Portret

“Love yourself, so you can love somebody else”

Kunstenares Liliane Vertessen tussen Muze, Man en Moederschap

Kun je als vrouw volop voor De Kunst gaan? Of vormen een man, kinderen en de afwas van gisteren een ontzettende belemmering bij het scheppen van een meesterwerk? Journaliste Annelies Vanbelle ging praten met bekende creatieve zielen, fotografe Carmen De Vos maakte hun portret. Een reeks die goesting geeft. Om a room of one’s own in te richten.

Liliane Vertessen (63), beeldend kunstenaar, samenwonend, geen kinderen

Met Liliane als persoonlijke gids op een grote overzichtstentoonstelling van haar werk, loop ik langs de vele werken die niet alleen inkijk geven in haar artistieke ontwikkeling, maar ook in haar leven. Het treft me hoe innemend en kwetsbaar deze vrouw is. Ik had me wat anders voorgesteld bij de uitdagende rock-’n-rollbabe in fetisjkledij. De gedroomde persoon moet even bijgesteld met de realiteit. Liliane Vertessen is een warm mens. Een mens waar veel van te leren valt. Bijvoorbeeld over hoe een reputatie als gewaardeerd kunstenaar je niet in de schoot valt.

“Ik ben altijd een harde werker geweest. Dat heb ik wellicht van mijn grootmoeder, zij was een hele sterke vrouw. Ze kweekte haar eigen varkens en kippen, onderhield haar eigen groentetuin. Ze was altijd aan het zwoegen. Ik zie nog hoe het bloed langs haar benen liep toen ze ondanks haar hoge bloeddruk duchtig rozen aan het snoeien was. Ze is uiteindelijk 96 geworden. Iedereen had schrik van haar. Ik heb veel van haar: mijn kracht en een sterke wil.”

“Dat had ik ook nodig. Mijn jeugd was allerminst een aangename periode. Mijn vader verliet ons en mijn moeder was al vroeg alleen met drie kinderen. Ik nam heel veel huishoudelijke taken op mij. Kuisen. Wassen, strijken, was wegleggen. Boontjes schoonmaken en in weckpotten doen. De zaterdag soep maken voor drie dagen. Administratie verzorgen. Als jonge tiener moest ik de dakgoten schilderen van ons huis, en ik schuurde ze tot mijn kneukels kapot waren.”

carmendevos-Charlie-Liliane2

© Carmen De Vos

Geen braaf meisje

“Ik wilde alles leiden, en was niet op mijn mondje gevallen. Van kleins af had ik mijn stem en ik liet mijn mening ook horen. Ze noemden me een ‘vranke’, een stoute. Als kind van drie à vier jaar ging ik de boodschappen doen voor het gezin, en owee als iemand me verlepte producten in de handen stopte of te veel aanrekende. Ik liet me niet doen. Ook op school werd ik vaak gestraft. Ik speelde meestal met de jongens en haalde allerlei kattenkwaad uit. Ik was het enige meisje dat vaak strafstudie had. Later volgde ik avondcursussen om toch maar zo vaak mogelijk thuis weg te zijn. Soms ging ik niet, en werd ik door mijn vader betrapt terwijl ik met jongens aan het foefelen was.”

“Van thuis uit kreeg ik geen enkele stimulans. Ik werd voortdurend de grond in geboord. Bezig zijn met kunst was helemaal not done. Voorbeeldig naar school gaan en hard werken, dat moest ik. Daardoor wentelde ik me al vroeg in een cocon. Ik bouwde een muur rond me en zwoer aan mezelf dat ik mijn hele leven zou doen wat ik wou. In mijn wereldje was ik de baas en niemand zou me dicteren.”

Het hoongelach dat ik soms hoor, kan me niet schelen. Het is een zelfzekerheid die ik heb gekweekt tijdens mijn jeugdjaren.

“Ik maakte mijn eigen kleren, en het kon me niet schelen of mensen me daardoor een zonderling figuur vonden. Ik viel natuurlijk op met mijn eigen creaties. In Leopoldsburg en omstreken kende iedereen me. Nog steeds trek ik aan waar ik zin in heb, ongeacht of het me staat of niet. En het hoongelach dat ik soms hoor kan me niet schelen. Het is een zelfzekerheid die ik node heb gekweekt tijdens mijn jeugdjaren.”

“Aangezien er thuis geen geld was, heb ik hard moeten vechten voor mijn idealen. Als ik iets wou maken, moest ik zorgen dat ik het zelf kon bekostigen. Ik ging kuisen, plafonds afwassen en verven. Behalve het vervaardigen van de neon voor mijn werken, deed ik alles zelf: kaders en foto’s maken, plexiglas en neon bevestigen, enzovoort. Ik heb vaak te hard gewerkt, ten koste van mezelf en mijn gezondheid. Maar ik wist: als je elke dag lekker eten wil, dan moet je een traditionele job zoeken. Ik heb ook altijd pertinent geweigerd om te gaan stempelen. Ik was daar heel koppig in, dat was voor mensen die écht zonder werk zaten. Hierdoor moest ik soms periodes doorkomen met erg weinig geld.”

Honger

“Op een bepaald ogenblik was ik zo ondervoed dat ik ademhalingsproblemen kreeg. Ik bleek aan tuberculose te lijden. Mijn lief en ik waren in die tijd rondtrekkende muzikanten. We speelden in verschillende bands, en trokken naar Amsterdam en Parijs om er gelijkgestemde zielen te vinden en op te treden. Soms zaten we wekenlang in de bidonvilles van Parijs, in vochtige kelders, met amper een half stokbrood en een Mars om dagenlang op te overleven. Ook trokken we naar Amerika, terwijl we alleen geld hadden voor de vliegreis. Je kunt je dat nu niet meer voorstellen.”

Ik heb dat nog steeds, soms het gevoel dat mijn hoofd explodeert van alle indrukken en ideeën.

“Zelfs toen ik erg ziek was, bleef ik trombone spelen. Ik organiseerde in die tijd ook mijn eigen tentoonstellingen. De eerste keer was in de nor in Lommel, onder het politiebureel. Al was dat toen nog niet vanuit het bewuste besef dat ik een kunstenaar was. Ik moest gewoon dingen maken, die drang zat in me. Zoveel gedachten en gevoelens die naar buiten moesten, ik moest me gewoon uiten. Ik heb dat nog steeds, soms het gevoel dat mijn hoofd explodeert van alle indrukken en ideeën.”

“Het was pas nadien, toen ik ontdekt werd door Flor Bex van De Warande en Eric Anthonis van het MUHKA, dat ik besefte dat mijn creaties artistieke waarde hadden. Voor mij was het één geheel: muziek spelen, kleren maken, fotograferen, schilderen. Weet je dat ik al mijn kleren heb weggegeven aan studenten? Nu besef ik dat ik er een tentoonstelling mee had kunnen maken.”

“Fotografie werd in die tijd ook nog niet echt beschouwd als kunst, er bestond een duidelijke scheiding tussen de fotografen en de echte kunstenaars. Maar via Flor Bex en Eric Anthonis rolde ik dus langzaam aan toch in het circuit. Zelf heb ik er nooit naar gezocht, om in het kunstwereldje te zitten. Ik heb er vertrouwen in dat de goede opportuniteiten en de juiste mensen altijd vanzelf op me afkomen, en totnogtoe is dat ook zo geweest. Ik ben al lang blij als ik mijn eigen ding kan blijven doen, al wordt dat maar gesmaakt door een beperkt publiek. Ik ben het type dat langzaam opbouwt, ik hoefde niet meteen zo beroemd te zijn. Carte blanche krijgen bij de dingen die ik maak, dat is het belangrijkste.”

carmendevos-Charlie-Liliane

© Carmen De Vos

Eenvoud

“Financieel is het altijd moeilijk gebleven. Weet je dat ik tot in de jaren negentig zonder verwarming heb geleefd? Ik weet nog dat we ’s morgens opstonden en dat de ramen aan de binnenkant bevroren waren. Mijn vriend is na onze wilde periode in de jaren zeventig les gaan geven, maar ook dat leverde ons samen niet meer op dan het bestaansminimum, of zelfs minder.”

We hebben onlangs de Lunch Garden ontdekt. Daar kun je lekkere lekker eten voor weinig geld. Meer hebben wij niet nodig, want er is de liefde voor elkaar.

