Reportage

“Ik zal iets later zijn, sorry”

Altijd te laat komen: Hoe komt het en wat kun je eraan doen?

“Ik zal iets later zijn, sorry”

Ik ben het type dat altijd en overal te laat komt. Hoe vroeg ik ook opsta of me begin klaar te maken: ik slaag ik er maar niet in op het afgesproken uur aanwezig te zijn. Is dit enkel een slechte gewoonte die valt af te leren, of kunnen mensen als ik hier echt niets aan doen?

De eerste dag van mijn stage. Mijn wekker gaat af om 7u30. Ik neem een douche, iets uitgebreider dan normaal in een poging de stress van me af te wassen. Ik trek de kleren aan die klaarlagen en wissel na wat getwijfel toch opnieuw van outfit. Mijn trein vertrekt pas om 8u53. Tijd genoeg dus om rustig te ontbijten. Terwijl ik eet, zoek ik de bus op die ik straks zal moeten nemen en teken de route naar kantoor uit. Time check: 8u35. Shit, ik moet nog al mijn spullen bij elkaar zoeken en in mijn rugzak proppen. Tanden poetsen, lenzen op mijn oogbol mikken, mascara op doen, snel even naar het toilet, schoenen aandoen. Moet ik een flesje water meenemen? En een koek. Hoe laat was die trein ook alweer? Time check: 8u47 en ik moet nog een ticket kopen… Ik spring op de fiets, gelukkig woon ik vlakbij het station. Waarom doet de automaat er zo lang over om mijn bankkaart te lezen en dat ticket te printen? Ik spurt de roltrap op, kom hijgend aan op het perron, waar ik de trein voor mijn ogen zie wegrijden… Damn, weer te laat!

“Waar ik ook moet zijn, ik weet eigenlijk al op voorhand dat ik er niet op tijd zal zijn.”

Story of my life. Waar ik ook moet zijn, ik weet eigenlijk al op voorhand dat ik er niet op tijd zal zijn. Als een soort van self-fulfilling prophecy, slaag ik er keer op keer in een paar minuten te laat te verschijnen. Ik weet dat het anderen irriteert, dat het mijn reputatie schaadt en me onnoemelijk veel stress bezorgt. Toch heb ik het gevoel dat ik hier niets aan kan doen. Diana DeLonzor verwoordt dit mooi in haar boek Never Be late Again: “Tegen iemand die vaak te laat komt zeggen dat hij op tijd moet komen, is zoals tegen iemand die op dieet is zeggen dat hij gewoon wat minder moet eten.”

Elke laatkomer heeft zijn eigen reden

Ik ben niet de enige. Er zijn verschillende soorten laatkomers, elk met een eigen achterliggend motief. DeLonzor onderscheidt zeven categorieën.

De goedprater heeft altijd een geldige reden om te laat te komen en ontkent hiermee chronisch de realiteit. Ik ben zo’n goedprater. Als ik ergens aankom, start ik steevast met de zin: “Ik weet dat ik te laat ben, maar…” en dan volgen alle spelbrekers die mijn pad gekruist hebben en voor vertraging zorgden.

Het tweede type, de deadline surfer, krijgt adrenaline van het gehaast. Dit type schiet pas in actie als er haast bij is en de motivatie komt pas als ze al zien dat ze het niet meer zullen halen.  Ook in deze categorie hoor ik thuis: ik heb een heel druk leven en plan alles vol, net omdat ik hou van de ‘rush’ en de kleine crisis die het veroorzaakt als ik ietsje pietsje te laat kom. Ik haal er voldoening en energie uit om van her naar der te haasten.

“Een dag telt 24 uur, maar deze mensen plannen activiteiten in alsof het er 30 zijn.”

De derde categorie is de verstrooide professor. Deze categorie laatkomer is snel afgeleid en kan daardoor het overzicht niet bewaren. En ja, ook hier heb ik last van. Ik kan volledig opgaan in wat ik aan het doen ben en de tijd helemaal uit het oog verliezen. Of ik denk op het allerlaatste moment nog aan die ene belangrijke mail die ik moest sturen en dat document dat ik moest afdrukken en kom uiteindelijk opnieuw hopeloos te laat.

Ten slotte ben ik ook een regelaar. Deze mensen kunnen moeilijk nee zeggen en raken hierdoor overspoeld met taken die zich opstapelen. Ze schatten het leven – en de tijd die ze tot hun beschikking hebben – immer optimistisch in. Een dag telt 24 uur, maar deze mensen plannen activiteiten in alsof het er 30 zijn.

In de andere drie categorieën vind ik minder van mezelf terug, maar ze zijn wel van toepassing op mensen die ik ken en misschien ook wel op jou. Zo heb je de rebel, die een statement wil maken met het laat komen. Het is een kleine uiting van verzet tegen De Norm (op tijd komen). Deze mensen willen niet altijd doen wat anderen van hen vragen of verwachten.

“Vermijders zijn bang dat ze te vroeg zullen zijn en niets te doen zullen hebben.”

Hedonisten willen liever geen opofferingen doen; hun motto is “het moet wel leuk blijven”. Zij blijven liever iets langer hangen dan dat ze zich zouden haasten naar een nieuwe plek. Hun serie kijken ze rustig af om zich daarna pas klaar te maken voor het feestje waar ze eigenlijk al lang hadden moeten zijn.

De laatste categorie chronische laatkomers zijn de vermijders. Ze zijn angstig en nerveus en dat heeft voornamelijk te maken met de vrees dat ze te vroeg zullen zijn en niets te doen zullen hebben. Het idee om er als eerste te zijn is zo eng en ongemakkelijk, dat ze liever te laat komen en minder opvallen in de groep. Wie liever een minuut van zijn massage mist dan twee minuten door een tijdschrift te bladeren in de wachtkamer, zit in deze categorie.

Planning Fallacy

Julie Morgenstern is de schrijfster van Time Management From the Inside Out. De voornaamste reden waarom mensen te laat komen is volgens haar dat ze onderschatten hoeveel tijd ze nodig hebben om een dagtaak uit te voeren. Dit fenomeen wordt ook wel planning fallacy genoemd. Onderzoek wijst uit dat mensen de totale duur van een taak gemiddeld onderschatten met zo’n veertig procent. Het lijkt alsof je altijd tijd te kort komt, maar eigenlijk onderschat je dus gewoon hoe lang dingen duren. Dit kunnen zowel reistijden zijn als de tijd die je nodig hebt om een douche te nemen. Hierdoor lukt het nooit om alle taken op je planning tot een goed einde te brengen.

“Het lijkt alsof je altijd tijd te kort komt, maar eigenlijk onderschat je dus gewoon hoe lang dingen duren.”

Je kan dit probleem volgens Morgenstern aanpakken door een week lang alles op te schrijven wat je doet. Daarnaast schrijf je dan hoe lang je denkt nodig te hebben en hoe lang je werkelijk nodig had om de taak uit te voeren. Ook is het handiger om taken op te splitsen in kleinere tijdsblokken. Als je de was doet, kun je bijvoorbeeld een tijdsblok van twee minuten invoeren om de wasmand te halen, zes minuten om de was in de machine te steken, één minuut om de machine in te stellen, enzovoort. Op die manier kun je accurater inschatten hoeveel tijd elke taak in beslag neemt. Als je dan eenmaal weet hoeveel tijd de verschillende taken die je op een dag doet in beslag nemen, is het gewoon een kwestie van minder taken te plannen, verspreid over meer tijd.

Tips van een expert in laatkomen

Beter timemanagement is dus cruciaal. Diana DeLonzor geeft in haar boek nog een heleboel andere tips. Zo is het belangrijk om ‘nee’ te leren zeggen zodat je planning niet voortdurend door elkaar geschud wordt door wat anderen je vragen. Je kan jezelf enkele antwoorden aanleren waarmee je vriendelijk maar kordaat dingen weigert zoals: “Ik zou wel willen, maar ik moet een deadline halen” of “Kan het niet morgen? Ik heb al iets gepland vanavond”.

Maar je moet ook af en toe ‘nee’ kunnen zeggen tegen jezelf. Zo betrap ik mezelf er geregeld op dat ik nog ‘rap rap’ bepaalde taakjes start voor ik de deur uitga. Nog snel even mijn mails checken, de rommel in huis wat opruimen,… allemaal dingen waar je tijd mee verliest en waardoor je uiteindelijk te laat komt. Deze dingen zijn eigenlijk niet zo prioritair als ze lijken. Stel jezelf de vraag: kan dit wachten? En laat alles wat je later ook nog kan doen liggen.

Een andere tip die DeLonzor meegeeft is de avond voordien al je kleren klaarleggen, weten wat er op tafel komt voor ontbijt en belangrijke spullen als sleutels en portefeuille al in je tas stoppen. Die mentale rust helpt om kalmer aan de ochtend te beginnen en minder tijd te verliezen. Al moet je vervolgens niet in de val trappen die ik maar al te goed ken: “alles ligt al klaar, ik mag dus een kwartiertje langer slapen.”

Ben je eerder een angsthaas die liever te laat komt dan ergens te moeten wachten? Plan dan iets dat al je tijd opslorpt terwijl je wacht. Lees bijvoorbeeld in je favoriete Charlie Bookzine, beantwoord een aantal mails of pleeg telefoontjes naar vrienden. Train jezelf door tien tot vijftien minuten te vroeg te komen. Zo leer je om ‘niets te doen te hebben’ om te vormen in ‘iets te doen terwijl je wacht’.

“Voor een autorit naar Gent rekent mijn moeder minstens een uur, terwijl ik er op 40 minuten heus wel geraak.”

Ten slotte deden enkele van DeLonzors wijze woorden mij aan mijn moeder denken. Zij gaat namelijk altijd van het ergste uit en zet me liefst een half uur te vroeg af aan het station ‘want ik moet nog een ticket kopen en er zal wel een lange rij staan’. Voor een autorit naar Gent rekent zij minstens een uur, terwijl ik er op 40 minuten heus wel geraak. Volgens DeLonzor is dit ook de reden waarom mijn moeder wel overal op tijd weet te komen en ik hopeloos te laat ben op elke afspraak. Als je je niet richt op het tijdstip waarop je er eigenlijk zou moeten zijn, maar je aankomsttijd mentaal met een kwartier vervroegt, bespaar je jezelf veel stress en vergroot je de kans dat je wel op tijd op de bestemming arriveert.

Word je na het toepassen van al deze tips, toch nog opgehouden door onverwachte factoren zoals een ongeval op de baan of een afgeschafte trein? Stuur dan gewoon een berichtje “Zal iets later zijn, sorry”. Want niemand is perfect, je hebt het op zijn minst geprobeerd.

 

Foto’s Istock

Schrijf je reactie

3 reacties
  • Karen says:

    Een duidelijke ‘deadline surfer’ en ‘regelaar’ hier! Met dat voordeel dat ik bij de belangrijke afspraken (werk, stages, trein etc) steeds exàct op tijd ben, met een hoop stress dus ook.
    Minder belangrijke afspraken (daar bedoel ik mee: afspraken waar het niet erg is om 1 minuut te laat te zijn), daar kom ik steevast 5 minuten te laat. Vroeger spraken enkele vrienden zelfs een kwartiertje later af dan het ‘officiële’ uur zodat ik er zeker op tijd was…
    Maar het betert niet jammer genoeg, zelfs als moet ik me elke dag in het zweet fietsen, ik kan nog steeds mails checken, de afwas doen én het tv-programma van vanavond opnemen op die 5 minuten waarop ik eigenlijk rustig had kunnen fietsen… 🙂

  • Silvia says:

    Haha, de vermijders, dat herken ik. Ik heb een vriendin die steevast een kwartier te laat komt als we hebben afgesproken, gewoon omdat ze een panische angst heeft om alleen een café binnen te stappen. Door te laat te komen, weet ze zeker dat ik er al zit.

  • aan de andere kant says:

    Hier een mogelijk bruikbaar inzichtje van iemand aan de andere kant van het verhaal: mijn pa kwam altijd overal te laat opdagen. Small childhood trauma: altijd was alles belangrijker dan bijv. mij op tijd ophalen, mijn moeder bellen, ouderavonden, gemaakte afspraken, beloftes. Als kind gewoonweg verwarrend en beangstigend, als volwassene vind ik (chronische) laatkomers nu ongelooflijk arrogant (childhood trauma speaking!). Want: alles is blijkbaar belangrijker, dan 5 minuten eerder/op tijd vertrekken om je afspraak na te komen, en je laat iedereen maar wachten tot jij bent gearriveerd. Maar ik heb zeker met interesse dit artikel gelezen, het is uiteraard niet persoonlijk bedoeld en ik weet ook: sometimes life happens. Meer inzicht ook in mijn pa nu.

Rani is een 21-jarige studente communicatiewetenschappen met 'pinnekes onder haar gat'. Stilzitten staat niet in haar woordenboek en van 'niets doen' wordt ze onrustig. Ze heeft een uitgesproken voorliefde voor baden, in combinatie met een goed boek en haar favoriete singer-songwriter muziek. Verder danst ze zich door het leven, leert zichzelf piano en zingt heel hard (en vals) in de auto. Mensen zeggen wel eens dat haar lach aanstekelijk is. Met haar teksten hoopt ze ook bij jou een glimlach teweeg te brengen.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen