De jeugd van tegenwoordig volgens Aminata Demba en Aïcha Cissé

Naar goeie gewoonte werd Het Theater Festival eind augustus in deSingel afgetrapt met een ‘State of the Youth’. In deze vlammende speech lieten theatermakers Aïcha Cissé en Aminata Demba hun licht schijnen op de staat van de podiumkunsten en het leven van jonge makers. Charlie deelt  twee fragmenten uit deze inspirerende tekst.

“To choose well, you must know who you are and what you stand for…”

De confrontatie met denkbeelden over onze kleur werd pas echt tastbaar op het podium. Wijzelf leven met een naïef verlangen om er zelf geen betekenis aan te geven in de hoop dat anderen in onze omgeving dat vervolgens ook niet zouden doen.  Een impuls die we sinds onze kindertijd toepassen. Schattig maar het werkt niet! De verzameling aan ideeën en verankerde beelden die schijnbaar op onze huid getatoeëerd staan, dwingen ons in een keurslijf waar we niet in passen. Het beïnvloedt in welke richting gesprekken gaan en de verwachtingen van ons als speler en maker. Deze gepercipieerde identiteit blijkt allesomvattend te zijn. En de vraag wordt nooit echt aan ons gesteld. Wie ben jij? Hoe zie jij jezelf? Wat wil jij vertellen? Onze antwoorden op deze vragen zijn gelaagd en niet eenduidig en veranderlijk in de loop der tijd.

“Wie ben jij? Hoe zie jij jezelf? Wat wil jij vertellen?”

Intussen hebben we een zesde zintuig aangemaakt waarmee we veel kunnen filtreren en relativeren in ons dagelijkse omgang. Alleen wordt het gevoelig wanneer we merken dat er achter de aannames die er bestaan over onze huidskleur een grotere structuur zit waartegen we als individu niet op kunnen boksen (kranten, media, film/televisie, reclame, theater). Het wordt uitermate frustrerend wanneer deze structuren bepalend zijn voor ons professionele loopbaan.

Je afkomst bevragen of je eigen positie als kunstenaar inzetten om een politieke of maatschappelijke boodschap uit te dragen is een legitieme artistieke strategie. Waar het voor ons wringt is de onbeschreven maar bijna dwingende verwachting om die afkomst telkens aan te boren als motor om iets te maken. De verwachting om ons uiterlijkheid telkens een functie te geven. Een verwachting om als speler of maker een engagement aan te gaan tegenover bepaalde politieke thematieken. En de verwachting om de toeschouwer aan te spreken op zijn verantwoordelijkheid hierin. De verwachting telkens een duidelijk statement te brengen ter verdediging van de groep waar we schijnbaar voor staan. Dat is een keuze die wij niet hebben gemaakt.

“Theater is voor ons de plek waar we onze voeten vegen aan impliciete verwachtingen.”

Wij zijn niet in ontkenning over het feit dat als mensen ons zien, ze een Afrikaanse vrouw zien. Maar wij willen in ons vak de vrijheid krijgen om elk thema of personage waar we voeling mee hebben te kunnen vertolken. Het is onontkomelijk dat die voeling gestuurd wordt door wie we zijn, onze geaardheid en onze geschiedenis. Maar de factoren die ons sturen zijn veel breder en uiteenlopend. Theater is voor ons de plek waar we onze voeten vegen aan impliciete verwachtingen. De plek waar we algemene opvattingen kunnen overstijgen en waar we alles wat ons tot mens maakt bevragen. Dat deze vrijheid beperkt wordt ten gevolge van een huidskleur beperkt ons in de mogelijkheid om ons uit te leven in ons vak. En om die redenen moeten we het er vandaag dus toch nóg eens over hebben! 

Weerspiegeling van de veelheid die de wereld te bieden heeft in de podiumkunsten = transitieproces

Diversiteit staat als werkpunt al lang op de agenda. Maar we kunnen niet anders dan opmerken dat het ook nog steeds vaak het vertrekpunt is voor stroeve discussies, met een algemene vermoeidheid en ongemakkelijkheid tot gevolg. Begrijp ons niet verkeerd, de discussie is niet slecht. Het is het teken dat er geen onverschilligheid heerst. Wat ons vandaag verontrust is de wij-zij toon die meer en meer de overhand neemt. Onze grootste zorg is dat wat er in de politiek gebeurt, overslaat naar de kunsten. Dat wij het strijdtoneel worden met aan beide weerszijden defensieve voorvechters. Ieder kamp hoort enkel zijn eigen getier. Bijgevolg plooit iedereen terug op zichzelf en bevecht zijn eigen strijdjes.

“Waarom is de diversiteit waarin we leven, zeker in stedelijke contexten, nog zo weinig voelbaar in het theater?”

Als kunstenaars met een kleur hebben we het gevoel dat er veel discussies boven onze hoofden heen gaan. Aan de ene kant worden raciale thematieken druk behandeld binnen de podiumkunsten. Als je niet mee op de barricade gaat staan om kleur-gerelateerde problematieken te bespreken, word je daarop aangesproken. Aan de andere kant zijn er tal van maatschappelijke discussies die ook in de kunsten een rol spelen. Denk maar aan als het migratiedebat, het vluchtelingendebat, participatiedabat, het dekolonisatiedebat en daarbij de inhaalbeweging rond diversiteit op het veld. Beide strekkingen zijn legitiem en hebben uiteraard goede bedoelingen, maar voor ons als kunstenaar met een kleur voelt het alsof we in onze tussenpositie een kant moeten kiezen. Terwijl we volop bezig zijn met onze eigen strijd, namelijk het overleven als maker, als speler en zoeken naar onze eigen podiumtaal.

We voelen ons niet altijd geroepen om in 1 hok gezet te worden om als kracht uit te dragen tegen maatschappelijke discussies. Maar we stellen ons wel vaak de vraag: waarom is de diversiteit waarin we leven, zeker in stedelijke contexten, nog zo weinig voelbaar in het theater, op de scéne en in de artistieke teams?

You must know where you want to go and why you want to get there.” Weten wie je bent en waar je naartoe wilt, is in de praktijk geen evidentie. Maar keuzes moeten er wel gemaakt worden.

Om te professionaliseren, en dit geldt voor heel het theaterlandschap, is er financiële zekerheid nodig. Een egalitaire verdeling van de middelen en ruimte is bevorderend voor de verbreding van de sector en versterkt ook de wankele positie van elke freelance-podiumkunstenaar, ongeacht of die persoon zich via een volwaardige opleiding of via een alternatieve stroming een weg heeft gebaand naar het professionele circuit.

“De kracht voor vernieuwing zit in het ontmoeten van elkaar, naar elkaar gaan kijken, potentie erkennen en ondersteunen.”

Wij hebben van in het begin de ‘doe het zelf’ houding gehanteerd. De rest volgt wel. Maar de realiteit is dat het ons alleen niet lukt. Wij vragen aan jullie om jullie posities te gebruiken om de transitie mee waar te maken. Het gaat om een gezamenlijke verantwoordelijkheid die de hele gesubsidieerde theatersector draagt. Wij willen het er niet altijd over hebben maar voelen ons verantwoordelijk om van de theaters langs binnen en langs buiten een plek voor iedereen te maken. Die tweestrijd zit in ons. Het er niet over hebben in deze SOTY zou een vals statement van onverschilligheid uitdragen.

Theater maak je samen. Samen moeten we aan de toekomst bouwen maar aan de samenstelling van “samen”, daarin moet verandering komen. De groep mensen waarmee je een traject aflegt.  In deze groep moet elke kunstenaar de ruimte krijgen voor zijn eigen ideeën, verlangens, tegenstrijdigheden en versnipperde referentiekaders.

De kracht voor vernieuwing zit in het ontmoeten van elkaar, naar elkaar gaan kijken, potentie erkennen en ondersteunen. Die ervaring en wisselwerking is van ontzettend groot belang voor de toekomst waar we naar willen streven. Zo kunnen we het verschil maken en misschien als voorbeeldfunctie dienen voor de politiek, de media, televisie-, reclame-, en filmwereld.

“The Youth is coming for you, een nieuwe stroming, met nieuwe invloeden.”

Ook ons artistiek parcours is zo begonnen. Samen aan de eettafel zitten, als collega’s, als vrienden, en dromen over wat we willen vertellen aan een publiek dat bereid is te luisteren. In de hoop hen te beroeren met de eigenheid die wij te bieden hebben. Vervolgens, en dit zal velen onder jullie misschien verbazen, vervolgens hebben we elkaar losgelaten. Elk hebben we een andere bocht genomen, nieuwe mensen tegen het lijf gelopen waarmee we samen aan iets konden bouwen. En die verrijking blijven we telkens opzoeken.

Als je iets moet onthouden van deze State of the Youth is het vooral een pleidooi voor verbinding, vrijheid om als kunstenaar eigenheid te vinden, en een eerlijke verdeling van middelen en ruimte op alle niveaus.

The Youth is coming for you, een nieuwe stroming, met nieuwe invloeden. Het is een grote golf. The Youth is coming om zichzelf bevestigd te zien.

The Youth is coming. Are we ready for them?

Deze fragmenten van ‘State of Youth’ werden door theatermakers Aïcha Cissé en Aminata Demba geschreven voor het Theater-festival 2018. Een interview met hen lees je hier. Foto boven: (c) Tina Herbots
Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met deSingel.
0 reacties

Plaats zelf een reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Zonder jou
geen Charlie!

We hebben jou nodig om ons magazine te blijven maken. Kom dus bij de club en krijg:

  • 2 bookzines (nr. 8: najaar 2018, nr. 9: voorjaar 2019)
  • Charlie goodies toegang tot alle online artikels
  • En het allerbelangrijkste: de wetenschap dat je bijdraagt aan een stem die nodig is.

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!

Colofon

  • Hoofdredactie Jozefien Daelemans
  • Chef redactie Selma Franssen
  • Marketing & partnerships Sophie Docx
  • Art Direction & fotografie Sarah van Looy Carmen de Vos Sandra Mermans
  • Design & code Birdseye design
Adres Redactie

LDV United
t.a.v. Charlie Magazine
Rijnkaai 100
2000 Antwerpen