“We moeten stoppen met sekswerkers te zien als slachtoffers”

Charlie sprak met een hulpverlener en een mannelijke sekswerker

De ideeën die we hebben over sekswerk komen niet altijd overeen met de realiteit. Sekswerkers zijn lang niet allemaal slachtoffers, maar maken soms net een bewuste en weloverwogen keuze om seks te hebben in ruil voor geld. Als we er al over durven praten, gaat het bovendien meestal over vrouwelijk sekswerk. Mannelijk sekswerk krijgt minder media-aandacht en wordt minder bestudeerd, maar het bestaat evenzeer.
De serie Callboys uit 2016 gaf Vlaanderen een eerste kijk op het leven van een mannelijke sekswerker, maar ook die is niet helemaal realistisch. “Misschien zijn ze er wel, maar zelf ken ik geen enkele callboy”, vertelt Jasper, hulpverlener bij Boysproject, een organisatie die zich inzet voor het welzijn van mannelijke en transgender sekswerkers in Antwerpen.

“Eerst en vooral bestaat er niet zoiets als ‘dé sekswerker’. Daarom hebben we het meestal over de actie zelf. Veel van de mannen die bij ons langskomen, identificeren zich niet met de labels ‘escort’, ‘prostituee’ of ‘sekswerker’, maar hebben gewoon seks voor geld. De gasten van Boysproject zijn voornamelijk mannen die seks hebben met mannen, maar ze zijn niet allemaal homoseksueel. Er zijn zelfs heteromannen die er homofobe waarden op nahouden, maar zich toch laten betalen om seks te hebben met andere mannen. In bepaalde culturen is het ook zo dat alleen de passieve ontvanger van anale seks gezien wordt als homo.”

Ook C, een van de mannen die door Boysproject ondersteund wordt, identificeert zich niet als homoseksueel. “Ik weet eigenlijk niet wat ik ben. Seks hebben met mannen vond ik in het begin moeilijk. Het duurde lang voor ik een man durfde tongzoenen en oraal durfde te bevredigen; die dingen vond ik vies. Ik geniet er nog steeds niet van. Een klant zei ooit tegen mij dat hij van mij hield – ik antwoordde dat ik van zijn geld hield. (lacht)”

“Sekswerk bestaat en zal ook blijven bestaan.”

Boysproject wil de levenskwaliteit van mannelijke sekswerkers in Antwerpen verbeteren. Dat doen ze door een open en laagdrempelige sfeer te creëren: iedereen is welkom, met alle mogelijke vragen. “Als hulpverlener kun je veel doen, maar natuurlijk ook heel veel niet doen. We zullen nooit moralistisch optreden; het is ook niet ons doel om onze gasten te laten stoppen met sekswerk. Sekswerk bestaat en zal ook blijven bestaan, dus we willen ervoor zorgen dat dat op een manier gebeurt die zo min mogelijk schade berokkent aan sekswerkers of hun omgeving. De meeste hulpvragen gaan over seksuele gezondheid of over sekswerk, maar we krijgen ook totaal andere vragen. Het is natuurlijk logisch dat niet iedereen die hier komt meteen zijn levensverhaal aan ons vertelt. Vertrouwen moet ruimte krijgen om te groeien. Daarom staan we ook open voor praktische vragen die op het eerste zicht weinig met sekswerk te maken hebben.”

“We proberen ons bewust te zijn van kruispuntdenken. Veel van onze gasten zijn niet alleen sekswerker en homoseksueel of trans, velen onder hen zijn ook migranten die geen papieren hebben of de taal niet spreken, hebben een drugprobleem of zijn besmet met HIV. Iedereen verdient een specifieke aanpak voor zijn specifieke situatie”, vertelt Jasper.

Verder besteedt Boysproject ook aandacht aan seksuele gezondheid. Ze delen gratis condooms uit, leren mannen hoe ze die correct moeten gebruiken, en om de twee weken komt er een dokter langs waarbij iedereen zich gratis kan laten testen op soa’s. “Onze gasten hebben natuurlijk erg veel wisselende contacten, en bij anale seks is de kans dat hiv wordt doorgegeven nu eenmaal groter omdat er daarbij makkelijker wondjes ontstaan. Er bestaan binnen het sekswerk nog veel mythes over seksuele gezondheid. Ze denken soms dat als ze geen symptomen hebben, ze ook niet ziek kunnen zijn. Ondertussen kunnen ze natuurlijk wel anderen besmetten. En in andere gevallen hebben ze wel symptomen, maar durven ze er niet mee naar de dokter stappen.” Door zelf een dokter te laten langskomen op een vertrouwde plek, wilt Boysproject hen aanmoedigen om zich vaker te laten controleren. Zowel voor hun eigen veilig- en gezondheid als voor die van hun klanten.

“Er bestaan binnen het sekswerk nog veel mythes over seksuele gezondheid.”

Ook C kwam bij Boysproject terecht door hun gratis soa-tests. “Ik liet me al geregeld testen, maar een vriend van me vertelde me dat het bij Boysproject gratis kon. Uiteindelijk leerde ik iedereen er goed kennen en ben ik niet van plan te stoppen met langskomen, zelfs niet als ik stop met sekswerk. Ik woon alleen en heb af en toe nood aan een babbel. Dan kom ik naar hier. Ook heb ik zelf veel ervaring met sekswerk, en probeer ik jonge jongens die er net mee beginnen tips te geven.”

C is nu veertig en doet sekswerk sinds zijn zeventiende jaar. De klanten die hij nu heeft komen vooral naar hem voor het gezelschap. “Weinig van mijn klanten willen me nog naakt zien. Ze hebben gewoon geld te veel en hebben iets of iemand nodig om het aan uit te geven. Dan willen ze met mij iets gaan eten of drinken.” In de twintig jaar dat hij sekswerk doet, heeft hij veel mensenkennis opgedaan. “Aan iemand zijn ogen zie ik alles. Ik haal er zo de eerlijke jongens en de fakers uit.”

Vroeger zocht hij zijn klanten op straat en in bars, tegenwoordig doet hij dat grotendeels via het internet. “Je kan niet meer om het internet heen”, zegt Jasper. “Dat is niet anders voor sekswerk. Bovendien is de homogemeenschap al langer online aanwezig. Lang voor Tinder een hype werd of zelfs überhaupt bestond, was er al Grindr, een geosociale app die homoseksuele mannen met elkaar in contact brengt. Het voordeel aan het internet is dat sekswerkers heel zelfstandig te werk kunnen gaan, zonder tussenpersoon. Toch bestaat pooierschap ook online. Werken via het internet is voor sekswerkers soms gevaarlijk, want je weet nooit precies welk vlees je in de kuip hebt en mist de sociale controle die je wel hebt op straat.”

“De redenen waarom iemand in de prostitutie terechtkomt zijn enorm divers. Het is vaak een bewuste keuze.”

C heeft zo zijn eigen methode om te voorkomen dat klanten moeilijk gaan doen: “Ik heb alle informatie en prijzen op mijn online profiel staan zodat er geen verwarring over kan bestaan. Ik geef altijd mijn telefoonnummer zodat klanten me moeten sms’en, en ik sla hun nummers op voor wanneer er iets zou misgaan. Van telefoontjes maak ik opnames. Dan kunnen ze achteraf niet zeggen ‘dat was niet afgesproken’ of ‘ik wist niet dat ik daarvoor moest betalen’. Ik geef klanten ook nooit mijn volledige adres, maar gewoon het huisnummer van mijn appartementsgebouw.”

Als we denken aan prostitutie, denken we vaak aan slachtoffers, en dat is volgens Jasper een fout beeld. “Natuurlijk bestaat er zoiets als pooierschap, maar de redenen waarom iemand in de prostitutie terechtkomt zijn enorm divers. Het is vaak een bewuste keuze. In het gay uitgangsleven is het sowieso vrij ingeburgerd dat mensen geld aanbieden in ruil voor seks. Uit een Nederlandse online survey over online dating bij jonge mannen, tussen de 18 en 29, die seks hebben met mannen blijkt dat 71% van hen online ooit ruilseks kreeg aangeboden. 16% van de homoseksuele jongens onder de 25 is daar minstens één keer op ingegaan. Ik zie geen reden waarom dat bij ons anders zou zijn. Als je graag uitgaat naar dure clubs zit je misschien niet in een overlevingssituatie, maar dat extra geld is dan wel mooi meegenomen. Als je dat meer en meer begint te doen, komt er ontzettend veel geld binnen. Waarom zou je dan daarnaast nog een andere job doen? Zo rollen de meesten erin.”

C maakte een bewuste keuze om met sekswerk te starten. “Ik moest kiezen tussen geld van mijn ouders of zelf geld verdienen. Sekswerk leek heel simpel. Ik moest niet veel doen, en op vijf minuten had ik 50 euro verdiend.” Hij heeft er geen spijt van. “Alles wat ik nu heb – mijn auto, mijn huis, mijn spullen – heb ik kunnen kopen door wat ik verdiende met sekswerk.”

Zijn familie en vrienden weten niet wat hij doet. “Ik heb een tienerdochter. Zij weet het niet en zal het ook nooit weten. Ik vertel tegen iedereen dat ik in de horeca werk. Mijn ex-vriendin was er ooit bijna achter gekomen. Zij vond geld – en geen beetje – in mijn broekzak en kreeg een vermoeden.” Jasper vertelt dat ze bij Boysproject niet veel mannen met een gezin ontmoeten. “Maar ook dat is heel divers. Sommigen hebben kinderen en een partner die er niets van weet, anderen hebben een partner die het wel weet en nog anderen stoppen ermee wanneer ze een vaste relatie krijgen.”

“Ik besta in twee werelden: de heterowereld en de homowereld. En ik moet altijd een beetje acteren.”

Sekswerk brengt heel wat risico’s met zich mee. Jasper vertelt over de mentale problemen waar sekswerkers vaak mee te kampen hebben. “Ze kunnen vaak jarenlang met niemand open zijn over wat ze doen en moeten een groot deel van hun leven verbergen.” Voor C voelt het alsof hij al jarenlang een dubbelleven leidt. “Ik besta in twee werelden: de heterowereld en de homowereld. En ik moet altijd een beetje acteren.”

Veel sekswerkers komen in contact met drugs. C nam vroeger enkel occasioneel speed, maar merkt dat drugs bij heel wat van zijn collega’s een groot probleem vormen. “Niemand die ik kende in die wereld uit de jaren negentig leeft nog”, vertelt hij. Boysproject probeert ook bij drugsproblemen te helpen zonder moraliserend op te treden. “Wij merken dat bijna iedereen die hier langskomt wel iets gebruikt. Het zijn niet allemaal problematische gebruikers, maar het is wel heel aanwezig. Wellicht zoals in de bredere samenleving; we moeten daar ook niet naïef over zijn. Er is wel een trend van klanten die vragen om samen coke te gebruiken, en er zijn seksfeestjes waar erg veel drugs aanwezig zijn.”

Ook geweld vormt een probleem voor sekswerkers. “Af en toe worden ze geconfronteerd met gewelddadige klanten, of iemand die misbruik van hen wil maken”, zegt Jasper. Ook C kreeg daarmee te maken. “Vooral in het begin, toen ik minder wist dan nu. Ik ben ooit aangerand in de Brusselse achterstandswijken. Een klant zei dat hij alleen kwam, maar plots stonden ze daar met een hele groep mannen. In Charleroi ben ik er een keer aan kunnen ontsnappen. Sindsdien ben ik sterker en voorzichtiger geworden.”

“Soms word je ook gebeld met het nieuws dat iemand in elkaar werd geslagen.”

Jasper legt uit dat het voor hulpverleners niet gemakkelijk is om daarmee om te gaan. “Zeker in de eerste jaren dat ik bij Boysproject werkte, vond ik dat erg moeilijk. Je hebt dan de hele avond met die gasten gepraat, samen gekookt, gedanst en gezongen, en dat was supertof. Maar dan lig je ’s nachts thuis in je bed en denk je aan hoe zij de hele nacht klanten aan het zoeken zijn en weet ik veel waar terechtkomen. Soms word je ook gebeld met het nieuws dat iemand in elkaar werd geslagen.”

Hoe kunnen sekswerkers hun beroep dan op een veiligere manier uitvoeren? “Wat zou helpen, is dat prostitutie uit de juridische schemerzone gehaald wordt en dat er een duidelijk statuut voor sekswerkers komt. Dat zij ook rechten hebben, en ook sociale bescherming krijgen. Dat zou heel veel mensen uit de marginaliteit trekken. Momenteel bestaat er in België op federaal niveau weinig regelgeving, waardoor lokale besturen veel macht krijgen. In Antwerpen is er een soort gedoogbeleid waarbij prostitutie in bepaalde zones wordt aanvaard en hulpverleners aandacht en middelen krijgen.” C is ervan overtuigd dat sekswerk als beroep erkend moet worden. “Als ik bij een klant ben en er gebeurt iets, kan ik moeilijk naar een ombudsman gaan. Dat is allemaal mijn eigen verantwoordelijkheid.”

“Sekswerk eist zeker zijn tol,” besluit Jasper. “Na jarenlang als sekswerker aan de slag te zijn geweest, hebben sekswerkers vaak plots minder succes. Dan hebben ze weinig of geen werkervaring in een andere sector en weten ze niet waarheen. Vaak hebben ze dan ook niet al te veel spaargeld, want wat ze verdienden met sekswerk is zwart geld en wordt snel weer uitgegeven. Als mannen aangeven dat ze ermee willen ophouden, proberen we hen zo goed mogelijk te begeleiden bij het zoeken naar een nieuwe job. Maar dat is vaak op lange termijn, en de verleiding om dan een aanbieding van een klant aan te nemen is groot. Er zijn zeker wel succesverhalen, maar het vergt tijd.” C is momenteel aan het minderen en wil op korte termijn graag volledig stoppen. “Ik ben bezig met mijn droom waar te maken om een dansschool te openen.”

Foto’s: Istock

Plaats zelf een reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.

Jaarabonnement

Zonder jou geen Charlie!

Kom bij de club en krijg: 2 bookzines, Charlie goodies en toegang tot alle online artikels.

En het allerbelangrijkste: de wetenschap dat je bijdraagt aan een stem die nodig is.

Zonder jou, geen Charlie!

Er is meer dan ooit nood aan eerlijke verhalen en het geloof dat we dingen kunnen veranderen. Hell yeah. Word een Charlie en maak ons magazine mee mogelijk.

Ik word lid!

Colofon

  • Hoofdredactie Jozefien Daelemans
  • Chef redactie Selma Franssen
  • Marketing & partnerships Sophie Docx
  • Art Direction & fotografie Sarah van Looy Carmen de Vos Sandra Mermans
  • Design & code Birdseye design
Adres Redactie

LDV United
t.a.v. Charlie Magazine
Rijnkaai 100
2000 Antwerpen