Ik heb er geen excuus voor. Sterker nog, het is een bron van diepe schaamte.

Deze specifieke duivel in mijn karakter is ontwaakt toen ik moeder werd en weet zich een weg naar de oppervlakte te friemelen op de ochtenden die volgen op een slechte nacht. Er is dus een directe correlatie tussen slaapgebrek en duivelsheid. Zoiets als slaapgebrek + op het verkeerde moment in een slaapcyclus uit je slaap gegild worden staat gelijk aan duivelsheid tot de derde macht.

“Laatst liep ik woest de trap af met één tiet nog uit mijn bloes, de melk spoot alle kanten op.

Ik vermoed dat ik niet de enige ben die wel eens bezeten wordt door deze onwelkome gast. Met vriendinnen spreken we erover op die lollige vrouwenmanier waarbij we alles wat weg-gibberen en de kunst van het onszelf verlagen tot nieuwe hoogtes weten te verheffen. Dat gaat dan ongeveer zo:

Vriendin A: “Ja, ja, dat herken ik ook. Laatst werd het echt zwart voor mijn ogen en toen liep ik woest de trap af met één tiet nog uit mijn bloes, de melk spoot alle kanten op en ik trok hem gewoon achter me aan!”  

(Ha ha ha. Alle vrouwen lachen. Hun toon is opgelucht (‘ik ben niet alleen!’) maar ook ongemakkelijk (‘zijn we allemaal gek?’)).

Vriendin B: “Ik hoop maar dat hij er later geen last van krijgt. Ik weet ook niet wat me soms bezielt.”       

(Instemmend geknik van de anderen. Stilte. Gelatenheid. Vriendin C slikt hoorbaar). 

Vriendin C: “Ik heb maar weer een afspraak gemaakt met X (de in jonge moeders gespecialiseerde therapeute die we allemaal frequenteren), toch nog eens de dingen doorpraten, beetje professioneel klagen.”

“Ik kan weer ademen en al snel volgt dan die schaamte. Waarom kan ik me niet beheersen?

En weet je wat gek is? Die duvel is vaak weg voor ik het doorheb. Dan zet ik nog even iets hard neer op de ontbijttafel maar voel het niet meer, ik meen het harde neerzetten niet meer, het is een slap gebaar geworden dat nergens meer voor staat. De bal boosheid is weg. Ik kan weer ademen en al snel volgt dan die schaamte. Waarom kan ik me niet beheersen? Waarom overvalt me dit soms zo? Ik heb toch technieken geleerd in die dure mindfulness cursussen om de boosheid voor te zijn en een andere weg in te slaan?! De boosheid verinnerlijkt zich en ik kan mezelf wel voor de kop slaan. Ik probeer het goed te maken en ben dankbaar wanneer de mannen om me heen er in slagen te doen alsof er niets gebeurd is.

Je zelfbeheersing verliezen is een taboeonderwerp onder ouders, want iedereen schaamt zich ervoor. Ja, vroeger gebeurde dat nog wel eens, dat ouders boos werden op hun kinderen, in de jaren stillekes. Maar anno 2017 zijn we als ouders een soort pedagogische medewerkers die zich geen opvoedkundige fout kunnen permitteren. We begrijpen alles, we voelen met alles mee. Veel ouders zijn bang het verkeerd te doen met hun kinderen. En in de verwoede pogingen alles beter dan goed te doen, gaan we soms volstrekt aan onszelf voorbij. Dat moet een keer knallen.

“Is het omdat veel ouders van mijn generatie laat aan kinderen beginnen dat we alles zo perfect willen doen?”

Onze therapeute X legt het allemaal nogmaals geduldig uit. Maak tijd voor jezelf, stel grenzen. ’s Avonds een boekje minder lezen levert geen trauma’s op, noch het periodiek overslaan van tandenpoetsen of het soms genoegen nemen met een croque monsieur als avondeten of het kijken van dat ene extra YouTube-filmpje. Is het omdat veel ouders van mijn generatie laat aan kinderen beginnen dat we alles zo perfect willen doen? Missen we de jeugdige schwung die het ouderschap makkelijker maakt?

Ik weet het allemaal heel goed, maar hier moet ik ook bekennen: ik heb nog nooit een babysit durven vragen. Ik kan het niet. Ik zou me een slechte moeder voelen. Ik had zelf namelijk een hekel aan al die keren dat we babysits over de vloer hadden. Ik wilde mama! Therapeute X weet dit niet. Ze zou me met een spreekwoordelijk pak voor m’n billen naar de kroeg sturen.

 

Foto: Istock
2 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Zonder jou, geen Charlie

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken. Kom dus bij de club en krijg:

  • 2 bookzines ((nr. 6 najaar 2017 + nr. 7 voorjaar 2018)
  • Charlie goodies
  • toegang tot alle online artikels

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!