“Ik ben daar nu bedachtzamer in geworden. Ik ben degene die de financiën beheert, en een centje opzijzet voor later. We hebben geleend bij een vriend en hiermee een tweede huis gekocht, dat ik nu gebruik als atelier en opslagruimte. Oud zijn en in armoede leven, dat moet pas erg zijn. Koude zou ik nu niet meer kunnen verdragen. Als mijn vriend er niet meer is, wil ik ook een dak boven mijn hoofd, wat eten en wat warmte. Meer verlang ik niet.”

“Mijn vriend en ik laven ons aan de kleine dingen. We hebben onlangs de Lunch Garden ontdekt. Daar kun je lekkere vol-au-vent eten, of een koffie en een croissant krijgen voor weinig geld. Meer hebben wij niet nodig, want er is de liefde voor elkaar. Die warmte, die zielsverwantschap, is wat mij altijd op de been heeft gehouden. In weer en wind, in voorspoed en tegenslag.”

Echte liefde

“Als ik met jonge mensen spreek die kunst studeren, is dat ook altijd het eerste wat ik hen zeg: zoek een goede compagnon de route. Iemand die positief is ingesteld, iemand die je stimuleert. Veel belangrijker dan het maken van kunst, is iemand vinden waarmee je je leven kunt delen. Iemand waar je ruzie kunt mee maken, en waarmee je je nadien weer kunt verzoenen.”

“Mijn vriend steunt me enorm in alles. Niet alleen mentaal en praktisch, maar ook financieel. Elke marge die we hebben, wordt meteen weer geïnvesteerd in kunst. Dat kan alleen maar doordat hij zo goed begrijpt hoe belangrijk dat voor mij is. We zijn samen sinds onze jonge tienerjaren. Al die tijd al staat hij pal achter me. Hij is mijn soulmate, en een stevige steunpilaar.”

“Ik zorg ook heel graag voor mijn man, als een goede huismoeder. Ik poets en ik kook. Als ik een dagje weg moet, zorg ik ervoor dat zijn ontbijt en middageten klaar staan. Zelfs als ik ’s avonds bij thuiskomst afgepeigerd ben, dan nog kook ik voor hem. Voor mezelf zou ik dat nooit doen.”

Ik vind het belangrijk dat je niet gaat zweven en denken dat je fantastisch bent. Je mag je macht gebruiken, maar niet misbruiken.

“Uit mijn werk zou je misschien afleiden dat ik een liederlijk leven heb geleid, en vele mannen heb gekend, maar niets is minder waar. Ik ben hondstrouw. Uiteraard is de verleiding er soms geweest. Vele mannen trachtten me te versieren, ze dachten dat ik een hapklare brok was. Hierdoor had ik al snel een muur opgetrokken. En ik weet heel goed dat het gras niet groener is aan de overkant. Ik zou mijn relatie voor geen geld van de wereld op het spel willen zetten.”

“Ik ben daar redelijk nuchter in. Ook dat is nogal typisch voor mij: ik kan me verliezen in mijn kunst, maar ik sta evengoed met mijn beide voeten op de grond. Ik vind het belangrijk dat je niet gaat zweven en denken dat je fantastisch bent. Je mag je macht gebruiken, maar niet misbruiken.”

“Die sterke band die ik heb met mijn vriend houdt natuurlijk maar stand doordat alles klopt. De binnenkant en de buitenkant. De seks, onze gedachten en gevoelens. Wat heb je aan vluchtige seks? Dat lijkt me iets als eens lekker gaan eten. Ik stel dat lekker eten dan liever uit tot thuis. Dan kan ik het zelf klaarmaken en ben ik zeker dat het goed is.”

 
carmendevos-Charlie-Liliane02

© Carmen De Vos

Een fantastisch leven

“Uit onze relatie zijn geen kinderen voortgekomen. Ik ben er nog niet helemaal uit hoe dat komt, maar het heeft er zeker mee te maken dat mijn kindertijd niet gelukkig was. Het leek me gewoon vreselijk om kind te zijn. Ook waren wij heel jonge tieners toen wij elkaar leerden kennen. We hebben tot in de late jaren zeventig muziek gespeeld, we hadden geen geld. Het zou geen goed idee zijn geweest om kinderen te hebben in een huis dat we niet eens konden verwarmen. In feite waren wij allebei nog kinderen, en daarna zijn we van twee één geworden. De kwestie kinderen heeft zich eigenlijk nooit gesteld.”

“Maar ik heb er geen spijt van, ik heb een fantastisch leven gehad, en ik vind het nog steeds fantastisch. Je krijgt maar één leven, dat speelt zich af vanaf je geboorte tot je dood, en daartussen moet je het zinvol zien op te vullen. Je moet in de eerste plaats iets doen waarmee je jezelf gelukkig maakt. Als je jezelf graag ziet, dan straal je dat uit. Love yourself, so you can love somebody else. Al die foute, vieze dingen die mensen doen, al die oorlogen: dat komt toch alleen maar doordat mensen zichzelf niet graag zien? Het is misschien een idealistische gedachte, maar als iedereen zijn steentje bijdraagt, dan komen we toch al een heel eind?”

Ooit, in een enthousiaste bui, heb ik eens honderd kleine dennetjes geplant, dertig jaar geleden. Dat is nu een prachtig bos geworden.

“Het is mijn levensfilosofie: ik ga niet op de barricades staan, maar ik probeer op kleine schaal, in mijn wereldje, goed te doen voor de natuur en voor de medemens. Mocht iedereen dat doen, dan moet dat toch vertragen, de slechtheid van de mensen? Die bekommernis om de natuur zit er bij mij diep in. Je moet al gek zijn om niet te beseffen dat het zo niet verder kan. Toen ik naar Amerika ging, stond ik versteld van hoe men daar zijn winkelkarretje zat vol te laden met wegwerpproducten. Ik was ervan overtuigd dat het hier nooit zover zou komen, en kijk nu. Hoe lang kan die groei nog doorgaan? Ik ben bezorgd om onze planeet.”

“Om die reden plant ik elk jaar een boom of een struik in mijn tuin. Dat is mijn eigen kleine steentje. Ooit, in een enthousiaste bui, heb ik eens honderd kleine dennetjes geplant, dertig jaar geleden. Dat is nu een prachtig bos geworden, daar ben ik wel trots op. Ik probeer jongeren ook altijd te stimuleren om zelf het heft in handen te nemen. Om niet voor een baas in een grote fabriek te gaan werken, maar om te participeren in kleine bedrijfjes. Ik ben zelf ook zo’n klein bedrijfje. Het brengt niet zoveel op, maar soevereiniteit is voor mij belangrijker dan geld.”

“Ik ben veeleisend voor mezelf, maar ook voor anderen. Als ik een tentoonstelling opzet, werk ik dag en nacht, maandenlang. Ik kan moeilijk delegeren. Kunst maken is niet zoals een bakker die zijn broodjes in de vitrine legt, en blij is als ze verkocht zijn. Ik heb al mijn oude werken bewaard, ik kan er niet zomaar afstand van doen.. Het zijn mijn kinderen. Ja, je moet ze loslaten op een bepaald moment, maar ik hou toch graag een oogje in het zeil. Want mijn werken zijn de binnenkanten van mijn leven.”

Hasselt, november 2012.

Lees hier alle interviews in de rubriek Van de Liefde en de Kunst
Carmen De Vos is een trage fotograaf. Ze was al niet van de rapsten lang voordat traag in de mode kwam. A slow photographer. Op die manier was ze eigenlijk altijd al haar tijd ver vooruit en ging er niks verloren. Met haar geliefde Polaroidcamera kan ze ook moeilijk anders, zo’n machine is niet op snelheid berekend. Ze omhelst de fout, de verkleuring, de onscherpte en houdt ervan om binnen de beperkingen dat het materiaal haar oplegt, het best mogelijke beeld te creëren.

Schrijf je reactie

Annelies A. A. Vanbelle kijkt als journalist al tien jaar diep in de ziel van mensen. Tijdens dagelijkse lange wandelingen brengt ze haar hyperactieve hoofd tot bedaren en krijgt ze haar spannendste ideeën. Het is haar vorm van meditatie, net als frequent museumbezoek. Daar, en in kunstenaarsateliers en galerieën, is ze het gelukkigst. Ze schrijft bevlogen over kunst voor diverse opdrachtgevers en is co-hoofdredacteur van het passionele kunstmagazine The Art Couch.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen