Swaane komt de liefde van haar leven terug tegen

Swaane komt de liefde van haar leven terug tegen

On est parti: deel 2

Swaane ruilde haar hectische leven in Antwerpen in voor een zoektocht door Frankrijk in een kleine caravan. Op Charlie vertelt ze regelmatig een stukje van haar verhaal. Hoe alles begon lees je hier.

Op een doordeweekse dag wandelen er vrienden binnen in het restaurant waar ik elke dag van de week sta te zwoegen en zweten van ‘s morgens tot ‘s avonds. Mijn sociaal leven is gereduceerd tot nul want tijdens de weekends durf ik na de restaurant shift ook nog wel eens een nacht gaan doorwerken in een dans club. Mijn hele leven staat in het teken van Fortuna die wacht in Australië. Vrienden moeten dus in het restaurant komen eten als ze me willen zien.

Mijn hart maakt een gigantische sprong en ik krijg onmiddellijk knikkende knieën als ik zie wie er hen mee naar de tafel volgt. Bert met zijn rosse haren herken ik uit de miljoenen.
Nog verder terug in de tijd hebben wij samen op de Steinerschool gezeten. Maar ik ben vijf jaar jonger dus hij heeft mij nooit zien staan. Ik daarentegen…
Mijn hele kleutertijd heb ik staan kijken naar Bert op de speelplaats, dicht tegen het hek dat ons scheidde gedrukt. Bert was een wilde jongen. Onbesuisd. Een beetje gevaarlijk. Soms klom hij tijdens de speeltijd heel hoog in een boom en doordat de leerkrachten hem dan met man en macht er probeerden eruit te halen, liep de speeltijd uren uit. Of hij kroop op het dak van de school en liep gevaarlijk te balanceren in de dakgoot. Ik was erg bang van hem maar tegelijk ook enorm gefascineerd door hem. Ik kon als klein meisje mijn ogen maar niet van hem afhouden. Dikwijls riep ik mijn kleuterjuf erbij en wees dan met een bevend vingertje zijn richting uit. Omdat ik al die onstuimigheid maar niet begreep. Sussend probeerde ze me dan van dat hek weg te leiden.

En zo begint een paringsdans van wel bijna zes maanden! Bert die elke dag vitaal voorbij jogt en nonchalant binnenspringt om een koffietje te drinken.

Maar god, ik ben die rosse wilde jongen nooit vergeten. Doorheen de jaren die volgen kruisen onze wegen elkaar soms. Maar hij ziet me nog steeds niet staan en ik ben veel te verlegen om iets tegen hem te zeggen. En dan staat hij daar plots voor mij! Ik weet: ‘Nu is het erop of eronder. Ik moet iets zeggen. Ik moet zijn aandacht trekken. Wie weet is dit wel mijn laatste kans.’
Vol goede moed stap ik op de tafel af, mijn notitieboekje in de aanslag. Maar hij kijkt zelfs niet op. Hij kijkt niet eens naar de menukaart. En mijn vriendin bestelt iets voor hem.

De teleurstelling is enorm en ik vind hem de arrogantste kerel die ik ooit ontmoet heb! Vinnig draai ik me om. ‘Ok, dit hebben we dan ook weer gehad!’
Maar soms lijken de dingen niet wat ze zijn. Achteraf blijkt dat Bert heel erg ziek was en zich miserabel voelde die avond maar hij had me wel degelijk opgemerkt. Hij spreekt vol lof over ‘die knappe serveerster’ tegen een gemeenschappelijke vriendin, die de link legt met mij en mij vervolgens inlicht.

En zo begint een paringsdans van wel bijna zes maanden! Bert die elke dag vitaal voorbij jogt en nonchalant binnenspringt om een koffietje te drinken, zogezegd op zoek naar de baas. Die is er nooit maar soit, that’s part of the game. Dus hangt hij wat aan de toog naar mij te staren en ik doe al blozend of hij mij totaal niets doet. Als hij uiteindelijk de moed vindt om mij uit te nodigen voor een optreden van zijn muziekgroepje, antwoord ik: ‘Ik weet nog niet wat ik vrijdagavond ga doen, ik bekijk het nog even.’ Om nadien binnensmonds te vloeken: ‘Stomme geit! Waarom zeg je niet gewoon ja?!’

Uit pure zenuwachtigheid zeg ik heel de avond de foute dingen zoals: ‘Ik ben zeer oraal ingesteld’

Natuurlijk ga ik naar dat concert maar omdat ik niet in mijn kaarten wil laten zien trommel ik wat vrienden op. Als ik met de fiets arriveer doe ik dan ook of ik bijna quasi toevallig daar beland ben: ‘Ik heb hier met vrienden afgesproken en we gaan erna iets eten. Als je zin hebt kan je meekomen?’ Ik zak door de grond als het doordringt dat er niemand van mijn vrienden komt opdagen en na afloop zegt Bert lachend: ‘Tja, dan zullen wij met ons twee iets moeten gaan eten.’ En zo geschiedde.

En uit pure zenuwachtigheid zeg ik heel de avond de foute dingen zoals: ‘Ik ben zeer oraal ingesteld’ terwijl ik eigenlijk wil zeggen dat ik van eten houd. Bert trekt vervolgens grote ogen en knikt bemoedigend: ‘Sounds good to me!’. Ik staar vuurrood in mijn bord.

En dat is het begin van een joint venture dat ons zovelen jaren later naar de noordelijke Ardèche zal brengen. Maar hoe dat gegaan is, lees je later.

Swaane_02kopie

1 reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Zonder jou, geen Charlie

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken. Kom dus bij de club en krijg:

  • 2 bookzines ((nr. 6 najaar 2017 + nr. 7 voorjaar 2018)
  • Charlie goodies
  • toegang tot alle online artikels

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!