Samenwerking

“We moeten bij meisjes interesse voor STEM opwekken, maar de keuze moet vrij blijven”

Stephanie Van Baelen is Process and Project Engineer bij Atlas Copco

“We moeten bij meisjes interesse voor STEM opwekken, maar de keuze moet vrij blijven”

Als marktleider in een zeer technische omgeving wil Atlas Copco haar maatschappelijke rol opnemen door de instroom van vrouwen en de doorstroom naar hogere managementfuncties te bevorderen. In deze zesdelige reeks wil Atlas Copco hun technologie in mensentaal voorstellen om zo breder toegankelijk te maken en vrouwelijke rolmodellen in de spotlight zetten die inspirerend kunnen zijn voor andere jonge vrouwen met ambities in de wetenschappen. Vandaag: Stephanie Van Baelen, Process and Project Engineer bij Atlas Copco. Foto’s: Sarah Van Looy

Stephanie was nog niet goed en wel afgestudeerd of ze kon al aan de slag bij Atlas Copco. Als Process and Project Engineer schiet zij in actie wanneer er machineproblemen opduiken en ontwikkelt ze manieren om het productieproces te automatiseren.

Hoe zag jouw studieloopbaan eruit?
“Ik heb eerst een half jaar burgerlijk ingenieur-architect gestudeerd, maar daar stond het teamaspect niet zo voorop. Omdat ik dat toch belangrijk vond, ben ik omgeschakeld naar de algemene opleiding burgerlijk ingenieur. Daarna heb ik me gespecialiseerd in werktuigkunde en manufacturing. Daarin leer je alles wat met productie en automatisering te maken heeft. Kortom: hoe maak je nu precies iets?

“Het idee om mensen te kunnen verder helpen met een nieuwe technologie sprak mij echt aan.”

Mijn thesis ging over 3D-printen, meer bepaald Selective Laser Melting voor botimplantaten. Dat was puur onderzoek, want in de praktijk werd dit nog niet gedaan. Wij zochten specifiek naar machine-instellingen waarbij NiTi de gewenste eigenschappen bereikte om gebruikt te worden als botimplantaat. Het idee om mensen te kunnen verder helpen met een nieuwe technologie sprak mij echt aan.

Ik heb een heel brede interesse, dus een studiekeuze maken was niet simpel. Ik heb zelfs psychologie overwogen. De interesse in wetenschappen en wiskunde was er wel van jongs af aan. En omdat ik al vertrouwd was met de praktische kant van techniek – ik ging vroeger wel eens mee met mijn ouders naar de opendeurdag van de technische school in Mol waar je dan bijvoorbeeld een printplaatje kon solderen- was het niet zo’n grote stap om voor ingenieur te gaan in plaats van voor een theoretische, wetenschappelijke richting.”

Heb je nu voornamelijk mannelijke collega’s?
“Klopt. Bij andere afdelingen zoals assembly en aankoop werken er meer vrouwen. Ik was tot voor kort de enige vrouw op mijn dienst, maar recent is er een tweede vrouwelijke collega op onze afdeling.”

Vind je het belangrijk dat er meer vrouwen in STEM terecht komen?
“Ik denk dat je vooral moet doen wat je interessant vindt, maar het is wel belangrijk dat STEM wordt aangereikt aan meisjes. Toen ik nog studeerde, heb ik twee keer een techniekkamp begeleid en daar zaten voornamelijk jongens. Want, wat deden we daar? Treintjes programmeren. Dat spreekt natuurlijk meer jongens aan. Ik vind het dus wel de moeite om zo’n dingen wat breder te trekken. 3D-printen lijkt me daar heel geschikt voor, je kan er bijvoorbeeld ook juwelen mee printen. Maar ik blijf het belangrijk vinden dat dit dingen zijn die interesse moeten opwekken, en dat de keuze vrij moet blijven.

“Ineens krijg je een massa code te zien, verschillende tools die tegelijk het stuk bewerken, die robot… Dat was heel intens.”

Vorig schooljaar heb ik een half jaar les gegeven in wiskunde en wetenschappen aan tweedekansstudenten, mensen die op volwassen leeftijd hun middelbaar diploma nog willen halen. Dat was in het begin niet evident, want mijn enthousiasme voor wiskunde en wetenschappen werd niet altijd gedeeld (lacht). Uitzoeken hoe je bepaalde zaken aanbrengt op een boeiende en laagdrempelige manier, heb ik echt moeten leren. En ongetwijfeld kan ik hier nog enorm veel in bijleren.”

Je bent in dit bedrijf binnengekomen nog voor je officieel was afgestudeerd. Hoe snel is dat?
“Ik was al in april komen solliciteren. Er was een evenement van Atlas Copco waarbij je kon komen kijken op de productieafdeling en dat was een dikke meevaller. Ik heb me meteen ingeschreven voor sollicitatie. Ik vond Atlas Copco een mooi bedrijf en de sfeer beviel me ook meteen. Ik wist op een of andere manier ‘ja, hier wil ik werken’. Een paar weken na mijn eerste sollicitatie was ik aangenomen.

In de eerste maanden was het even zoeken naar hoe alles in elkaar zit. Hoe een flow van begin naar einde loopt, en welke stappen een bepaald onderdeel moet doorlopen voor het volledig is afgewerkt en kan uitgeleverd worden naar de assemblage. Je krijgt zoveel informatie binnen. Ineens krijg je ook een massa code te zien, verschillende tools die tegelijk het stuk bewerken, die robot die daartussen staat… Dat was heel intens. Maar ik kreeg gelukkig een peter en daar heb ik veel van geleerd. Zo kan je je geleidelijk in je job inwerken. Nu ben ik zelf meter en dat vind ik erg leuk. Ik leer ook veel van mijn metekind. Die kruisbestuiving komt van twee kanten.”

Hoe gaat jouw job eruit zien over tien jaar? Is het mogelijk dat de menselijke factor helemaal uit het productieproces wordt gehaald?
“Dat is een moeilijke vraag. Ik denk dat we er vooral naar streven om bepaalde taken te verlichten voor mensen. Sommige taken zijn bijvoorbeeld erg fysiek belastend. Maar we willen mensen ook flexibeler kunnen inzetten, zodat ze meer afwisseling kunnen krijgen in hun job. Zo kom je tot een efficiënter bedrijf. Dat lijkt me een realistische en wenselijke toekomstvisie.

We zijn nu ook bezig met artificial intelligence en deep learning. Dat is heel interessant. Neem nu bijvoorbeeld onderdelen die binnen komen. Die zien er min of meer hetzelfde uit, maar misschien is het ene onderdeel een klein beetje anders van kleur. Misschien schijnt de zon op een onderdeel, of is het net wat donkerder op de plek waar dat onderdeel ligt. Standaard visie-software kan met dergelijke omgevingsinvloeden moeilijk overweg. Met deep learning kunnen we het herkenningsalgoritme aanzienlijk verbeteren. Dat betekent dat er geen mensen meer moeten tussenkomen en zij dus tijd vrij hebben voor boeiendere taken. Een onderdeel van het ene bakje naar het andere verleggen is immers niet bepaald het meest uitdagend werk.”

“AI inzetten en denken, ‘we zien wel’, lijkt me niet verstandig.”

Er zijn een aantal prominente wetenschappers en technologiegiganten die waarschuwen voor de gevaren van artificial intelligence: Stephen Hawking, Elon Musk, de stichters van Google… Zij zeggen: van zodra we AI beslissingen laten nemen zonder menselijke tussenkomst, wordt het gevaarlijk.
“Dat hangt dat heel erg van de toepassing af. Akkoord dat het in bepaalde domeinen mogelijk gevaarlijk zou kunnen zijn. Stel dat een gewapende robot autonome beslissingen neemt, dan heb je mogelijks een probleem. Achter die robot zit immers geen meer mens meer die ethische beslissingen moet nemen, wat het veel makkelijker maakt om mensen te doden.

Een standaard voorbeeld van die ethische problemen is het trolley problem, een gedachtenexperiment waarbij je moet kiezen of je een op hol geslagen karretje laat rijden over pakweg drie oude vrouwtjes of over een kind. Nu de zelfrijdende auto’s er aan komen, ga je zo’n problemen effectief tegenkomen. Je gaat moeilijke beslissingen in het verkeer overlaten aan een algoritme. Dus ik denk inderdaad dat dit een belangrijk debat is om te voeren. We mogen niet over één nacht ijs gaan. AI inzetten en denken, ‘we zien wel’, lijkt me niet verstandig.”

Als je zelflerende robots hebt, kan je daar nog wel de controle over behouden?
“In ons systeem gaat een algoritme inderdaad bepalen waar een onderdeel ligt. Die coördinaten worden doorgestuurd naar onze robot, maar het is niet zo dat wij op dat moment geen controle meer hebben over de robot. Indien nodig kunnen wij steeds manueel ingrijpen. Ik denk dat het vooral belangrijk is om artificiële intelligentie te gebruiken als ondersteuning en de menselijke controle te behouden.”

Ben je een futuristische optimist wat technologie betreft?
“Ik ben heel optimistisch dat we nieuwe technologieën gaan gebruiken en daar voordeel uit kunnen halen. Als het gaat over vernieuwing heb je altijd extreme voor- en tegenstanders. Moet het daarom tegengehouden worden? Naar mijn mening niet. Als het goed gebruikt wordt, kan technologie ons in een positieve richting duwen.”

Lees hier de volledige reeks over de vrouwen van Atlas Copco.

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Atlas Copco. Atlas Copco is een Zweedse international en wereldleider in machinebouw. Ze leveren industriële productiviteitsoplossingen zoals compressoren, vacuümoplossingen, luchtbehandelingssystemen, apparatuur voor de bouw, industriële gereedschappen en assemblagesystemen. Een heel technische omgeving, dus. De toonaangevende technologie stelt hen in staat te innoveren voor een duurzame toekomst. Ze stellen meer dan 34.000 medewerkers te werk in meer dan 180 landen. Culturele diversiteit alom! Atlas Copco is ervan overtuigd dat gepassioneerde mensen uitzonderlijke dingen kunnen creëren. Ze geloven in het uitdagen van de status quo en gaan steeds op zoek naar een betere manier om dat te doen. Daarnaast vinden ze het belangrijk om de diversiteit op de werkvloer te vergroten. Daarom richtten enkele medewerkers het Pleiades-netwerk op. Dat is een internationaal netwerk met als doel vrouwelijke medewerkers van Atlas Copco te ondersteunen, onder andere in hun doorgroei naar managementfuncties. Door netwerkevents, workshops en een mentorship-programma te organiseren wil de Pleiades vrouwen helpen bij de strategische ontwikkeling van hun carrière binnen het bedrijf.

Schrijf je reactie

Stephanie Dehennin is een freelance illustrator en een onverbeterlijke nieuwsgierigaard. Voor Charlie deelt ze de verborgen verhalen en fascinerende feiten die ze vindt in de catacomben van het internet.

Lees verder in Wereld

Colofon

Adres Redactie

Toko Space t.a.v. Charlie Magazine
Statiestraat 139
2600 Antwerpen