vervolgverhaal

Soberheid focust op wat belangrijk is

Soberheid focust op wat belangrijk is

Davy en Sophie verhuisden drie jaar geleden naar Portugal. Ze kochten een verlaten quinta die ze met moderne, groene technieken willen renoveren en werken iedere dag aan dat fragiele evenwicht tussen eigen waarden en het overdonderende leven zelf. Tekst en foto’s: Sophie Siersack

We willen zelfvoorzienend leven. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Véél gemakkelijker. Alles waar we ons mee identificeerden, valt op het Portugese platteland volledig weg. En verder: gewoontes veranderen komt neer op identiteit veranderen. En nadenken over identiteit deed ons nadenken over waarden en prioriteiten. Dat was moeilijker dan vaarwel zeggen tegen onze favoriete koffiebars, en de producten die we al ons hele leven kopen. Producten waar we ons mee identificeren. Alles hangt aan elkaar.

“Groenten kweken is een kwestie van willen leren en backpacken kan je ook in eigen land, toch?”

Ik zei vaak tegen Davy dat ik géén groene vingers heb. Zo zag ik mezelf. Wat natuurlijk dom is als je net twee hectare grond kocht om er een moestuin van te maken. Ik zei ook dat ik een backpacker ben die verre reizen nodig heeft om haar batterij op te laden. Tja, dat wordt lastig als het waardevol voor je is om je ecologische voetdruk drastisch te verlagen.
Maar ben ik echt een backpacker die geen bloemen en planten kan bewaren? Groenten kweken is een kwestie van willen leren en backpacken kan je ook in eigen land, toch?

Deze vragen kwamen bovenop een nieuwe taal leren, het vochtige klimaat trotseren, en de Portugese mentaliteit ontcijferen. Daar stonden we veel te weinig bij stil toen we met veel toeters en bellen naar het buitenland verhuisden. Groot gevolg: we kwamen onszelf wel minstens één keer per week tegen.

“Backpacken kan je ook in eigen land, toch?”

Eigen mest eerst

De eerste keer dat ik het woord zelfvoorzienend las was in een boekje van Zweedse schrijfster en filmproducent Helena Norberg-Hodge over de oude cultuur in Ladakh. De bevolking bestond vooral uit zelfvoorzienende boeren die in kleine nederzettingen woonden. De grootte van een dorp hing af van het beschikbare water dat uit de bergen vloeide en de mensen leefden er volgens de seizoenen. Een gezin bezat gemiddeld vijf hectare grond; ongeveer één per persoon. Meer land bezitten had weinig nut want dat konden ze niet bewerken. Het land werd er trouwens niet in hectare gemeten maar in de tijd die je erover deed om het te ploegen: één dag, twee dagen…

Dieren waren de economische zwaargewichten die het gezin van transport, arbeid, kledij, voeding en mest voorzagen. Ook de eigen mest ging niet verloren en werd doorheen het jaar gemengd met aarde en as. Zelfs het afwaswater ging naar de dieren. Er werd niets zomaar weggegooid en afval werd gerecupereerd. Voor een kind van de industriële monocultuur die deze eeuwenoude kennis langzaam wurgt, was deze ‘etnische’ cultuur letterlijk duizenden kilometer van mijn bed. Mijn cultuur was de ‘normale’ cultuur.

Wat is dat, normaal?

Daar proberen we nu verandering in te brengen door deze ‘normale’ identiteit om te zetten in nieuwe, constructieve gewoontes. We willen minder willen, lokaler kopen, volgens het seizoen eten, plastic vermijden en simpelweg tevreden zijn met wat er is; het zijn allemaal kleine stapjes die naar een zelfvoorzienend, puur leven leiden.

“Mijn haar wassen met een stuk zeep: normaal. Vijftien blaadjes laurier in een plastic verpakking? Dat is abnormaal.”

We bijten heel hard op onze tanden, er steeds op lettend dat we geen excuses verzinnen om eens goed te gaan shoppen (met een vrij leeg huis, is dat heel verleidelijk) of om toch naar de supermarkt te gaan (want dat is goedkoper en gemakkelijker). Tot het weigeren van plastic verpakkingen, food delivery en gratis producten gemakkelijker werd, net zoals verminderen, hergebruiken, composteren of recyclen.

Onze op maat gemaakte levensstijl werd normaal. Als Davy geen hout hakt, is het ijskoud in huis of als ik geen seitan maak, hebben we geen vleesvervanger. Dat is normaal. We trekken samen vaker de bergen in in plaats van de stad of we maken iets persoonlijk als geschenk. Dat is normaal. Mijn haar wassen met een stuk zeep: normaal. We weigeren beton tijdens de renovatie dus ons huis zal pas een paar jaar later af zijn. Dat is oké. Vijftien blaadjes laurier in een plastic verpakking? Dat is abnormaal. Net zoals tussen de smog leven. En zou het ook niet logischer zijn om bespoten groenten onbiologisch te noemen in plaats van pure groenten biologisch?

Het duurde drie jaar om alles om te keren. En we zijn er nog niet. Het kan altijd beter, maar we leerden ook om niet te streng te zijn voor onszelf.

“Mijn haar wassen met een stuk zeep: normaal.”

Contra-intuïtief

Vanaf dat die routine aanwezig was, werd het leven goedkoper. We kopen nog amper cadeaus tenzij een fles wijn of een boek, eten seizoensgroenten of kweken ze zelf, en laten ons (haast) niet meer door trends en kortingen vangen. Zeep, gezond eten en veel water drinken vervangen dure beautyproducten. Onze agenda zit niet volgepland en we durven al eens nee zeggen tegen het ‘yolo’-leven. Onze laatste grote reis is al vier jaar geleden. We leven van één loon en dat lukt aardig.

Die levensstijl zorgt ervoor dat we meer tijd voor onszelf hebben. Dat klinkt contra-intuïtief omdat we veel zelf doen, maar dat is het niet. Net zoals we vroeger dachten tijd te besparen door extra keukenapparaten, een extra wagen, elk een iPhone, apps, abonnementen, weekendjes weg, enzovoort te kopen. We hadden eigenlijk steeds minder tijd door steeds meer dingen te moeten kunnen betalen. Zwaar werken en zwaar ontspannen, het moet niet meer.

Dat klinkt saai, maar integendeel: onszelf kunnen ontplooien, weten wat we willen en niet willen, en ons lichaam kennen zorgt ervoor dat we meer uit het leven kunnen halen. Yolo, krijgt ineens een andere, ruimere betekenis: het is de overdaad die je afleidt en de soberheid die je gefocust houdt op wat belangrijk is. Dat is wellicht nog het belangrijkste inzicht dat dit nieuwe leven ons gaf.

Lees hier het hele verhaal van de reis van Sophie en Davy, of volg Sophie op Instagram.

Schrijf je reactie

Sophie Siersack is columniste en brengt volgend jaar in Vlaanderen haar debuutroman uit. De zoektocht naar vrijheid, simplicity en eigen waarden is haar favoriete thema. Ze woont met haar man op een boerderij in Portugal en probeert nog elke dag groene vingers ‘te kweken’. Sophie weigert plastic in huis, is al twee jaar aan het ontspullen en houdt van lekker vegetarisch koken voor een hele hoop vrienden. Af en toe doet ze gezonde en zero waste catering op yoga retreats en feesten. Niet altijd voor het geld maar ook in ruil voor yogalessen, levenswijsheid, financieel advies, of ieder ander talent waarmee geruild kan worden.

Lees verder in Mensen

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen