Interview

Hoe eerlijk is onze olijfolie?

Een gesprek met kersvers olijfboer Thomas Siffer

Hoe eerlijk is onze olijfolie?

Jullie kennen de charmante reclames voor olijfolie wel: een tuinfeest op het Italiaanse platteland waar La Mama een feestmaal bereidt en de hele familie geniet van haar heerlijke huisgemaakte pastasauzen en olijfolie. “Prachtige marketing. Maar er worden flink wat leugens verkocht”, zegt Thomas Siffer, die sinds enkele jaren in Italië woont en daar een eigen olijfboomgaard heeft. “Met extravergine olijfolie wordt vals gespeeld tegen de sterren op.”

Toen ik Thomas leerde kennen was hij creatief directeur van Sanoma Magazines. Wanneer ik hem zag, was hij altijd gehaast en druk in de weer. Met zijn champagnekleurige BMW van de zaak haastte hij zich van de ene businessmeeting naar de andere om te kijken naar Powerpointpresentaties over USP’s, ROI’s en andere Belangrijke Woorden. Vandaag runt hij een hele andere business. Samen met zijn vrouw Els schakelde hij enkele versnellingen lager en verhuisde hij enkele jaren geleden naar Puglia, toen nog voor een sabbatjaar. Het eenvoudige leven beviel hen zo, dat ze besloten te blijven. Maar stilzitten is niks voor dit koppel dat ook al drie jaar lang de wereld rondzeilde. En dus kochten ze een olijfboomgaard.

Wanneer ik bij hen op bezoek ga, word ik ontvangen als een prinses. Ik drink een cappuccino met mijn naam in het melkschuim geschreven op het terras van Tonino, maak kennis met de andere dorpsbewoners en proef van de heerlijkste zelfgemaakte ricotta die wordt verkocht vanuit de kofferbak van de auto van een bejaard boertje. De Italiaanse mama’s die ik zie, missen iets meer tanden dan de Mama’s uit de olijfoliereclame, maar ze zijn minstens even lief.

“Eerlijke extravergine olijfolie aan de prijs dat ze in de supermarkt wordt verkocht? Dat bestaat niet.”

Tijdens een avondlijke wandeling toont Thomas me hun velden. Met hun olijfboomgaard van ongeveer vier hectare met ongeveer tweehonderd eeuwenoude bomen, maken ze sinds vorig jaar biologische extravergine olijfolie. “Wij proberen die zo eerlijk, zo gezond en zo lekker te maken als we kunnen. Van twee dingen sta ik intussen te kijken. Hoeveel werk dat is, en dus hoeveel we daarin moeten investeren. Anders gezegd: hoe duur het is om extravergine geperst en op een tafel te krijgen. En ten tweede: hoe erg met die olie gesjoemeld wordt om de prijs omlaag te krijgen. Want extravergine aan de prijs dat ze in de supermarkt wordt verkocht? Dat bestaat niet.”

Ik voel zijn enthousiasme gloeien wanneer Thomas over zijn olijfolie praat. Dit is meer dan een hobby. Het is een project waarmee hij ook de lokale bevolking wil helpen en tegelijk de bewuste consument een beter product wil aanbieden. Waarom is hij hier zo begeesterd door?

“We worden beduveld”, zegt Thomas. “Voor het eerst in mijn leven zie en voel ik hoe de voedingsindustrie met de voeten van ons allemaal speelt. En we staan er hulpeloos bij te kijken. Ik weet dat sinds ik zelf boerderijtje speel.”

“De kleine olijfboeren én de consument zijn de dupe. Boeren krijgen alsmaar lagere prijzen voor hun labeur. Dat geldt ook voor melk en tomaten en varkensvlees. Maar laten we het bij olijven houden. Die kunnen de grote producenten ook in Egypte en Tunesië kopen. Wat doet een Italiaanse boer onder druk van de mondiale markt? Die probeert zijn productiekosten op alle mogelijke manieren te drukken. Hij gaat gevaarlijke hoeveelheden vergif spuiten op zijn velden, om alle schimmels en insecten dood te krijgen en de planten onnatuurlijk op te fokken. Hij melkt de Europese subsidies. Hij draait er zijn hand niet voor om om zijn arbeiders zwaar uit te buiten. (Deze zomer stierven in Italië al drie druivenplukkers van uitputting.) En desnoods laat hij zijn oogst rotten op het veld omdat dat minder kost dan ze te oogsten en tegen dumpprijzen te verkopen. Maar ook de consument wordt belogen. Hem wordt wijsgemaakt dat hij gezonde en échte extravergine olijfolie kan kopen aan goedkope prijzen. Wel, dat kan niet. Er moet worden vals gespeeld.”

Als ik aan mijn voorraadkast denk, staan daar toch vooral flessen olijfolie die claimen Italiaanse Extra Vergine Olijolie te bevatten. Wat zit er dan in die flessen, vraag ik.

“De kleine olijfboeren krijgen alsmaar lagere prijzen voor hun labeur waardoor ze steeds grotere rommel produceren.”

Met extravergine olijfolie wordt vals gespeeld tegen de sterren op. Volgens onderzoekers was in 2007 – hou je vast – slechts vier procent Italiaanse extravergine olijfolie echt helemaal extravergine Italiaanse olijfolie. Zeventig procent schijnt ronduit vervalst te zijn. Zeventig procent! Geen wonder, er wordt berekend dat Italië drie keer meer Italiaanse olijfolie verkoopt dan Italië zelf produceert. Het gaat dan om bijvoorbeeld Afrikaanse afvalolie van fermenterende olijven die via Spaanse dekmantelbedrijven in Italië gemengd wordt met vervallen Griekse olijfolie en palmolie. Die brij wordt met chemische hocus pocus en veel smaakstoffen opgewerkt en als Italiaanse extravergine uitgevoerd. Zulke dingen. Kortom: het is een maffia.”

Ik vraag me af of je zo’n systeem onderuit kan halen, of zelfs maar een alternatief kan bieden? Thomas’ verhaal lijkt op dat van vele andere lokale ondernemers en producenten die ik in de afgelopen jaren ontmoette.

Thomas: “Als ik teveel naar Games of Thrones heb gekeken, voel ik mij een soldaatje in het leger dat ten strijde trekt tegen dat marktmechanisme. Gelukkig zie je steeds meer welwillende boeren en leveranciers die steeds meer zoekende klanten vinden. En omgekeerd. Beenhouwers als Hendrik Dierendonck die gaan voor ethisch en biologisch gekweekt vlees, restaurants als die van Kobe Desramaults die alleen met lokale, seizoensgebonden en biologische producten werken. Er zijn steeds meer zulke kleine productiecellen die de consument kan vertrouwen.”

“Het internet ontketent een revolutie. Kleine producenten en bezorgde klanten kunnen elkaar nu online vinden.”

Thomas: “Het probleem is dat niet iedereen zijn eigen groenten en vlees kan kweken, of een eerlijk boertje om de hoek kan vinden. Italië ligt ook wat ver. Maar daar zorgt het internet voor een revolutie. Kleine producenten en bezorgde klanten kunnen elkaar nu online vinden. Wereldwijd. Naast de markt. In vertrouwen. Wijzelf verkopen onze olijfolie online, via onze website thomaseglialtri.com, met nieuwsbrieven en ondersteund door onze Facebookpagina. Een keer per jaar, een week nadat ze geoogst en geperst werd, brengen we onze biologische olijfolie naar België en van daaruit wordt alles verdeeld of naar onze klanten opgestuurd. Vorig jaar was onze hele productie in een paar weken uitverkocht.”

Aangekomen bij hun huis te midden de olijfgaarden wacht de mooiste Italiaanse Mama van het dorp ons op. Els heeft de tafel gedekt in de tuin, onder een oud olijfboompje. Het witte voile tafellaken wappert in de wind. Op tafel staan versgeplukte wilde asperges, zelfgekweekte rapenstelen en andijvie, overgoten met hun zelfgemaakte olijfolie. Het is allemaal even verrukkelijk. Jammer dat er geen filmploeg aanwezig is voor een reclamespotje.

“Niemand moet onze olie kopen, hoor. Echt niet.” zegt Thomas nog. “Want ja, ze lijkt aan de dure kant. €12,25 voor 70cl. En we verkopen alleen per vijf liter. Maar sorry, goedkoper krijg ik hem niet geproduceerd en geleverd.”

De olie van Thomas e gli altri is inderdaad duurder dan de olie uit de supermarkt. Maar nu weet ik hoe met de grote merken gesjoemeld wordt. En als ik voor het eerst proef hoe lekker Thomas’ olijfolie smaakt, dan is mijn keuze snel gemaakt.

Meer info: Thomas e gli altri
Foto’s: Thomas Siffer en Jozefien Daelemans

Schrijf je reactie

1 reactie
  • colle says:

    beste,
    wij zijn de familie colle en bezitten in het spaanse Tarragona een olijfboomplantage .
    Wij zijn het met u eens over de prijs en de kwaliteit van de zogezegde grote bedrijven.
    langs deze weg willen wij co&oil team u steunen tegen deze maffia praktijken
    groeten het co&oil team

Jozefien was in een vorig leven art-director bij de vrouwenbladen en is nu kapitein van het Charlie-schip. Haar stokpaardjes zijn gendergelijkheid, beeldvorming in de media en het opvoeden van twee luidruchtige jongens.

Lees verder in Zin in

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen