uitgetest

Glossy leven voor even

Onze hoofdredactrice testte een week lang alle mode- en beautytips uit de glossybladen

Glossy leven voor even
Deze reportage werd eerder gepubliceerd in bookzine 7

Een week lang leven zoals de glossybladen voorschrijven, heb je daar wat bij te winnen? Hoofdredactrice Jozefien Daelemans droeg de laatste modetrends uit Vogue, smeerde make-up alsof haar leven ervan afhing en las alle tips uit de rubrieken lifestyle en actua. Een verslag. Foto’s Chen Vandeput

Don’t read beauty magazines, they will only make you feel ugly.’ Filmregisseur Baz Luhrmann zei het en ik volgde zijn advies. Ik liet de picture perfect plaatjes en betuttelende praatjes links liggen en maakte uiteindelijk mijn eigen magazine, dat je nu aan het lezen bent. Overigens: iedereen doet ­natuurlijk wat zij/hij wil, en er werken leuke mensen voor die bladen, daar twijfel ik niet aan. Maar ik weet ook hoe voorspelbaar meer van hetzelfde ze vaak brengen en hoe weinig ze zich bewust zijn van de impact van hun beelden. Ik stond dus nogal weigerachtig tegenover een stapel damesbladen vol beautytips en lifestyle­advies lezen en uitproberen.

Als ik de titels op de covers geloof, zal ik gezonder, gelukkiger, modieuzer en rijker worden.

Aan de andere kant wilde ik weten of er de afgelopen tien jaar niks veranderd is. Tegenwoordig is ‘diversiteit’ hét modewoord bij uitstek en vieren meisjes hun curves op Instagram en in modecampagnes. Heeft dat zich vertaald naar de damesbladen? Bovendien ben ik nu tien jaar ouder en wijzer. Misschien kan ik al dat moois vandaag wél relativeren. Want ligt het voor een deel niet aan jezelf als je onzeker wordt van iemand die mooier is dan jij?

There’s only one way to find out. Dus trek ik naar de krantenwinkel en ga rechtsreeks naar het rek waar volmaakte vrouwen me vanop de covers aanstaren, hun slanke gemanicuurde vingers voorzichtig hun kin betastend. ‘Kijk naar ons,’ lijken ze te zeggen. ‘Like us. Love us. Be us.’ Mijn buit bestaat uit een Glamour, een Cosmopolitan, twee Marie Claires, een Vogue, een Grazia, twee Elles en een Fabulous Mama.

HET EXPERIMENT

Het plan is om gedurende een week de tips te volgen die me een betere ik beloven. Als ik de titels op de covers geloof, zal ik immers een modieuzer (‘Creëer je eigen stijl met 59 tips van Cosmo’s Style Squad!’), gezonder (dankzij Healthy & Happy, Vogues ­ultieme Spa Guide), gelukkiger (‘Laugh more, worry less!’), échter (‘Be real!’) en zelfs rijker (‘Think rich, even when you’re broke!’) mens worden.

Een glossy (het woord komt van de glimmende kaft die zo’n magazine meestal heeft) is meestal ingedeeld in vier hoofdstukken: fashion, beauty, ­lifestyle en actua. Ik probeer in elk thema een paar tips uit. Omdat ik toevallig een aantal ­modespecials heb gekocht, begin ik met fashion.

FASHION

De items die ik dit seizoen MOET dragen, lees ik. ‘Boodschappenlijst’ vermeldt Elle erbij, en ze vertellen er ook bij in welke kledingstukken je niet meer gezien wil worden. Dat zijn dan de kledingstukken die je vorig jaar in je kledingkast MOEST hebben. Gelukkig hoef ik niets weg te gooien, want een oversized dubbel D-Bril en een jeans waar gaten van 30 cm uit geknipt zijn heb ik nooit gehad. Oef!

Maar voorlopig bezit ik ook geen enkel item van de “kick-offs van het nieuwe seizoen” zoals kitten heels (hele kleine hakjes), een double-breasted powersuit of transparant plastieken regenjas. Ik kijk even naar de prijskaartjes en krijg een halve hartaanval. Voor ik me in armoede stort, wil ik eerst een paar dingen uitproberen.

“Om een of andere reden zie ik er niet zo zelfzeker uit als het hippe meisje op de foto.”

Zoals een HEEL ERG GROOT kostuum bijvoorbeeld. Volume is in volgens Vogue en staat voor zelfzekerheid. Ik moet mijn “oversized pak pimpen met een tulband, buideltas en cheerleaderschoenen”. Het prijskaartje van deze outfit zit rond de 5.000 euro, dus ik duik de kleerkast van mijn man in voor het pak. Van collega Soe krijg ik een buideltasje en collega Renaldi versiert mijn sneakers met franjes. Klaar. Om een of andere reden zie ik er niet zo zelfzeker uit als het hippe meisje op de foto. Bovendien vraag ik me af of het geen cultural appropriation is als ik als bleekscheet een tulband draag.

Niet alles is voor iedereen, maar ik geef niet op en waag me aan de tweede trend: die van de transparante plastic regenjassen, -kapjes en -laarzen. Omdat ik geen Chanel kan betalen, koop ik bij Hema een quasi identiek regenkapje voor 3,99 euro. Op het model ziet het er heel lieflijk en zelfs een ­beetje sexy uit. Op mij… not so much.

“De meeste trends vallen eleganter uit op een twintigjarig model met maat XS dan op een veertigjarige vrouw met een L.

Derde keer, goede keer. Ik zie in magazines de jeanstrend opduiken, waarbij je je van kop tot teen in denim hult. Dat lijkt me wel stoer en vooral handiger dan de trend van doorkijkjurkes met franjes. Je kan in zo’n jeanspak zelfs je been lekker in de lucht gooien. Kuch. Tenminste, als je lenig genoeg bent.

Ik heb het begrepen. De meeste trends vallen eleganter uit op een twintigjarig model met maat XS dan op een bijna veertigjarige vrouw met een L. Dus ik laat de laatste mode even aan mij voorbijgaan en lees in Cosmopolitan hoe je je eigen stijl kan ontwikkelen.

Met de minimasterclass van het Cosmo-team gaat het vanzelf, beloven ze. In de meeste tips kan ik me vinden: blijf jezelf, ken je figuur, ga voor tijdloze basics en vind de kleuren die bij jou passen. Goed advies dat ik zelf al jaren probeer toe te passen.

Cosmo gaat nog een stapje verder: maak een moodboard op Pinterest en kies twee kernwoorden die jou ­definiëren. Neem dat moodboard mee als je gaat shoppen. Dat doe je best alleen, want ‘als je serieus op jacht bent, kan je geen pottenkijkers gebruiken’. Ik vraag me af wanneer ik hier tijd voor moet maken. Ik ben al blij als er elke dag vers brood in huis is. Van dat moodboard komt dus niet veel terecht.

“Omdat ik geen Chanel kan betalen, koop ik bij Hema een quasi identiek regenkapje voor 3,99 euro.”

Beauty

Genoeg mode, over naar beauty. Nu moet je weten: ik draag bijna nooit ­make-up. Ik heb een gevoelige huid en verdraag geen producten op mijn gezicht en rond mijn ogen. Af en toe maak ik een uitzondering, voor een avondje uit of een belangrijke meeting.

Dat ik geen talent heb ontwikkeld voor het perfecte lijntje boven mijn ogen, speelt gelukkig geen rol bij de eerste beautytrend die ik tegenkom: ‘Het hoeft niet netjes,’ vertelt Vogue. In 2018 zijn sticky lashes the way to go. Dat ziet eruit alsof je met een bibberhand zes keer met een oude mascara over je wimpers bent gegaan en er overal brokjes zijn blijven hangen. Als Vogue het zegt, zal het wel hot zijn, dus ik probeer het uit. De volgende dag zijn mijn ogen nog steeds rood en opgezwollen van alle troep. Ik zie er meteen tien jaar ouder oud. Felle kleurtjes zijn ook in de mode dit seizoen, dus vraag ik collega Renaldi of ze eens wil losgaan op mijn gezicht met een palet fluo oogschaduwtjes en knallende nagellak. Het meisje op de foto ziet er erg glamoureus uit, maar ik voel me net een clown in de regen op een kinderfeestje (zie foto boven).

“Sticky lashes zijn the way to go. Dat ziet eruit alsof je met een bibberhand zes keer met een oude mascara over je wimpers bent gegaan en er overal brokjes zijn blijven hangen.”

In Glamour vind ik een overzicht van The best of beauty. Ik beperk me tot de categorie ‘de basics’. Een goede dagcrème en een potloodje om puistjes te camoufleren zou je denken, maar ho maar.

Voor een basic look, zonder oogschaduw of lippenstift, heb je zeven verschillende producten nodig: een primer (ik dacht dat dit iets was voor je muren), een gekleurde dagcrème, blush, highlighter (“geeft je dezelfde zachte gloed als kaarslicht”), een contour kit om diepte in je gezicht te krijgen (heb ik al door de kringen onder mijn ogen), poeder (want je wilt niet glanzen) en concealer (waarmee ik die wallen onder mijn ogen dus moet wegwerken). Als ik alles optel, kom ik aan een bedrag van 275 euro. En dan heb ik nog niet de producten geteld die ik nodig heb om al die troep van mijn gezicht te wassen. Die vind ik op de volgende bladzijde. Mijn bankrekening zegt nee, dus ik ga gauw over naar het volgende hoofdstuk.

Lifestyle

Het leven van een vrouw draait gelukkig niet enkel rond mode en make-up. We hebben dingen te doen en willen ons leven zo leuk mogelijk inrichten. In de rubriek lifestyle vind ik tips voor ideale verwenweekendjes die ik nooit kan betalen (dichter bij jezelf komen in een wellness met lokale healers en psychotherapeuten in Mexico, iemand?) en de laatste nieuwe foods & drinks, zoals gouden melk en probiotische friet (zoals yoghurt, maar dan iets met kokos en kimchi).

Bedankt, maar liever niet. Ik ga verder naar de meer praktische tips en kom in Cosmo een artikel tegen dat me beter wil leren omgaan met geld. Redactrice Sophie (27) gaat op financieel dieet en deelt haar tips met de lezers. Handig!

“Voor eten en vervoer moet Sophie zich houden aan 110 euro per week. Als dit haar dieet is, vraag ik me af wat ze normaal uitgeeft.”

Voor eten en vervoer moet Sophie zich houden aan 110 euro per week (40 euro in de week en 70 euro in het weekend). Als dit haar dieet is, vraag ik me af wat ze dan normaal uitgeeft. Haar tips om geld te besparen, doen vermoeden dat ze de waarde van geld nooit echt heeft gekend: neem de bus of de fiets naar je werk in plaats van de taxi, maak je eigen lunch in plaats van naar de deli om de hoek te gaan en maak avondeten van de restjes in je koelkast.

Allemaal dingen die ik (en andere normale mensen) al jaren doe. Op het einde van de week heb ik amper 97 euro uitgegeven, waarvan het grootste deel naar boodschappen ging waarmee ik een heel gezin moest voeden. Een tijdje geleden probeerde een politica een week te leven met 60 euro, het weekbudget waar één op de drie Brusselaars mee moet rond zien te komen.

Heeft niemand op de redactie zich vragen gesteld bij de realiteitszin van dit artikel of het loonbriefje van haar lezers? Of is dit een vertaald stuk uit de Amerikaanse Cosmo? Ik ben geslaagd voor het financieel dieet, maar heb niet echt iets bijgeleerd.

actua

Een beetje inhoud, daar ben ik wel aan toe. En die vind ik in de meeste magazines. Van reportages over #MeToo en feminisme in Rwanda tot relatieadvies en datingtips, het ene magazine heeft al wat meer diepgang dan het andere. Aangezien ik al getrouwd ben, laat ik stukken als ‘Met deze tips valt hij als een blok voor je aan me voorbijgaan.

“Ik moet een clubje oprichten met mensen met wie je afspreekt dat je altijd elkaars foto’s liket, zodat je je nooit meer moet schamen.”

Ik ga voor de carrièretips. En daarbij heb ik Instagram nodig, vertelt Marie Claire me, “want volgers en likes zijn geld waard”. Ik leer dat ik me suf moet liken en commenten, dat “narcisme helemaal 2018 is” en dat ik “live moet gaan als ik op een vette locatie ben”. Ik moet ook een clubje oprichten met vijftien mensen met wie je afspreekt dat je altijd elkaars foto’s liket, zodat je je nooit meer moet schamen voor je negen likes op een foto. Als ik dit voorstel aan mijn vriendinnen en collega’s, lachen ze me vierkant uit. Ik neem wél een extra selfie en inderdaad, de likes volgen vlot. Dat ik er op die selfie opzettelijk met een uitgestreken gezicht opsta, heeft er misschien ook iets mee te maken. Alles voor de job.

Tien pagina’s verder lees ik in een andere reportage dat ik net moet ­afkicken van mijn smartphone. Dat ik eens moet proberen om vijftien minuten naar een fontein te staren zonder er een foto voor Instagram van te maken. Ik ben een beetje in de war, maar ook opgelucht. Dat influencerleventje was niks voor mij.

Een week later

Na een weekje tips lezen en uitproberen, heb ik niet het gevoel dat mijn leven beter is. Ik heb mijn huid gepijnigd met te veel make-up. Mijn zelfbeeld is een pak lager door die malle mode-­outfits waarin ik eruitzag als een vormeloos hoopje vrouw. En door al die foto’s van slanke, rijke elfjes, voel ik me een dikke, marginale trol. Hier en daar heb ik iets zinvols gelezen, bijvoorbeeld dat je fitnesscoaches op Instagram niet allemaal moet geloven en dat je zelf nooit doktertje moet spelen als je ­gênante klachten hebt. Maar ik blijf toch wat op mijn honger zitten. Misschien ook omdat er amper carbs te vinden waren in de receptenrubriek.

schizofrenie

Opvallend: de meeste bladenmakers zijn schizofreen. In Glamour lees ik eerst een reportage over onrealistische schoonheidsidealen. De mode-industrie moet drastisch ­veranderen, wordt er gezegd, en modeontwerpers en magazines moeten streven naar een ‘gezonder’ schoonheidsideaal in plaats van maat 34. JA! denk ik hoopvol. De kwartjes beginnen te vallen. Een paar pagina’s verder lees ik onder de letter D in het modealfabet dat Diversiteit ‘in’ is en curvy modellen gezien mogen worden. HOERA wederom! Maar wanneer ik het ganse magazine doorblader, tel ik welgeteld drie foto’s van vrouwen die maat 40 of meer hebben. Drie.

Ook las ik vaak boodschappen als: “Blijf jezelf,” “Zoek je eigen stijl” en “Kies de dingen die jou passen.” Of: “Verbeter je leven met minimalisme.” Om daarna overspoeld worden met de laatste modetips en must-haves. Shoppen, shoppen, shoppen tot je er scheel van gaat kijken.

“Je kan in zo’n jeanspak zelfs je been lekker in de lucht gooien. Kuch. Tenminste, als je lenig genoeg bent.”

In Grazia lees ik over een campagne die de gigantische verspilling in de mode-industrie wil aankaarten. 30% van alle geproduceerde kleding wordt immers nooit gedragen en belandt op de vuilnisbelt. Dan volgt een leuke reportage over feelgood fashion, eerlijke mode gemaakt met respect voor mens en milieu. “Voor elk feestje een nieuwe jurk, waar komt dat idee eigenlijk vandaan?” vraagt een van de expertes zich terecht af. Wel, ik heb zo een idee …

Er is de afgelopen tien jaar wel wat verbeterd. Ik zie meer verschillende etniciteiten bij de modellen en duurzaamheid is hier en daar een topic. Maar in de meeste gevallen lijkt het alsof ze ergens het licht wel hebben gezien, maar nog niet goed weten waar de schakelaar zit. Ze lijken blind voor hun eigen aandeel in de problemen waarvoor ze oplossingen aanbieden. Als je het écht meent met het verbeteren van het zelfbeeld van je lezers, neem je diversiteit serieus en stop je het niet in het hokje van leuke seizoenstrend. Diversiteit is immers realiteit. 95% van de lezers heeft niet het uiterlijk van de mensen die ze in zo’n glossy zien.

Wie mooi wil zijn…

Ook de prijskaartjes zijn niet echt veranderd. Ik voelde me de afgelopen week de grootste krabber ter wereld. Ik vraag me af wie er wél een handtas van 600 euro, wellness weekendjes van 750 euro of een jurk van bijna 1.000 euro kan betalen. Voor wie worden deze magazines gemaakt? Voor het handjevol hippe kinderen van een rijke elite? Of voor oudere en welgestelde zakenvrouwen die graag naar plaatjes kijken van meisjes die de leeftijd van hun dochters hebben?

Misschien heb ik nog het meeste moeite met de dubbelzinnigheid en hypocrisie. Dat ik in een interview met een loeiknappe en retestrakke actrice moet lezen dat wij vrouwen allemaal wat milder voor onszelf moeten zijn en niet zo jaloers op wat de ander heeft. Ze heeft natuurlijk gelijk. Maar jij hebt makkelijk praten, denk ik ook.

“Flikker toch op met je ge-fabulous denk ik.”

Natuurlijk moeten we blij zijn met wat we hebben en vrede nemen met onze eigen imperfectie. Maar hoe gemakkelijk is dat wanneer je keer op keer de boodschap hoort dat het altijd mooier, beter en strakker kan en moet? Wanneer je op een subtiele manier ingefluisterd (of eerder getoeterd) krijgt dat je uiterlijk als vrouw je belangrijkste troef is en je kosten noch moeite moet sparen om de perfecte looks te bereiken? Of wanneer je jezelf bijna nooit herkent in magazines die zogezegd voor jou gemaakt zijn?

Ik dwaal af. Ik doorblader het laatste blad van de stapel. If it doesn’t make you fabulous, don’t do it, don’t buy it, don’t keep it, raadt Fabulous Mama me aan. Flikker toch op met je ge-fabulous denk ik. Ik trek mijn joggingbroek aan, smeer een boterham met pindakaas en ga met een goed boek in de zetel zitten. De komende tien jaar geen glossy’s meer voor mij.

Deze reportage verscheen in 2018 in bookzine 7, het ‘Losernummer’, te koop in onze webshop.
Foto’s: Chen Vandeput

Schrijf je reactie

1 reactie
  • Hannelore says:

    Hell yeah!
    Ik lees al jaren geen van de ‘standaard’, naar vrouwen gerichte magazines meer. Op pagina 3 vind je afslanktips en op pagina 10 het lekkerste, chocolade dessert. Natural beauty rocks, maar vergeet vooral niet deze zalfjes op je kop te smeren. Het is allemaal volkomen absurd.

Jozefien was in een vorig leven art-director bij de vrouwenbladen en is nu kapitein van het Charlie-schip. Haar stokpaardjes zijn gendergelijkheid, beeldvorming in de media en het opvoeden van twee luidruchtige jongens.

Lees verder in Lijf

Zonder jou geen Charlie!

Kom bij de leukste club van het internet en krijg:

  • 2 bookzines per jaar, Charlie goodies en toegang tot alle online artikels.
  • En het allerbelangrijkste: de wetenschap dat je bijdraagt aan een stem die nodig is!

Ik word lid!

50
Vrienden van Charlie

Ook Charlie friend worden? Stuur een mail voor info naar sophie@charliemag.be

Colofon

  • Hoofdredactie Jozefien Daelemans
  • Chef redactie Selma Franssen
  • Marketing & partnerships Sophie Docx
  • Art Direction & fotografie Sarah van Looy Carmen de Vos Sandra Mermans
  • Design & code Birdseye design
Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen