column

Het is maar wat je gewend bent

Het is maar wat je gewend bent

In juli en augustus wisselen hoofdredactrice Jozefien Daelemans en Chef Redactie Anouk Torbeyns elkaar wekelijks af in een nieuwe reeks zomercolumns. Deze week: Jozefien over de hete aardappel die het huishouden is. Foto: Sarah Van Looy

“Is papa alweer weg?”

Het is dinsdagochtend en mijn oudste zoon hangt in pyjama in de zetel. “Ja”, antwoord ik, “papa is gaan werken.” “En jij blijft thuis?”, vraagt hij verwonderd. “Ja, vind je dat vervelend?”, plaag ik hem.

Dat hun vader uit huis gaat werken en ik thuisblijf is een beetje wennen voor hem. Papa was er ‘altijd’. En ik was ‘altijd’ aan het werk. De voorbije jaren werkte mijn man vanuit zijn studio op de gelijkvloerse verdieping in ons huis. Hij was er wanneer de kinderen naar school vertrokken en wanneer ze weer thuiskwamen. Ik werk buitenshuis en ben ’s avonds meestal pas rond etenstijd terug, net op tijd om mijn voetjes onder tafel te schuiven voor het avondmaal dat mijn man heeft klaargemaakt.

Maar een paar weken geleden heeft hij een tijdelijke opdracht aangenomen waarvoor hij op locatie moet werken. Hij is blij. Met het vooruitzicht van negen weken schoolvakantie en twee hangerige tieners in huis, is hij opgelucht dat hij een tijdje niet de hele dag thuis hoeft te zijn. Dus hebben we aan het begin van de zomer onze vakantiepuzzel gelegd, met logeerpartijtjes bij de grootouders, sportkampen en wat thuiswerk van mijn kant.

“Papa was er ‘altijd’. En ik was ‘altijd’ aan het werk.”

Ook voor mij is het aanpassen, opnieuw zo vaak thuis zijn. Huishoudwerk, ik heb er niet bepaald een talent voor. En ik geloof ook niet dat vrouwen in het algemeen hier meer talent voor zouden hebben dan mannen. Koken, boodschappen doen, opruimen, tandartsafspraken opvolgen, de was doen, het moet gewoon gebeuren.

Het is ook ‘onzichtbaar werk’.  In die zin dat niemand het opmerkt dat het gebeurt, en iedereen het vanzelfsprekend vindt dat er brood in huis is, propere kleren in de kast hangen en er toiletpapier is op de wc. Ondankbaar werk, omdat niemand het in zijn hoofd haalt om er dankjewel voor te zeggen. Ik snap dus wel dat de hete aardappel die het huishouden is, zo vaak mogelijk wordt doorgeschoven naar de ander. Tot voor kort waren dat vrouwen, nu zijn mannen ook aan de beurt.

Niet alleen in ons huis kleuren we buiten de genderlijntjes. In de hele wereld breken de hokjes open waarin mannen en vrouwen moeten passen. Kinderen groeien vandaag op met andere rollenpatronen dan vijftig jaar geleden, en maar goed ook.

“In de hele wereld breken de hokjes open waarin mannen en vrouwen moeten passen.”

Het WK vrouwenvoetbal is daar misschien wel het mooiste voorbeeld van. Overal zag je video’s en foto’s van vrouwen in situaties die voorheen uitsluitend voor mannen weggelegd leken: schreeuwend, rennend, scorend, juichend, en dat alles in het zweet en onder de modder. Heerlijk om te zien. Ik las dat Nederlandse kinderen onder de 9 jaar er simpelweg vanuit gaan dat de vrouwenploeg hét nationale elftal is. Want zij hebben in hun jonge leven nog nooit het Nederlandse, mannelijke elftal in een wereldkampioenschap zien staan. Hun verwonderde “is er dan ook een mannenvoetbalploeg?” is hetzelfde als de “blijf jij dan thuis voor ons?” van mijn zoon.

We komen de dag door. Het is warm, ik heb veel werk en word voortdurend gestoord. Ik foeter op mijn kinderen omdat ze de hele tijd in de zetel hangen en hun rommel niet opruimen. Ik pomp het tuinzwembadje op totdat het zweet me op het voorhoofd staat, waarna de kinderen er welgeteld drie minuten in spelen en dan weer achter hun smartphones kruipen. Ik geef een preek, zij rollen met hun ogen. Het gewone gezinsleven, quoi.

’s Avonds komt mijn man opgewekt thuis. Zijn emmertje ouderergernissen is nog niet vol en hij groet opgewekt zijn zonen. De tafel is gedekt en we kunnen meteen eten. Net zoals bij mij zo vaak het geval was wanneer ik thuis kwam van een lange dag. In dit huis zorgen we voor elkaar.

De oudste zoon pulkt met lange tanden de cashewnoten uit de maaltijdsalade die ik in elkaar heb geflanst, tussen twee e-mails en een telefoontje door. “Ik vond het eten lekkerder wanneer papa kookte”, moppert hij.

Het is maar wat je gewend bent.

Schrijf je reactie

Jozefien was in een vorig leven art-director bij de vrouwenbladen en is nu kapitein van het Charlie-schip. Haar stokpaardjes zijn gendergelijkheid, beeldvorming in de media en het opvoeden van twee luidruchtige jongens.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen